Hoe is het gesteld met jouw dialect?

Hoe is het gesteld met jouw dialect?
© Getty Images

In Mijn Dorp laat redactrice Lynn je de hele zomer lang kennismaken met de schatten van onze Vlaamse dorpen. En daar horen die sappige, lokale dialecten zeker bij. Maar hoe is het eigenlijk gesteld met onze dialecten? Zijn ze op sterven na dood? Of houden we ze toch nog in ere? Taalexperte Veronique De Tier vertelt het ons! 

Een dialect, wat is dat eigenlijk?

Taalexperte Veronique De Tier van het Instituut voor de Nederlandse Taal: “Dialecten zijn natuurlijke talen die in een bepaald gebied gesproken worden. De woordenschat, de uitspraak en de grammatica ervan zijn niet vastgelegd in regeltjes zoals in de standaardtaal. Dat wil niet zeggen dat een dialect geen regels heeft, maar ze zijn niet genormeerd zoals in de standaardtaal.

Een dialect is in elk geval géén verbastering van de standaardtaal, integendeel: dialecten zijn eigenlijk veel ouder dan de standaardtaal, die ontstaan is uit die dialecten. Dialect is een van de taalvariëteiten die we kunnen gebruiken, naast standaardtaal en tussentaal.”


Doe mee aan onze dialect-rubriek!

Hou zeker onze Facebookpagina in de gaten, want elke vrijdag posten wij een dialectwoord waarvan je moet raden wat het betekent. Laat ook weten wat dat woord in jouw eigen dorps-, stads- of streektaal is. Vandaag starten we met een woord uit het dialect van Hingene (Klein-Brabant). Weet jij wat het wil zeggen? Klik hier!


Hoe is het vandaag de dag gesteld met onze dialecten? Worden ze nog veel gesproken?

“De dialecten die je vandaag nog hoort, zijn niet meer dezelfde als vijftig jaar geleden. Vroeger was de taal van je eigen dorp, je dialect dus, het enige wat je nodig had. Maar de wereld is de laatste decennia groter geworden. We zijn wereldburgers geworden, die gemakkelijk naar de andere kant van de wereld kunnen, we hebben internet om te communiceren met anderen die onze taal niet spreken, … De behoefte aan een taal die ruimer inzetbaar is, is op een bepaald ogenblik groter geworden. Je ging studeren in de grote stad, je leerde er mensen kennen van de andere kant van het land. En ja, een West-Vlaming trouwde dan met een Limburgse, die voor hun gemak dan maar de standaardtaal kozen om te communiceren. Het dialect was niet meer voldoende.

Daarnaast kreeg het dialect een slecht imago. Het was boers, een achterlijk taaltje. Men deed er álles aan om het dialect niet meer door te geven aan de volgende generaties, de standaardtaal werd de norm. En zo verdween het dialect meer en meer naar de achtergrond.”

De dialecten die je vandaag nog hoort, zijn niet meer dezelfde als vijftig jaar geleden. Vroeger was de taal van je eigen dorp, je dialect dus, het enige wat je nodig had. Maar de wereld is de laatste decennia groter geworden”

Wat blijft er dan nog over van die typische dialecten van vroeger?

Wat het meest typisch is voor een dialect, verdwijnt het eerst. Kenmerken die iets algemener zijn in een regio, blijven langer hangen. Heel typische woordjes die slechts in een klein gebied bekend zijn, verdwijnen dus vlugger. Dat geldt ook voor klanken. Maar de meer algemenere kenmerken, de g/h-wisseling in West-Vlaanderen of het zangerige van de tonen in Limburg bijvoorbeeld, blijven langer standhouden. Je hoort daardoor wel nog waar iemand vandaan komt. Dialect evolueert steeds meer naar tussentaal: standaardtaal waarin je nog dialectkenmerken hoort.”

Toch lijkt het alsof het dialect opnieuw gewaardeerd wordt, kijk maar naar de muziek van Het Zesde Metaal en Tourist LeMC.

Het typische ‘vijf voor twaalf’-effect. Meer en meer mensen geven toe dat ze toch wel iets hebben met het dialect. Het is een stukje identiteit dat dreigt verloren te gaan, dus willen ze het des te meer koesteren. Net als de oude ambachten die in musea worden tentoongesteld, stoppen we het dialect in een taalmuseum. Dat bewijst de enorme toename aan dialectwoordenboeken van de laatste dertig jaar.

Je ziet ook een toename van dialect in de cultuurwereld. Kinderboeken, kookboeken, tv-series zoals Bevergem en Eigen kweek of dialectmuziek. Denk inderdaad maar aan Wannes Capelle van Het Zesde Metaal, die in het West-Vlaams zingt. Of stadstroubadour Tourist LeMC, die rapt in het Antwerps.”

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

De favoriete dialectwoorden van onze Libelle-redactie

  • Smosjteren, het Vilvoordse woord voor snoepen
  • Allemanswies, het woord dat ze in het Waasland gebruiken voor iemand die met iederéén overeenkomt
  • Agge dieje ze verstaand in e vogeltje stekt, vlieget achteroat, waarmee een rasechte Antwerpenaar zegt: hij is oliedom!
  • Aun hoaring zal nie broan, een uitdrukking in het Meetjesland om te zeggen: het zal je niet lukken
  • Poen, het Limburgs voor een kus
  • Fikfakke, het Kempisch woord voor spelen en plagen
  • Rottekotten, wat West-Vlamingen gebruiken als iemand de boel overhoop zet
  • Knoesels, een typisch woordje uit Sint-Niklaas voor enkels

Ben je een liefhebber van dialecten? Neem dan zeker eens een kijkje op …

  • Dialectloket, een website over taalvariatie van de Universiteit Gent waarmee je uren zoet bent. Van algemene info en taalkaarten tot geluidsfragmenten van vroeger en nu!
  • woordenbank.be, een database met regionale en lokale dialectwoordenboeken
  • Het Vlaams woordenboek, een schat aan Vlaamse woordenrijkdom, waaraan je zelf kunt meewerken.

Of lees …

LEUKE DORPEN OM TE ONTDEKKEN:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)