Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
Getty Images

Een pleegmoeder vertelt: zo trots op mijn pleegdochter met een beperking!

Door Herte De Cleyn

In het hart en het gezin van Amanda was er 22 jaar geleden nog een plekje vrij voor Celine, het dochtertje van haar broer, die zelf niet voor haar kon zorgen. Celine bleek een vechtertje, dat ondanks haar beperkingen altijd weer de kracht vond om door te gaan.

“Ons meisje, dat nooit zou kunnen fietsen, gaat volgend jaar naar de Special Olympics”

Amanda (50): “Elke week lees ik in ‘Mijn Verhaal’ soms verdrietige, maar ook mooie en hoopgevende verhalen. Heel graag vertel ik ook eens ‘ons verhaal’. Over mijn pleegkind Celine, die we met heel ons hart hebben opgenomen in ons gezin. Een stoer en tegelijk kwetsbaar meisje, dat zich nooit door haar beperkingen heeft laten tegenhouden om de uitdagingen op haar weg te overwinnen en de top te bereiken in haar sport, turnen. Ik heb haar zien worstelen, vallen, vechten en telkens weer koppig doorgaan. Geen (pleeg)moeder kan trotser zijn dan ik op haar ben.

Ons verhaal begint in 2000. Mijn man en ik hadden al twee kinderen, maar van de ene dag op de andere bracht de ooievaar er een extra wondertje bij: Celine, de dochter van mijn broer en zijn toenmalige partner. Ze hebben allebei een verstandelijke beperking, de zwangerschap was onverwacht en ze waren op dat moment al uit elkaar…

We hadden van in het begin onze twijfels: gaat het hen lukken om voor hun kindje te zorgen? Mijn man en ik hadden er al over gepraat, of we Celine konden opvangen als dat nodig bleek, en we waren het erover eens: Celine was welkom in ons gezin. We vonden het voor ons en voor mijn broer een fijne gedachte dat dat kleine meisje door familie kon worden opgevangen en nooit naar een onbekend pleeggezin zou hoeven. Bovendien zou mijn broer dan vaak op bezoek kunnen komen en haar van nabij zien opgroeien.

“Geen (pleeg)moeder kan trotser zijn dan ik op haar ben”

Alleen wisten we niet dat het zó snel zou gaan… Op een vrijdag begin oktober, Celine was een paar weken oud, kreeg ik telefoon van de maatschappelijke dienst van het ziekenhuis. Het bleek moeilijk voor Celines moeder om alleen voor haar te zorgen. Of we Celine meteen konden komen halen? Liefde op het eerste gezicht was het, toen ik dat kleine baby’tje in mijn armen kreeg. En zo hadden mijn man en ik er een dochtertje bij. We vertelden ons zoontje van twee en dochtertje van vijf dat hun nichtje ‘eventjes’ bij ons kwam logeren. Maar dat eventjes duurt ondertussen al meer dan twintig jaar.

Vechten voor elke stap vooruit

Celine kreeg een plek op de kamer van ons andere dochtertje en groeide op als een vrolijk kind. Ons zonnetje in huis, noemden we haar. Omdat haar beide ouders een mentale handicap hebben, wisten we wel dat Celine ook een beperking zou kunnen hebben, maar dat schrikte ons niet af. Als het je eigen kind is, neem je dat er toch ook bij?

En inderdaad, na een tijdje merkten we dat Celine niet alleen klein en fijn was voor haar leeftijd, maar dat ze zich ook wat trager ontwikkelde. Zitten kon ze pas toen ze een jaar oud was, haar eerste stapjes zette ze op 19 maanden. Toen ze drie was en naar de kleuterschool ging, vroeg de school om een test. Die wees uit dat ze DCD heeft, Developmental Coordination Disorder.

Heel wat dingen die wij vanzelfsprekend vinden, zijn voor haar een uitdaging. Als je een bal naar haar gooit, bijvoorbeeld, heeft ze het moeilijk om die op te vangen omdat haar handen niet altijd snel genoeg reageren op wat haar ogen haar vertellen. Ze kan zichzelf aankleden, maar een rits sluiten is moeilijk. En zo zijn er nog een aantal dingen.

