Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
Mother having discussion with son --- Image by © Tom Grill/Tetra Images/Corbis

Hoe praat je met je kind over de gebeurtenissen in Brussel?

In onze huidige, multimediale samenleving is het onmogelijk om onze kinderen volledig af te schermen van de Brusselse aanslagen. Voorzie je kind daarom van genoeg informatie, aangepast aan zijn leefwereld. Want het beeld dat een bang kind in z’n hoofd heeft, overtreft vaak de realiteit.

  • Praat met je kind

Je hoeft het journaal niet non-stop laten draaien om je kind de informatie te geven die het zoekt. Probeer het onderwerp thuis bespreekbaar te maken: zo krijgt je kind alle informatie mee vanuit een ‘veilige’ thuisomgeving, en kan het de info die overal doorsijpelt beter begrijpen en plaatsen.

Hou bij zo’n gesprekken rekening met de leeftijd en leefwereld van je kind, zo belast je het niet onnodig met zware feiten en schets je toch een realistisch wereldbeeld. Bij een kleuter vertel je over ‘stoute mensen’ en leg je de grote lijnen uit. Een tekening maken kan helpen de emoties en angsten van je kind een plaats te geven. Een adolescent heeft meer aan een volwassen gesprek over zijn of haar angsten.

  • Bied perspectief

Als je kind een vraag stelt over de gebeurtenissen, antwoord dan altijd eerlijk. Zorg dat het de situatie begrijpt door een groter kader te schetsen. Waarom doen mensen zoiets? ‘Om ons bang te maken, maar als we ze laten zien dat we niet bang zijn, dan verliezen ze.’ Je hoeft niet gedetailleerd op al de vragen van je kind in te gaan, maar neem ze wel serieus.

Maak je kind duidelijk dat gebeurtenissen zoals dat bijna nooit voorkomen. Het is in het nieuws net omdat het zo ongewoon is. Het is niet omdat er op TV gevaarlijke dingen te zien zijn, dat het hier ook gevaarlijk is. Als je kind politie op straat ziet, vertel dan waarom die daar is: zodat wij extra veilig zijn.

  • Wat weet je kind al?

Peil af en toe wat er in het hoofd van je kind omgaat. Vraag wat het zelf weet, wat het ervan denkt en hoe het zich erbij voelt. Laat je kind de vragen stellen, zo vermijd je te veel details te geven die het niet snapt en die je kind banger kunnen maken.

Let ook op non-verbale signalen. Komt je kind ’s avonds naar beneden omdat het door ‘buikpijn’ niet kan slapen, vraag dan even door: ‘Waar denk je aan? Ben je ergens bang voor?’. Zo zal het verhaal naar boven komen en kan je je kind gerust stellen.

  • Hou je eigen angsten in bedwang

Ook al ben je zelf bang, probeer je emoties onder controle te houden – zeker in de buurt van je kind. Jouw onrust zal die van je kind alleen maar versterken.