Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Mijn verhaal: Haïke zwom afgelopen zomer het Kanaal over

Door De Redactie

Haïke was altijd al gek op alles wat met water te maken heeft, maar één ding bleef op haar bucketlist staan: het Kanaal overzwemmen. Tot vorig jaar, toen ze haar droom eindelijk kon verwezenlijken.

Haïke (50): “Veertien uur en eenenvijftig minuten. Zo lang heb ik erover gedaan om het Kanaal van Engeland naar Frankrijk over te zwemmen. Wat begon met een zot idee jaren geleden, werd afgelopen zomer werkelijkheid. Al was de weg erheen niet altijd even gemakkelijk. Ik heb keihard afgezien, maar ik ben zo blij dat ik het heb gedaan.

Ik ben altijd een waterrat geweest: ik ben geboren aan de zee, ben jarenlang redder geweest en heb ooit een wereldreis van drie jaar met een zeilboot gemaakt. Doe daar nog een grote dosis energie, wat impulsiviteit en een stevige brok doorzettingsvermogen bij en je begrijpt waarom net ik zo’n gek plan wilde verwezenlijken.

Een paar jaar geleden had ik wel nooit gedacht dat het me écht zou lukken, want ik kreeg toen een serieuze waarschuwing. Ik deed mee met een trainingskamp voor mensen die de overtocht wilden maken en trainde een week lang in de Noordzee voor de kust van Engeland. Het was midden oktober en de temperatuur van het water bedroeg amper veertien graden. Ik had nog nooit in zulke koude temperaturen gezwommen, laat staan langer dan drie kwartier aan een stuk. Toen ik dus een week lang, soms zelfs drie uur aan een stuk, in dat ijskoude water moest ploeteren, haakte mijn lichaam af. Ik was zo diep gegaan dat ik meer dan een jaar niet mocht sporten. 

“Talloze vrienden verklaarden me gek, maar net dat motiveerde me nog meer”

Toch bleef het idee om het Kanaal over te steken in mijn hoofd hangen. Anderhalf jaar geleden hakte ik de knoop door: mijn vijftigste verjaardag kwam in zicht en ik besloot het er toch op te wagen. Talloze vrienden verklaarden me gek, maar net dat motiveerde me nog meer: ik zou hen het tegendeel bewijzen! Ik liet me officieel op de reservelijst van kandidaat-overstekers opnemen. Zo’n tocht mag je immers niet zomaar doen: daar horen een hele reeks voorwaarden bij én je moet je registreren.

Ik ging op zoek naar een coach en sloot me aan bij de IJsberen in Boom. Daarnaast klopte ik ook aan bij een traumapsycholoog, die me leerde omgaan met het mentale aspect van die verschrikkelijke koude. Ik kwam noodgedwongen zelfs negen kilo aan, want de overtocht is alleen geldig als je hem in je badpak maakt. Thermische kledij is niet toegestaan, hooguit een badmuts. Een vetlaagje was dus nodig, want die koude was mijn zwakste punt.

Ik had een ijzeren discipline als het op mijn trainingen aankwam: in het begin trainde ik drie keer per week in het zwembad, op het einde lag ik liefst zes keer per week twee uur baantjes te trekken om nadien nog in de zwemvijver bij een vriendin te gaan wennen aan de koude. In de weekends ging ik zwemmen met de IJsberen of trok ik naar zee om mijn lichaam gewoon te laten worden aan de golven en te voorkomen dat ik zeeziek zou worden. Zo leerde ik ook al zwemmend eten en drinken. Noem het gerust een voltijdse job bovenop een voltijdse job. (lacht)

En toen brak de grote dag aan. Na tien dagen quarantaine in Engeland en tien maanden voorbereiding stond ik – doodnerveus – om vier uur ’s morgens in mijn badpak op het strand van Dover. Mijn drie kinderen en mijn coach begeleidden me vanuit de boot, terwijl ik urenlang het water en de golven trotseerde. Na een uur had ik al last van dode handen én voeten en dacht ik: het is niet waar, hé! Maar ik zette door.

Om het minder saai te maken – want dat is zo’n overtocht wel – riepen mijn kinderen me toe en schreven ze boodschappen op een groot whiteboard: ‘Er kijken driehonderd mensen mee op Facebook!’ stond er dan. Of: ‘Je bent op het nieuws!’ Alleen al daarom zou ik nooit hebben opgegeven. (lacht) Of ze haalden herinneringen op en lieten me raadsels oplossen. Zo was ik weer tien minuten zoet en kon ik mijn gedachten heel even verzetten.

Maar hoe saai en intens de tocht ook was, ik heb ook echt genoten onderweg: van een regenboog aan de hemel, tientallen containerschepen die me passeerden of water dat zo helder was dat ik talloze kwallen onder mij zag zwemmen. Net toen ik dacht dat ik er bijna was, bleek de stroming zo sterk dat ik dreigde terug te vallen. De laatste twee uur, met al meer dan twaalf uur zwemmen in mijn armen en benen, moest ik letterlijk sprinten om de kust te halen. Ik mocht niet stilvallen, of ik dreef weer af naar Engeland.

“Pas toen ik gejuich op het strand hoorde, besefte ik: ik heb het gehaald!”

Ik heb echt afgezien, maar het laatste halfuur kreeg ik in het water het gezelschap van mijn coach. Pas toen ik mensen op een supboard zag passeren en uiteindelijk gejuich op het strand hoorde, besefte ik: ik heb het gehaald! Het was ongelooflijk emotioneel om te zien dat zoveel vrienden me stonden op te wachten. Het voelde zelfs gek opnieuw vaste grond onder mijn voeten te voelen.

Maar het échte besef van wat ik had gerealiseerd, kwam er pas in de dagen nadien. Hoe meer berichtjes ik kreeg, hoe meer tot me begon door te dringen hoe uitzonderlijk mijn zwemavontuur was geweest. Of ik het ooit nog zou doen? Toen ik weer op de boot richting Engeland stapte, was het eerste wat ik tegen mijn kinderen zei: ‘Dit doe ik nooit meer. En als ik er toch ooit weer over begin, hou me dan tegen!’ ” (lacht)

Tekst: Lies Van Kelst

Meer openhartige verhalen:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Partner Content