Planten en plagen: zo herken en bestrijd je ze

Planten en plagen: zo herken en bestrijd je ze
Snail eating plants in home garden.

Een bladluizenplaag, verkleurde bladeren, of een kolonie rupsen: er bestaan massa’s kleine beestjes – en minder kleine – die je planten serieus kunnen teisteren. Maar vooraleer je ten strijde trekt met een spray chemische troep, lees je best even dit:

Een goed begin is het halve werk

Je planten gezond houden – voldoende water, mest en de juiste plek – helpt ze om insectenaanvallen en ander ongedierte te weren. Een klein lek doet een groot schip zinken, zegt men. En ook bij planten is dit niet anders. Maar merk je de plaag spoedig op, dan vergroot je de kans om volledig van de plaag af te komen, en je plant te redden:

  • Controleer je planten regelmatig.
  • Lees het etiket zorgvuldig en volg de instructies op: zoals maximale dosis, sproeiwijze en wachttijd voor de oogst.

Hieronder vind je de grootste boosdoeners en lees je hoe je die ongewenste bezoekers weghoudt:

1 Bladluizen

Bladluizen zijn kleine insecten die het sap uit bladeren en stengels opzuigen. Voor elke plant heb je wel een andere soort luis die zonder problemen de blaadjes opeet.

Zo merk je het op:

  • Verlepte, gekrulde of misvormde bladeren,
  • een kleverig laagje op de bovenkant van de bladeren, met zwarte schimmel als gevolg,
  • een hoopje luizen aan de onderkant van de bladeren en rondom (vooral nieuwe) scheuten.

Zo bestrijd je ze:

  • Haal ze weg met de hand of met water. Let wel op: spoel ze niet alleen op de grond, maar ook door de afvoer. Anders klimmen ze terug.
  • Lok lieveheersbeestjes, zweefvliegen of oorwurmen naar je tuin als natuurlijke vijanden. Hoe je dat doet, lees je hier.
  • Plant lavendel of goudsbloemen naast je bladluis-gevoelige plant.

2 Slakken

Slakken, we zien ze niet graag komen. Ze eten met gemak alle bladeren van je planten op en schuilen in de kleinste gaatjes voordat ze tegen de schemering op strooptocht gaan.

Zo merk je het op:

  • Gaten in bladeren van je plant en groente,
  • volledig afgevreten bladeren van stengels van jonge planten,
  • op de plant en de grond laten ze een glanzend, kleverig spoor achter.

Zo bestrijd je ze:

  • Slakken worden ijverig wanneer het donker en goed vochtig is. Ze gaan dus vooral ‘s avonds of ‘s nachts aan het werk of overdag tijdens een regenbui. Controleer op deze tijdstippen en pluk ze weg.
  • De onderkant van potten en schalen zijn hun favoriete schuilplekken. Houd deze goed in het oog.
  • Ecologische slakkenkorrels: strooi ze rond je kwetsbare planten om ze te beschermen. De korrels zijn enkel schadelijk voor slakken, niet voor huisdieren, egels of vogels.
  • Slakken hebben heel wat natuurlijke vijanden. Padden, kikkers, mollen, egels en veel vogels lusten wel een sappig slakje. Ook bij loopkevers, spinnen en vliegenlarven staan soms slakken op het menu.
  • Gooi koffiedik dat in de filter achterblijft niet weg, maar strooi het rond je plant. Slakken houden niet van koffie, want het is een echte gifstof voor hen.

3 Rupsen

Rupsen: ze zijn er in allerlei groottes, kleuren en soorten beharing. Lastige beestjes, want voor je het weet is je hele tuin kaal gevreten!

Zo merk je het op:

  • Gaten in bladeren,
  • en zelfs volledig opgevreten bladeren,
  • rupsen en hun uitwerpselen zijn zichtbaar op de bladeren en stengels.

Zo bestrijd je ze:

  • Voorkom met netten dat vlinders hun eitjes op de plant leggen.
  • Haal de rupsen met de hand weg en was de uitwerpselen van de bladeren.

4 Vogels, muizen,..

Wellicht de moeilijkste ‘plaag’ om uit je tuin te bannen! Ook eekhoorns en konijnen hebben jouw planten op hun menukaart staan.

Zo merk je het op:

  • Grote gaten,
  • gescheurde bladeren,
  • stengels of hele planten zijn volledig op- of aangevreten.

Zo bestrijd je ze:

  • Plaats genoeg obstakels zoals hekken en netten. Ook een vliesdoek werkt goed om dieren weg te houden bij de planten en groenten in je tuin.
  • Plaats enkele stekelige takken op de grond om katten af te schrikken. Katten krabben namelijk in kale grond en leggen zo je pitten bloot.
  • Plaats een net over je pot om muizen en eekhoorns tegen te houden. Deze verlekkeren zich aan de pitten.

5 Wolluis

Deze luis is moeilijker uit te roeien. Door hun wollige en plakkerige buitenkant spoel je ze moeilijk weg. Ze bevinden zich ook vaak in de moeilijk bereikbare delen van de plant – in de oksels tussen blad en stengels, waar ze het sap uit de plant zuigen.

 

Zo merk je het op:

  • De plant ziet er ongezond uit,
  • de plant groei slecht,
  • de bladpunten zijn bedekt met de heldere, kleverige laag uitwerpselen van de luizen.

Zo bestrijd je ze:

  • Verwijder zichtbare wolluis met een handschoen. 
  • Besproei planten – die het verdragen – met de douchekop of tuinslang om ze te verjagen.

 

Bron: ‘Plant een pit – kweek zelf groente en fruit, binnen en buiten’ van Holly Farrell. Beeld: GettyImages

Lees meer:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)