Mijn verhaal: Gwens moeder werd opgelicht door haar verzorgster

Mijn verhaal: Gwens moeder werd opgelicht door haar verzorgster
Senior woman in wheelchair in the nature

 

Gwen (41): “Mama was net zestig geworden toen ze de diagnose COPD kreeg, een chronische longaandoening. De arts zei meteen dat ze steeds meer zorgen zou nodig hebben, en dat we misschien een opname in een woonzorgcentrum moesten overwegen. Maar mama wilde zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen. Ik wist me geen raad: wie zou er voor haar zorgen? Ik woonde te veraf, broers of zussen heb ik niet, en mama en papa waren al jaren uit elkaar. De redding kwam uit onverwachte hoek. Mama had in het buurthuis een sympathieke vrouw leren kennen, Jeanne. Zij gaf zich op als mantelzorger. Wat waren we opgelucht! Een vriendin die voor haar zou zorgen: kon niet beter, toch?

Aanvankelijk leek het allemaal goed te gaan. Jeanne stond altijd klaar voor mama, geen moeite was haar te veel. Al waren er wel een paar kleine signalen. Zo viel het me op dat mama niet meer naar haar knutselmiddagen ging, en nog maar zelden vrienden en familie ontving. Ik vroeg een keer aan Jeanne of dat haar niet heel eenzaam maakte, maar zij had altijd een uitleg klaar: ze vond het risico op besmettingen te groot, en ze zou er toch zeker wel voor zorgen dat mama nog genoeg buiten kwam? Een tijdje later waren mama’s katten plots verdwenen: ze had ze op aandringen van Jeanne laten inslapen, zogenaamd weer om het besmettingsgevaar. En nog later wilde Jeanne ineens niet meer dat mama haar sleutels nog aan mij gaf. Ik vond het allemaal heel vreemd, maar ik stak het op de medicatie, die maakte mama bij momenten erg verward. Zolang Jeanne op
haar lette, zat het wel goed, dacht ik.

“Ik ben woest op Jeanne. Ze werd eerst mama’s vriendin en haalde haar daarna over om haar geld weg te schenken”

Toen mama te horen kreeg dat ze niet meer zou genezen, is ze voor het eerst naar een notaris gestapt. Ze wilde een testament laten opmaken. Jeanne ging met haar mee. Dat was geen moeite, zei ze. Ze was tenslotte mama’s mantelzorger, en ze vond het normaal om haar tijdens dergelijke uitstappen te begeleiden. Maar de weken nadien veranderde Jeannes houding. Ze deed ineens veel minder moeite. Ze kwam niet meer zo vaak langs en had plots heel weinig tijd. Van anderen hoorde ik dat ze rondvertelde dat mama een last was geworden door de zuurstofmachine en de rolstoel, en dat het moeilijk werd om voor haar te zorgen. Uiteindelijk zagen we haar haast nooit meer. Wellicht heeft Jeanne daar een inschattingsfout gemaakt. Zij dacht dat haar zaakjes geregeld waren, maar mama was nog helderder dan Jeanne dacht. Ze vroeg de notaris om naar haar toe te komen, en liet haar testament aanpassen.

Enige tijd later is mama overleden. Verdrietig zat ik bij de notaris, die ons had samengeroepen om het testament te overlopen. Niet wetende dat er nóg een schok zou volgen. Het testament bleek een ‘duolegaat’ te zijn. Dat is een formule waarbij een goed doel een groot deel van de erfenis krijgt, op voorwaarde dat het de belastingen op het deel van de andere begunstigde betaalt. In mama’s testament was dat goede doel een instelling voor mentaal gehandicapten. Zij zouden dus een groot deel van haar nalatenschap krijgen. Ik was helemaal in de war. Waar sloeg dit op? Wat wás dat voor een instelling? Tot mijn verbijstering ontdekte ik dat er een directe link was met Jeanne. Haar dochter bleek er te verblijven, en zijzelf werkt er als vrijwilligster. Toen vielen alle puzzelstukken in elkaar. Jeanne had mama volledig geïsoleerd, tot het leek alsof zij haar enige vriendin was. Toen had ze mama overtuigd om geld aan haar na te laten. En een deel aan die instelling.
Ongetwijfeld heeft ze op mama’s gemoed gespeeld, haar overtuigd van het belang van die instelling. Hoe zou mama die anders gekend hebben? Mama had haar erfenis in eerste instantie ook zo verdeeld, hoorde ik later van de notaris. Tot ze haar testament had laten
aanpassen, en ook Jeannes deel aan de instelling had geschonken.
Ik ben woest. Niet om dat geld, daar gaat het me niet om. Wél om wat Jeanne mama heeft aangedaan. Hoe ze haar heeft misleid en gemanipuleerd. Ik wil gerechtigheid. Ik wil dat ze gestraft wordt voor wat ze heeft gedaan. Als ik eraan denk hoe koud en afstandelijk ze zich gedroeg op de uitvaart… Het geld was binnen, ze hoefde niet meer vriendelijk te zijn. Ik heb het er vreselijk moeilijk mee. Ik blijf me maar afvragen of er nog meer slachtoffers zijn. Nog meer mensen van wie ze geld heeft weten te ontfutselen. Ik voel dat ik pas aan mijn rouwproces zal kunnen beginnen als ik dit heb afgesloten. Daarom vertel ik hier mijn verhaal. Wie zich erin herkent, mag altijd contact opnemen via Libelle. Misschien kunnen we samen iets ondernemen. Ik weet hoeveel pijn het doet, en ik wil niet dat ze dit nog meer mensen kan aandoen. Jeanne móét gestopt worden!”

(Tekst: Evelien Roels)

Lees ook:

 

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)