Annick
over een atypisch eindejaar
“Nog voor de eerste naalden van de kerstboom vallen, zijn wij vertrokken naar Marokko én Australië”
Annick Ruyts werkte jarenlang voor VRT, nu schrijft ze vooral. Samen met Walter woont ze deels in hartje Brussel en in een Ardens dorpje. Ze heeft twee zonen en een plusdochter.
Het werd een aparte kerst dit jaar. Voor het eerst had Walter geen boom gezet. Dat had weinig zin, want we zouden nauwelijks tijd hebben om ervan te genieten: ons hoofd stond immers al vroeg in december naar ons vertrek naar Marokko én daarna richting Australië.
Maar ook zonder uitbundige versiering was kerstavond heel gezellig. We vierden in Brussel met mama, Leen, Tom en de meisjes. Ze kwamen extra vroeg, zodat Leen zeker nog naar de kerstmarkt kon. Terwijl Walter met hen de drukte in dook, ging ik kerstkoekjes bakken met Odette, uit die prachtige Libelle-koekjesdoos.
Ik tel de dagen af tot ik Artie in Australië en de vriendin van mijn jongste zoon in Marokko mag ontmoeten. Ik ken ze allebei alleen van videocalls
Het versieren werd één grote kliederboel, maar Odette vond het geweldig. Daarna begonnen we vroeg aan het aperitief en deden we een pakjesavond. Ik kreeg allemaal spulletjes om een lange vlucht aangenamer te maken: kleine verzorgingsproductjes, een reiskussen en een minitandpasta. Naar Australië zullen we 28 uur onderweg zijn, dus wat extra comfort in een pakje was meer dan welkom.
Intussen tel ik de dagen af tot ik Artie in Australië en de vriendin van mijn jongste zoon in Marokko mag ontmoeten. Ik ken ze allebei alleen van videocalls. Gezichten op een scherm, stemmen door een luidspreker, nabijheid op afstand. Het idee dat ik hen binnenkort echt zal kunnen zien, vasthouden, ruiken, maakt me licht in het hoofd.
Op mijn computer staat een kalender die de dagen aftelt, alsof hij mijn verlangen meetbaar wil maken. Ik zeg lachend tegen Walter dat hij best nog elke dag naar de kerstmarkt gaat, want zodra we weg zijn, is het gedaan met de winterpret. Dan gaan we in één adem van de kerstbomen naar de palmbomen. Nieuwjaar vieren ze daar waarschijnlijk op het strand, met de zee als achtergrond en vuurwerk in een zachte nacht.
Van vrijheid naar verdriet
Zo keek ik ook naar Australië. Zomer, volle zomer, met temperaturen boven de dertig graden. Ik zag al foto’s van kerstmannen met opgerolde broekspijpen op een surfplank, families die met Nieuwjaar barbecueën op het strand. Het licht, de warmte, de blauwe lucht: ze leken me zo bevrijdend. Al blijft het vreemd om aan een kerstdiner te zitten terwijl buiten de zon brandt.
Maar de gruwelijke gebeurtenissen op Bondi Beach hebben dat beeld bruusk verstoord. Wanneer ik in de dagen erna Claire hoor, vertelt ze me dat iedereen in shock is. “Horrible”, zegt ze. “Zoiets is hier de voorbije dertig jaar niet gebeurd.” Bondi Beach, dat symbool stond voor vrijheid, zomer en zorgeloosheid, is plots een plaats van verdriet geworden. Een plek waar mensen nu bloemen neerleggen in plaats van handdoeken uitspreiden.
Het raakt mij hoe één gebeurtenis alles kan kleuren. Hoe snel het licht kan dimmen, hoe broos gezelligheid eigenlijk is. Wat gisteren nog vanzelfsprekend was, voelt vandaag beladen
Er hangt nu een nationale sfeer van rouw en bezinning rond de feestdagen. Families, gemeenschappen en kerken nemen bewust de tijd om de slachtoffers te herdenken. Momenten van stilte worden ingelast in vieringen die anders licht en uitbundig zouden zijn. Er is ook meer politie zichtbaar, en dat is misschien begrijpelijk en noodzakelijk, maar het heeft het gevoel dat samenkomen onschuldig en zorgeloos zou moeten zijn, ook fundamenteel veranderd.
Het raakt mij hoe één gebeurtenis alles kan kleuren. Hoe snel het licht kan dimmen, hoe broos gezelligheid eigenlijk is. Wat gisteren nog vanzelfsprekend was, voelt vandaag beladen. Dat gevoel sluipt ook bij ons naar binnen. Mensen kijken vaker om zich heen, blijven minder lang hangen op drukke pleinen. Alsof we collectief zijn wakker geschud en dat niets nog helemaal onschuldig is.
En toch blijft dat verlangen. Naar ontmoeten, naar vasthouden, naar samenzijn. Misschien maakt net dát de angst en het verdriet zo scherp: ze botsen met onze diepste behoefte aan nabijheid en warmte. Maar wie weet is het ook dat wat overeind blijft, zelfs na schokkende gebeurtenissen: de koppige wil om te blijven samenkomen, om het leven niet te laten kapen door angst. Om, hoe breekbaar het soms ook is, vast te houden aan wat ons verbindt.
Nog meer columns lezen?
Volg ons op Facebook, Instagram, Pinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nie