Mijn verhaal: De broer van Charlotte pleegde zelfmoord

Mijn verhaal: De broer van Charlotte pleegde zelfmoord

 

Charlotte (30): “Lennerd is voor mij altijd meer geweest dan een broer. Hij was mijn beste vriend, mijn vertrouwenspersoon. Ik kan de keren niet tellen dat ik hem om raad heb gevraagd, over kleine of grote probleempjes. Enkele maanden voor zijn dood zijn we nog samen op citytrip geweest. Mijn grote broer en ik. Het was fantastisch. Nooit heb ik gemerkt dat hij zorgen had, of ergens over piekerde. Hij leek gewoon gelukkig.

Zijn dood is intussen bijna negen jaar geleden, maar ik kan nog elke minuut van die dag afspelen in mijn hoofd. Ik woonde nog bij mijn ouders en toen ik thuis kwam van mijn werk, trof ik mama helemaal overstuur aan. ‘Er is iets met Lennerd’, zei ze. Met horten en stoten kwam het verhaal eruit. Blijkbaar had papa een sms gekregen van mijn broer. Onmiskenbaar een afscheid. Er stond dat hij veel van ons hield en dat altijd zou blijven doen, maar dat we hem moesten vergeven, dat de druppel was gevallen en hij niet meer kon. Lennerd nam z’n telefoon niet op, en papa was in de auto gesprongen, naar Lennerd thuis, in de hoop hem daar aan te treffen, biddend dat het niet te laat zou zijn. Ik viel uit de lucht, besefte nauwelijks wat ik hoorde. Ging dit echt over mijn broer?

“Ik ben lang kwaad op hem geweest. Hoe kon hij ons zomaar achterlaten met al die vragen, met al dat verdriet?”

De uren nadien leken wel een film. Papa belde dat Lennerd niet thuis was, en ook nog steeds zijn gsm niet opnam. Hij was nu bij de politie – waar Lennerd zelf ook werkte – en ook zij vonden die sms zorgwekkend. Ze hadden net zijn dienst gebeld met de vraag om zijn kluis te controleren, om te checken of zijn dienstwapen er nog lag. Het klonk allemaal zó onheilspellend, en het wachten leek eindeloos te duren. Tot papa ineens weer aan de deur stond. Ik had hem nooit eerder zien huilen, maar nu liepen de tranen over zijn wangen. ‘We gaan hem nooit meer zien’, zei hij alleen maar.

Een politieman had Lennerd gevonden. In de kleedkamer, op de grond, het wapen nog in zijn hand, op zijn telefoon de gemiste oproepen van papa. Wat er op dat moment door me heen ging, is moeilijk te beschrijven. Verbijstering, ongeloof, wanhoop… Dit kón toch niet? Tegelijk met het verdriet kwamen de vragen. Waarom hadden we nooit iets gemerkt? Wat was er door zijn hoofd gegaan? Had hij problemen waar we niets van af wisten? De weken nadien kregen we beetje bij beetje de antwoorden.

Blijkbaar had Lennerd de avond voor zijn dood gedronken en was hij in die toestand tegen geparkeerde wagens aangereden. De politie was erbij gekomen, hij had de hele nacht op het politiekantoor gezeten. Vreesde hij voor zijn carrière? Was dat de druppel waar hij het over had in dat bericht? We kwamen ook te weten dat hij de zelfmoord niet gepland kan hebben. Toen hij ’s ochtends het politiekantoor mocht verlaten, heeft hij gewoon een treinticket naar huis gekocht. Dat hebben ze later in zijn broekzak gevonden. Pas onderweg moet hij zich bedacht hebben. Hij is overgestapt op een andere trein, is naar zijn werk gegaan, en heeft daar zijn wapen uit de kluis genomen. Volgens onze huisarts kan de alcohol hier een rol gespeeld hebben. Mensen die hebben gedronken, kunnen bij het ontnuchteren overvallen worden door een heel negatieve, depressieve stemming. Is dat bij Lennerd ook gebeurd? Later hoorden we ook van zijn vrienden dat hij regelmatig zei dat hij zo graag een gezin wilde, dat het hem veel verdriet deed dat hij de juiste vrouw maar niet tegenkwam. Heeft dat ook meegespeeld? We zullen het allemaal nooit zeker weten.

Ik heb na zijn dood heel diep gezeten. Ik voelde me schuldig. We hadden zo’n goeie band. Hoe kon het dan toch dat ik nooit iets had gemerkt? Had ik meer aandacht voor hem moeten hebben? Voor zijn zorgen en problemen? Had ik hem vaker moeten bellen? Er meer voor hem moeten zijn? Ik ben ook kwaad op hem geweest. Ik zag zoveel mensen die het veel slechter hadden, door armoede, of ziekte. En die vochten wél. Hij was gezond, had een goede job die hij graag deed, een eigen huis… En toch gaf hij op, liet hij ons zomaar achter met al die vragen, met al dat verdriet. Hoe had hij ons dat kunnen aandoen?
Toch heb ik zijn dood uiteindelijk een plaats kunnen geven. Er gaat geen dag voorbij waarop ik niet aan hem denk, en in mijn woonkamer hangt nog steeds een grote foto van onze citytrip destijds. Maar ik besef nu dat het zijn keuze is geweest, en wij die alleen maar kunnen aanvaarden. Al blijven er moeilijke momenten, vooral bij grote gebeurtenissen. Hij was er niet toen ik trouwde, hij was er niet toen mijn dochter werd geboren. Op zulke momenten schiet toch altijd weer diezelfde vraag door mijn hoofd. Waarom?”

Tekst: Evelien Roels. Beeld: Getty Images

Lees ook:

 

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)