Hoe minder, hoe beter: waarom je gelukkig wordt van minder spullen

Hoe minder, hoe beter: waarom je gelukkig wordt van minder spullen

Ontspullen, consuminderen of minimaliseren – kortom: gelukkiger worden met minder spullen – wint aan populariteit. Waarom precies? En hoe doe je dat dan?

Opruimen is in. Kijk maar naar het overweldigende succes van de Japanse opruimgoeroe Marie Kondo. Met haar KonMari-methode verovert ze huiskamers over de hele wereld. Ook collega-auteur Francine ‘Miss Minimalist’ Jay schopte het tot de bestsellerlijsten met een boek over haar minimalistische levensstijl. En dan zijn er nog talrijke blogs en celebrities die zich scharen achter de ‘gelukkiger met minder’-filosofie.

Logisch, vindt de Britse journalist en trendwatcher James Wallman, want te veel spullen geeft stress. Hij verdiepte zich in wat hij noemt stuffocation of spullenverstikking. We hebben meer spullen dan ooit, maar gelukkiger zijn we er niet van geworden. Integendeel. Al die spullen zorgen voor een onbehaaglijk gevoel. Daarom pleit hij ervoor om je minder te omringen met spullen en meer met ervaringen. Om je geld met andere woorden te besteden aan herinneringen in plaats van aan materiële zaken.

Mensen en geen dingen

Er valt wat te zeggen voor Wallmans pleidooi. Er is namelijk wetenschappelijk bewijs voor. Al decennialang wordt de vraag of we gelukkiger worden van geld en bezit onderzocht. Wat blijkt? (Nieuwe) spullen geven ons een kortstondige gelukzalige endorfinerush, maar dragen niet bij aan ons geluksgevoel op lange termijn. Doen dat wél: andere mensen, gedeelde herinneringen, sociaal contact. We vertoeven graag in gezelschap en worden daar ook effectief gelukkiger van. Minder spullen, meer ervaringen, dus.

Een filosofie waarin Annelies Mentink, Professional Organizer en de eerste (en enige) minimaliseercoach in Vlaanderen, zich helemaal kan vinden. “Een huis vol spullen lijkt onschuldig, maar geeft eigenlijk een heleboel stress. Want spullen vragen aandacht: ze herinneren je eraan dat je ze moet schoonmaken, onderhouden, gebruiken, eventueel repareren… Die extra druk kunnen we wel missen, want ons leven is zo al hectisch genoeg. Bovendien past het ook in de tijdsgeest van milieubewust en ecologisch consumeren. Niet véél kopen, maar degelijk kopen. Waarde voor je geld.”

Is dit wel de moeite?

In een hectische maatschappij die bulkt van keuzemogelijkheden en informatie en waarin alles binnen handbereik is, klinkt een minimalistisch leven uitnodigend: terug naar de basis. Uit de ratrace stappen en je enkel omringen met wat ertoe doet. Annelies Mentink: “Minimalisme gaat verder dan opruimen alleen. Het is een mindset. Door al het overbodige uit je leven te schrappen, worden je doelen en prioriteiten duidelijker. Je creëert tijd en ruimte voor wat voor jou écht belangrijk is – of dat nu je job, je vrienden, je hobby of je gezin is. Minimalisme draait dus niet enkel om het materiële. Het is een proces van zelfbewustwording.”

Instinct en endorfine

Gelukkiger worden met minder. Een mooi idee, maar toch ook een beetje beangstigend. Waarom kunnen we zo moeilijk afstand doen van onze spullen? “Dat komt voort uit ons oude denkbeeld”, legt Mentink uit.

“Eeuwenlang hebben we geleefd in schaarste, was er net voldoende om te voorzien in onze basisbehoeften. Tot na de Tweede Wereldoorlog. Tekorten werden aangevuld en de koopkracht groeide. De industrie begon op grote schaal te produceren, en is daar ook lang nadat onze basisbehoeften vervuld konden worden mee door blijven gaan.”

Ons overlevingsinstinct maakt het dus moeilijk om spullen weg te doen, de endorfine die vrijkomt bij een nieuwe aanwinst maken dat we blijven kopen. Resultaat: spullen-obesitas.

Voldoening uit opruimen

Goed, neem dat we overtuigd zijn. Hoe pak je het dan aan? Mentink: “Ontspullen is een werk van lange adem. Chaos die je in jaren hebt opgebouwd, ruim je niet in één dag op. Neem daarom in de eerste plaats je tijd. Begin klein: één kast, één ruimte.”

“Probeer je niet te laten leiden door wat anderen hebben, door reclames of door wat je verondersteld wordt te hebben. Ga enkel en alleen uit van jezelf. Wat heb ik nodig? Dat is heel individueel. Er is geen wetenschappelijke formule die zegt dat je zoveel of zoveel spullen nodig hebt om gelukkig te zijn.”

Dóé er iets mee!

“Mensen houden emotionele zaken vaak bij uit een gevoel van veiligheid: ik heb ze nog, dus heb ik ook mijn herinneringen nog. Maar wees gerust, die herinneringen zitten gebeiteld in je hoofd. Daar heb je geen honderden foto’s voor nodig. Je mag dingen gerust bijhouden omdat je ze mooi vindt of omwille van het gevoel dat ze je geven – net dat geeft een huis karakter. Ik zeg alleen: vraag je af of je er blij van wordt en dóé er iets mee.”

Bron: Libelle 43/2016 – Beeld: via Instagram @mariekondo

Lees ook:

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)