Ook op school ging niet alles vanzelf. Na de diagnose, in het tweede kleuterklasje, stapte ze over naar het bijzonder onderwijs. Dat was natuurlijk een schok voor haar. Opeens zaten er in haar klas kinderen in een rolstoel, bijvoorbeeld, of kinderen die niet konden praten. Dat begreep ze niet. Zij kon toch wél stappen en praten? Het was een moeilijke tijd voor Celine, maar de school ging heel goed om met haar verwarring: ze betrokken haar bij de verzorging van de andere kindjes en deden er alles aan om haar sterke punten naar boven te halen.

“In Celine kwam de vechtlust naar boven. Ik zie haar hier nog zitten aan de eettafel, altijd maar aan het oefenen, oefenen en oefenen”

De lagere school ging moeilijker. Celine zag thuis haar grote broer en zus lezen en schrijven, en dat wilde ze ook kunnen. Op school leerde ze wel lezen met AVIboekjes, maar moeilijkere dingen, zoals een Tiny-boek, vonden ze te hoog gegrepen voor haar. Thuis hielpen wij Celine als ze moeite had met een woord, maar dat raadden ze ons af. Schrijven? Volgens de school waren enkel drukletters haalbaar voor haar.

Maar in Celine kwam de vechtlust naar boven. Ik zie haar hier nog zitten aan de eettafel, altijd maar aan het oefenen, oefenen en oefenen. Duizenden ‘e-tjes’ heeft ze op papier gezet om ondanks haar motorische problemen te leren schrijven. En kijk: het is haar gelukt. En nét toen ze zo goed vooruitging, kwam het M-decreet en werd Celine doorverwezen naar het beroepsonderwijs.

Door alles wat ze zichzelf met zoveel moeite en tijd had aangeleerd, vonden ze haar te sterk voor het bijzonder onderwijs. Ik lag er ’s nachts wakker van. Celine was op dat moment dertien en zat net weer op een school waar ze zich goed voelde. En toen moest ze opeens een praktische opleiding gaan volgen, ook al is ze motorisch niet zo sterk. Ik wist wel dat ze een sterke wil heeft en dat ze zich er, met onze hulp, wel doorheen zou spartelen, maar het is niet vanzelf gegaan. Het was weer een donkere tijd voor haar, én voor ons.

Het is hartverscheurend om je kind te zien zoeken en zwoegen, om haar telkens weer het gevoel te zien hebben dat het ‘niet goed genoeg is’, om haar tegen haar vervloekte beperkingen te zien aanlopen… Maar nu, na al die ups en downs, zit Celine in het volwassenonderwijs en zal ze aan het eind van dit semester haar diploma middelbaar onderwijs halen.

Een echte winnaar

Celines leven loopt niet altijd over rozen. Ze vecht tegen haar beperkingen, tegen de vooroordelen van mensen, tegen het onbegrip. Naast DCD heeft ze ook een autismespectrumstoornis (ASS), wat maakt dat mensen haar niet altijd begrijpen.

En toch… toen ze onlangs in een woonzorgcentrum mocht gaan helpen, was zij de enige die contact kon leggen met een vrouw met dementie, de enige tegen wie die vrouw praatte. Naast doorzettingsvermogen, en wat koppigheid, heeft Celine ook een groot en goed hart.

Maar het allerknapste vind ik dat Celine zo ver is geraakt in het turnen. Ook daarin heeft ze een lange weg afgelegd. Eerst in een gewone sportclub. Tot de andere kinderen doorstroomden naar het volgende jaar en zij door haar beperking bij de kleintjes moest blijven. “Dat kan toch niet, mama”, zei ze dan verdrietig. “Ik ben zes jaar en ik zit nog bij de kleutertjes…”

Daarna wilde ze net als de meisjes uit de straat ropeskippen. Dat was zo, zo moeilijk voor haar, want die sport vraagt veel coördinatie tussen handen en voeten, maar ze was nooit te moe om eindeloos te blijven oefenen. En als iets niet lukte, begon ze gewoon opnieuw. Zelfs toen ze last van haar knieën kreeg en ropeskipping echt niet meer kon, liet ze de moed niet zakken. Ze is opnieuw beginnen te turnen, in een groep voor mensen met een beperking, deze keer.

En zo ontdekten we de Special Olympics, de Olympische Spelen voor mensen met een mentale beperking. Ze deed mee aan wedstrijden en aan haar eerste Special Olympics Belgium. We zagen ons vechtertje opnieuw fijne dingen meemaken, aan zelfvertrouwen winnen, gelukkig zijn. Ze is ondertussen zelfs ambassadeur voor de Special Olympics, geeft mee opleidingen aan bedrijven en scholen en is een van de vier ‘Special Influencers’. Via Instagram en Facebook laat ze zien wat haar sport voor haar betekent, en ze geeft tvinterviews alsof het niks is.

