Mijn verhaal: Sabine ging fulltime voor haar zieke moeder zorgen

Mijn verhaal: Sabine ging fulltime voor haar zieke moeder zorgen

 

Sabine (47): “Ik had het al een tijdje in de gaten. Soms belde mijn moeder me drie keer per dag, telkens met hetzelfde verhaal. Ook als ik bij haar langsging, was ze vaak verward en afwezig. Dan vroeg ik haar wat ze die middag had gegeten en wist ze het echt niet meer. Om me dan nog maar eens te vragen hoe het op mijn werk ging. Voor de vierde keer. Er klopte duidelijk iets niet. Ik maakte me zorgen en ging met haar huisarts praten. Hij viel niet eens uit de lucht: ook hij had haar vergeetachtigheid en verwarring al opgemerkt.

Na enkele onderzoeken viel het verdict: mijn moeder had de ziekte van Alzheimer. Een klap in mijn gezicht. Toen ik haar heel voorzichtig vertelde wat er aan de hand was, ontkende ze meteen. We beeldden het ons allemaal maar in, zei ze, er was niets aan de hand. Ze begon zich steeds vaker tegen alles en iedereen af te zetten. ‘Dat kan ik zelf ook wel’, snauwde ze me toe als ik haar met iets wilde helpen. ‘Of denk je dat ik echt gek ben?’ Al snel had ik door waarom ze zich zo sterk hield: mama was bang dat ze haar huis zou moeten verlaten. Het huis waarin ze jarenlang met papa had gewoond, haar allergrootste liefde. Papa stierf vijf jaar geleden na een slepende ziekte. ‘Haal je me hier weg, dan ga ik meteen dood’, riep ze me op een dag toe. Een rilling ging toen door mijn lichaam. We mochten haar het grote geluk niet ontnemen, mama moest zo lang mogelijk thuisblijven.

Sindsdien liep ik elke dag bij haar binnen. ’s Morgens vroeg vlak voor het werk, tijdens mijn middagpauze en ’s avonds. Gewoon om te checken of alles oké was. Maar mijn bezorgdheid werd met de dag groter. Op een dag belde haar buurvrouw me op. Het was hartje winter en ijzig koud, maar mama was naar de winkel vertrokken in een zomerjurkje. Ik snelde naar haar toe. Ze zat intussen verkleumd op de bank in haar woonkamer, de voordeur nog wagenwijd open. Dit kon niet langer zo. Mama had hulp nodig, zo snel mogelijk.

Toen ik die avond huilend thuiskwam, hebben mijn man en ik urenlang rond de tafel gezeten en gepraat. Hij begreep mijn bezorgdheid. Hij wist dat ik me als enige dochter verantwoordelijk voelde voor mijn moeder. En dat mijn verlangen om voor haar te zorgen groot was. Dus zat er maar één ding op: ik zou een tijdje stoppen met werken om tijdens de dag bij haar te zijn. En we zouden iemand zoeken die bereid was om tegen betaling de avonden en nachten bij haar door te brengen. Het was een ingrijpende beslissing, maar ik had geen andere keuze. En gelukkig verdient mijn man goed en kon dit financieel ook. Daar hoefde ik me geen zorgen over te maken.

“Op een ijzige winterdag was mama in een zomerjurkje naar de winkel vertrokken. Ze had hulp nodig, en diende mijn ontslag in”

Enkele dagen later al diende ik mijn ontslag in. Een emotioneel moment. Het begin van mijn nieuwe leven. Klaar om er helemaal voor mama te zijn. Ik herinner me nog goed onze eerste volle dag samen. Ze zat verdrietig voor zich uit te staren. ‘Wat doe ik jou aan?’, vroeg ze. Ik had zo met haar te doen. Mijn moeder was een vrouw die altijd voor iedereen klaarstond. Ze had jarenlang mijn zieke vader verzorgd. Elke dag opnieuw, met alle liefde die ze in zich had. En nu ze zelf zorg nodig had, schaamde ze zich, wilde ze niet tot last zijn.

Intussen zijn we twee jaar verder. Mama en ik hebben onze dagelijkse routine gevonden, samen met Anna, de vrouw die me ’s avonds, ’s nachts en tijdens mijn vakanties aflost. Het gaat goed. Ook al zie ik dat mama steeds zieker wordt. Sinds enkele maanden valt haar veranderde karakter me echt zwaar. Zo zijn er dagen waarop ze me echt niet vertrouwt. Gisteren nog was haar kleine portemonneetje nergens meer te vinden. Ik had haar bestolen, zei ze. Ik besef dat ik dit niet persoonlijk mag opvatten en dat alles aan haar ziekte te wijten is, maar het deed wel pijn. Want ze blijft mijn moeder. Huilend reed ik naar huis terug.

Onze moeder-kindverhouding is veranderd, en daar moet ik nog steeds aan wennen. Jarenlang had ik het gevoel dat ik maar één telefoontje hoefde te doen als het niet goed met me ging. Mijn ouders waren er altijd voor me. Ze stonden voor me klaar, met een kop thee en de juiste woorden. ‘Alles komt goed’, zei mijn vader me vaak. Zij zorgden voor mij. Maar nu zorg ik voor mama en dat voelt vreemd.

Als ze nog maar eens over haar toeren is, neem ik haar in mijn armen en aai ik haar haren. En dan vertel ik zachtjes over vroeger. Over papa. En hoe fijn het met ons drieën was. Dat maakt haar rustig. Tot ze in slaap valt en ik haar een laatste knuffel van de dag geef. Ons vaste ritueel voor elk vertrek. En onze manier om elkaar te zeggen dat de liefde er nog steeds is. Meer dan ooit zelfs. Alzheimer is een verschrikkelijke ziekte. En dat is zeker zo als je moeder of vader het heeft. Maar haar ziekte heeft ook mijn ogen geopend. Financieel afhankelijk van mijn man? Ik mocht er vroeger niet aan denken. Maar ook dat heb ik losgelaten, omdat andere dingen er veel meer toe doen. Mijn prioriteiten liggen nu anders. En mama staat op dat vlak met stip op één.”

(Tekst: Barbara Claeys)

Lees meer:

 

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)