Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Hilde Crevits praat voor het eerst over de kanker van haar zoon

Door De Redactie

Donkere wolken maken sinds kort terug plaats voor wat zonneschijn. Sedert enkele weken is Bram (24), zoon van minister van Onderwijs – Hilde Crevits (CD&V), kankervrij verklaard. Om het hoofdstuk af te sluiten, gaf ze dit weekend op Radio 2 een eenmalig interview hierover.

“Ik dacht: ik stop met politiek”

Toen Hilde Crevits (50) tijdens een vergadering met de vakbonden en werkgevers het telefoontje kreeg dat geen ouder wil krijgen, zakte de grond vanonder haar voeten weg: haar zoon Bram leed aan lymfeklierkanker. ‘Ik stop met mijn werk’, was de eerste gedachte die bij de minister opkwam.

Gisterochtend sprak ze in De Rotonde op Radio 2 voor het eerst over die harde periode. Ze komt er nu mee naar buiten, omdat ze het hoofdstuk zo kan afsluiten. Een paar weken geleden hebben de dokters Bram genezen verklaard.

Meer genieten van elkaar

Uiteindelijk stopte de minister niet met werken en ook Bram bleef op goede dagen verder werken. “Voor hem was dat mentaal belangrijk. En ik heb geleerd dat werk ook heilzaam kan zijn, afhankelijk van persoon tot persoon. Ook als je ziek bent,” vertelt ze hierover. Uiteraard met een aangepaste agenda. Iets waar haar collega’s uit de Vlaamse regering alle begrip en respect voor hadden.

“Als je zoon behandeld wordt voor kanker, dan maak je dat je er bent. We hebben ook heel mooie momenten gehad als familie. Heel vreemd eigenlijk”, zegt de minister. “Maar je neemt bewust meer tijd om te genieten van elkaars gezelschap. Ik heb ontdekt hoe fantastisch een gezin is!”

Nu Bram genezen is verklaard, zegt Hilde hierover: “Hij kan nu weer met volle teugen van het leven genieten. (…) Als je op je 24e moet nadenken over de kwetsbaarheid van het leven… Dat is niet evident. Toen ik 24 jaar was, dacht ik dat de wereld aan mijn voeten lag. Ik wens hem toe dat hij dat kan blijven denken.”

Bron: De Standaard, Radio 2. Beeld: Belga