“Binnen Special Olympics, waar iedereen een beperking heeft, vallen de remmen bij haar weg. Daar kan ze laten zien wat ze wél kan”

Niet dat Celine het makkelijk vindt om over haar beperkingen te praten. Je zult haar niet snel horen zeggen dat ze DCD of ASS heeft. “Het is niet omdat ik een beperking heb, dat ik anders moet zijn”, zegt ze dan en ze heeft gelijk. Maar binnen Special Olympics, waar iedereen een beperking heeft, vallen die remmen bij haar weg. Daar kan ze laten zien wat ze wél kan. Afgelopen mei behaalde ze op de Special Olympics in Louvain-la-Neuve maar liefst vijf gouden medailles voor gymnastiek: op de balk turnen, de brug met ongelijke leggers, springen… Wie doet het ons Celine na?

De laatste jaren krijgen de positieve ervaringen de bovenhand en dat zetten we zoveel mogelijk in de verf. We willen dat ze ziet en ervaart: ik mag dan een beperking hebben, dat maakt me niet dom. Ze kan zóveel meer dan de ‘deskundigen’ ooit hebben voorspeld. Al is het door haar hobbelige parcours, door elke keer weer ‘ze gaat het niet kunnen’ te moeten horen, soms moeilijk voor haar om te zien hoe knap ze het allemaal doet.

En Celine stopt niet met dromen. Volgend jaar in juni gaat ze naar de Special Olympics Wereldspelen in Berlijn. Ze is geselecteerd en zet nu alles op alles om daar ook een medaille te behalen. Het gaat spannend worden, want ze zal moeten concurreren met deelnemers uit 165 landen.

Ons meisje met haar beperkingen, dat niet vloeiend mocht leren schrijven, niet de boeken mocht lezen die haar interesseerden, niet met haar leeftijdsgenoten mocht doorgroeien in de sportclubs, vertegenwoordigt ons land volgend jaar in Berlijn. En wij gaan natuurlijk mee. Net zoals bij de gewone Olympische Spelen logeren wij in een ander hotel, maar we zullen staan juichen aan de piste, haar aanmoedigen. En staan blinken van trots.

Geloof in de toekomst

Wat de toekomst daarna brengt? Dat zien we wel. Volgend jaar wil Celine Communicatie of Politieke Wetenschappen gaan studeren, aan de universiteit of de hogeschool. Natuurlijk houden wij ook nu weer ons hart vast. Het zal aartsmoeilijk worden en net als elke ouder willen we haar beschermen tegen teleurstellingen. Maar wie zijn wij om het haar niet te laten proberen? Celine heeft met haar koppigheid en haar sterke wil al zóveel bewezen, ze heeft ons al zó vaak versteld doen staan. En als ze het niet probeert, zullen we het nooit weten.

“Aan alle ouders van kinderen met een beperking zou ik willen zeggen: geloof in je kind, het is zoveel meer dan een diagnose”

Ik hoop dat we met ons verhaal ouders van kinderen met een beperking een hart onder de riem kunnen steken. Het is een eerlijk verhaal, met ups, maar ook met de nodige downs. Toch zou ik willen zeggen: geloof in je kind, het is zoveel meer dan een diagnose. Volg je gevoel en als je hart zegt: mijn kind kan meer aan, laat het dat dan proberen. Blijf hen steunen, ze kunnen vaak zoveel meer dan wat voor hen voorspeld wordt.

Als wij altijd waren meegegaan in wat de deskundigen beweerden, zou Celine nooit hebben gestaan waar ze nu staat. Dan had ze geen volwassenenonderwijs gevolgd of aan turnen gedaan, dan zou ze nooit hebben leren schrijven, zwemmen of fietsen. Nu kan ze het allemaal. Wat je met wat ambitie, geloof en doorzettingsvermogen kunt bereiken, is grenzeloos.

Benieuwd hoe Celine het doet op de Special Olympics? Je kunt haar voorbereidingen volgen via thespecialinfluencers op Instagram of Special_gymnast_Celine op Facebook.

Uit Libelle 42/2022

MEER OPENHARTIGE VERHALEN:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!