Mijn verhaal: Hanne kreeg kanker, net als haar zoontje

Mijn verhaal: Hanne kreeg kanker, net als haar zoontje

Na keihard knokken zijn ze vooral blij dat ze het overleefd hebben. En de grootste angst om te hervallen, is voorbij. Maar toch zal hun leven nooit meer hetzelfde zijn.

Vijf jaar geleden werd bij Oscar (10), het zoontje van Hanne (45), een kwaadaardige hersentumor vastgesteld. Negen maanden later kreeg zij zelf te horen dat ze borstkanker had. Hanne heeft naast Oscar nog twee kinderen: Charlotte (19) en Felix (16).

Negen maanden voor ik het knobbeltje in mijn borst ontdekte, was er een kwaadaardige hersentumor met uitzaaiingen bij mijn zoontje Oscar vastgesteld. Hij was toen vijf. En nu waren we samen ziek. Dit kon niet. Ik mocht niet doodgaan. Mijn gezin, met Oscar voorop, had me zo nodig. Ik herinner me dat de tranen over mijn wangen liepen toen ik voor het eerst onder de bestralingsmachine lag. Omdat ik toen pas écht wist wat mijn zoontje meemaakte. Maar Oscar deed me mijn ziekte al snel relativeren. We gingen vaak samen naar de chemo. Hij links op de gang, ik rechts. Vechtlust voor twee, dat hadden we in overvloed. Oscar was zo moedig. Nooit zeuren. Altijd maar blijven doorgaan. Hij leerde me hoe je dat doet, kanker hebben. Met de stroom meegaan, de dingen gewoon laten gebeuren en niet in verzet gaan. Dat was zijn manier om het te dragen. Zo wilde hij elke dag iets fijns doen. Een spelletje spelen. Knutselen. Brood bakken. Aardbeien eten. Samen even genieten, deed ons goed. 
Het gaf ons de energie om ons doorheen 
alle behandelingen te slaan. En toen dat gelukt was, kwam de grote euforie. Feesten, 
dansen, op reis gaan… Hoe meer hoe liever. 
Ik had het gevoel dat de wereld weer aan mijn voeten lag.

“Oscar leerde me hoe je dat doet, kanker hebben. Niet zeuren. Niet in verzet gaan, maar de dingen laten gebeuren. Hij gaf me zoveel kracht”

Pas maanden later kwam de weerslag. Onze omgeving nam de draad weer op, maar wij waren voorgoed veranderd. Zo besloot ik om weer parttime les te gaan geven. Maar al snel voelde ik dat ik dat tempo moeilijker aankon. Kanker is namelijk nooit ‘voorbij’. En dat aanvaarden, heeft enkele jaren op zich laten wachten. Ik moest plots doseren. Wat doe ik wel en wat niet? Ik had het gevoel dat ik van alles miste. Maar geleidelijk aan leerde ik mijn nieuwe leven oké te vinden. Samen met mijn gezin. Want ook voor hen was ik veranderd. ‘Je bent zo hard geworden, mama’, zei mijn oudste dochter Charlotte. Keelpijn? Dan was mijn reactie al snel: ‘Niet flauw doen! Denk maar eens aan wat je broertje heeft doorstaan.’ Zo vertelde ze me ook op een dag: ‘Mama, als ik ooit kanker heb, dan wil ik nog enkele maanden van het leven genieten en de natuur zijn gang laten gaan. Ik zal niet vechten.’ Dat kwam hard binnen. Het deed me beseffen dat ook mijn twee andere kinderen niet ongeschonden uit onze kankerperiode waren gekomen. Ook op de relatie met mijn man had de kanker een invloed. We waren allebei pas veertigers. Ik zat van de ene dag op de andere in mijn menopauze en was niet meer de energieke, perfecte vrouw. Dat doet wat met je relatie. Maar onze liefde voor elkaar verdween gelukkig niet.

Oscar heeft intussen de kaap van vijf jaar gehaald. Voor mij is het bijna zover. Niet dat ik daarmee bezig ben. Hoe dat komt? Ik ben niet bang om te hervallen. Ik wil niet dat angst mijn leven overneemt. Voor de controles van Oscar ben ik wél elke keer doodsbang. Als de tumor bij hem terugkomt, is het fataal. Dan kunnen ze niets meer doen. Bij mij kan er altijd nog een stukje worden weggehaald, denk ik dan. Een mens kan best wel veel hebben, heb ik tijdens die vijf jaar ontdekt. We zijn zoveel sterker dan we denken. Als er nu moeilijkheden op mijn weg komen, denk ik al snel: 
ik heb kanker overwonnen, dat zal nu ook wel lukken. En natuurlijk heb ook ik momenten waarop ik denk: dit kan ik niet meer aan. 
Maar ook dan probeer ik de positiviteit op te zoeken. Morgen is een nieuwe dag, dan gaat alles ongetwijfeld een pak beter! En dan doe ik iets leuks. Naar de film gaan. Of een nieuwe broek kopen. Zoals Oscar deed.

Hij is nu tien. Van hoogbegaafd ging hij naar een kind met een IQ van zestig. Met veel moeite kan hij korte woordjes lezen. Hij 
heeft een aangetast kortetermijngeheugen, is motorisch minder sterk dan zijn leeftijdsgenootjes en volledig afhankelijk van medicatie. Oscar leeft, maar kwam erg gehavend uit de strijd. En toch is hij zo ongelofelijk gelukkig. Elke ochtend komt hij vrolijk en vol 
energie uit bed. En dan begint hij steevast te zingen. Dan besef ik dat het de strijd zo ongelofelijk waard was. Onze strijd. Van het hele gezin. En daar blijf ik hen mijn leven lang dankbaar voor.”

Lees ook:

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)