Mijn verhaal: Sandra raakte ernstig verbrand tijdens een barbecue

Mijn verhaal: Sandra raakte ernstig verbrand tijdens een barbecue

Sandra (34): “Drie jaar geleden. Het was een zwoele zomeravond zoals er maar enkele per jaar zijn. De hele familie was bij mijn zus uitgenodigd. Toen we aankwamen, zag ik meteen de barbecue staan. ‘Mmmmm’, fluisterde ik mijn man toe. Ik was dol op barbecueën. Na een uitgebreid aperitief was het tijd om de barbecue aan te maken. Ik zie mijn schoonbroer nog de brandversneller openen. Bij het opendraaien van de fles ontstond een grote steekvlam. Ik stond drie meter verder de wijnglazen nog eens bij te schenken en werd als enige door de steekvlam geraakt. In een reflex sloeg ik mijn handen voor mijn ogen. Iemand duwde me op de grond en er werd een emmer water over me heen gegooid. Mijn man hielp me uiteindelijk recht en bracht me naar de douche. Ik stelde hem gerust omdat ik die eerste minuten geen pijn voelde. Dat is zo als ook je zenuwen zijn aangetast, maar dat wist ik toen nog niet. Maar dan keek ik naar mijn handen en zag ik dat er vellen huid aan hingen. Ik voelde mijn huid wegbranden, het begin van een helse pijn. In de spiegel op de badkamer zag ik in een flits mijn gezicht. Pas dan sloeg de paniek echt toe. Ik was verminkt, misschien ging ik wel dood. En wat met de kinderen? Ze zouden me niet eens meer herkennen…

Even later kwam de ambulance. Trillend van de adrenaline en de pijn liep ik met de verpleger de trap af. Pas toen ik mijn moeder beneden zag huilen, brak ik echt. ‘Meisje toch’, zei ze snikkend toen ze me aankeek. Ik voelde me weer een kind, bang en hulpeloos. Op de brancard bekeek de verpleger mijn wonden. Mijn ogen waren gelukkig in orde. Mijn gezicht was voor twintig procent verbrand, mijn armen en handen voor dertig procent. Ook op mijn hals en linkerbeen waren er brandsporen te zien. De pijn werd ondraaglijk. Ik vroeg om narcose en viel uiteindelijk weg. Wat er de dagen daarna gebeurde, daar herinner ik me zo goed als niets meer van. Ik bleek nog diezelfde dag geopereerd te zijn, zes uur lang. Hoe langer je wacht met opereren, hoe lelijker de littekens blijven. De huid van mijn rechterbovenbeen werd getransplanteerd. Mijn man stond naast me toen ik mijn ogen voor het eerst weer opendeed. Hij huilde. Er volgden nog drie transplantaties.

“Toen de kinderen me voor het eerst zagen, kropen ze achter hun vader weg. Ik had ze zó graag even willen knuffelen”

Uiteindelijk bleef ik drie maanden in het ziekenhuis. Vooral het eerste bezoek van mijn kinderen was zo emotioneel. Ik had een sjaaltje om mijn nek gedaan en wat make-up aangebracht. En toch zag ik hen schrikken. Alex was zes, Sophia vier. Ze kroop achter haar vader weg. Ook Alex durfde niet dichterbij te komen. Ik had moeite om mijn tranen te bedwingen. Wat had ik hen toen graag willen knuffelen. Maar ik moest hen tijd geven om aan hun ‘nieuwe’ mama te wennen. Pas bij het vierde bezoek durfde Sophia op mijn bed te zitten en bleek ook Alex de eerste angst te hebben overwonnen. De verpleging waarschuwde me toen ik eindelijk naar huis mocht. Ik zou nog lange tijd moe blijven. En hoogstwaarschijnlijk slecht slapen door angstdromen.

Ze kregen gelijk, die eerste maanden waren een hel. Ik was boos op alles en iedereen. Het feit dat ik niet behoorlijk voor mijn kinderen kon zorgen, frustreerde me enorm. Vooral mijn handen zijn er nog steeds erg aan toe. Voor het ongeval kluste ik graag, maar nu staan er meteen blaren op mijn handen als ik in de tuin werk of een muurtje probeer te schilderen. Ook professioneel bleef ik een jaar lang uit de running.

“Vorige zomer liep ik voor het eerst weer in bikini op het strand. Ik zag mensen staren, maar erna voelde ik me trots”

We zijn nu drie jaar verder en stilaan begint mijn leven weer op dat van voor het ongeval te lijken. Ik heb nog steeds zware dagen. Als ik zie hoe Alex het nog steeds moeilijk heeft met wat er gebeurd is, breekt mijn hart. Zo gingen we enkele weken geleden naar een feest in ons dorp. Hij rook de barbecue en vroeg of hij weer naar huis mocht. Hij zag helemaal bleek. Als de dood is hij voor alles wat met vuur te maken heeft en dat vind ik heel erg. De zomer is de moeilijkste periode van het jaar. Korte mouwen, blote benen… het is soms horror. Vorige zomer liep ik voor het eerst weer in bikini op het strand. Dat was een grote overwinning voor mij. Ik zag mensen me aanstaren en verbeet mijn tranen. Maar ik bleef volhouden. En ’s avonds was ik zo trots op mezelf. Met littekens in je gezicht en op je lichaam ontsnap je nooit meer aan de blikken van de buitenwereld. Ook daar moest ik erg aan wennen.

Ik ben getekend voor het leven. Maar tegelijkertijd besef ik als geen ander hoeveel geluk ik heb met de liefste man en de mooiste kinderen ter wereld naast me. Zij hebben me doorheen de moeilijkste jaren van mijn leven gesleurd. En daar zal ik hen eeuwig dankbaar voor zijn.”

Tekst: Barbara Claeys – Coverbeeld: Getty Images

Meer pakkende verhalen:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)