Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Column Marcel: Over spelevaren op een zonnige zomerdag

Door De Redactie

Ik ben dol op varen. Probleem is dat de meeste drijfdingen nogal veel geld kosten. Zeker als je iets wilt waar je met meerdere mensen van kunt genieten. Met vrouw en kind in een kano stappen is voor sommigen wellicht het toppunt van romantiek, voor mij is het vooral onpraktisch en oncomfortabel. Probleem is echter dat ik met mijn journalistensalaris niet veel verder kom dan precies die kano dus vooralsnog is het behelpen. Gelukkig heb ik een vriend met een boot. Tim heet hij. Tim heeft geen jacht of zo, maar ook geen kano. Iets daar tussenin: een sloep. Ik heb hem er uiteraard niet op uitgezocht, Tim, maar het is wel handig. Zeker nu, in de zomer.

Het is niet altijd een pretje, het hebben van een boot. Althans, als ik Tim moet geloven. Hij zegt dat je slechts twee keer plezier hebt van een boot; op de dag dat je hem koopt en op de dag dat je hem verkoopt. Met een knipoog, maar toch. Zo’n ding moet namelijk onderhouden, gestald en bestuurd worden. Daarnaast heb je als booteigenaar ineens veel ‘vrienden’ die bij de eerste zonnestralen aan de bel trekken en vragen of het niet gezellig is om eens een stukje te gaan varen. Wat erop neerkomt dat de booteigenaar een sloep vol aangeschoten ‘vrienden’ op zijn kosten door de grachten van Amsterdam mag manoeuvreren – op drukke dagen voorwaar geen pretje. Aan de andere kant: dan had je maar geen boot moeten kopen. Dus belde ik Tim, gisteren, want het was een stralende dag, en zoals ik al zei: ik ben dol op varen. Tims sloep is prachtig, en hij houdt bovendien erg van goede kaas en nog betere wijn. Al met al bijzonder dat we pas twee jaar
vrienden zijn, zeg maar.

“Sammie lachte hysterisch om ons
geploeter, terwijl wij in het water de
sloep probeerden los te wrikken”

Tim vond het een goed plan van me – of durfde in ieder geval geen nee te zeggen. Dus stonden we twee uur later bij de aanlegplaats van zijn sloep. Carlijn en ik hadden wijn, chips, worst en Sammie meegenomen, Tim zijn vrouw Frances en hun hond Bickel. De
zon blakerde aan de hemel, er stond geen zuchtje wind, de grachten lagen er stralend bij en ik wist: dit wordt een goede dag, dit is zomer zoals zomer moet zijn. Ik ga er niet om liegen: de wijn vloeide rijkelijk. Niet dat we dronken waren of iets dergelijks, daar zijn we veel te verantwoordelijk voor, maar enigszins licht in het hoofd: jawel. Behalve Tim dan, want die moest varen. Misschien dat hij daardoor een beetje narrig was; hij varen, wij drinken, zijn boot, ons plezier. Misschien was het zoiets. Het deed hem er in ieder geval toe besluiten ‘een stukje af te snijden’. Waren we iets eerder terug, zei Tim, en dan konden we daarna nog even napraten bij Tim en zijn vrouw op het dakterras. We vonden het prima.

Tot de boot met een werkelijk hels kabaal vastliep op een berg stenen. Daar was wel degelijk voor gewaarschuwd, bleek later, maar Tim was dan wel kapitein, al die malle borden begreep hij ook niet precies. Dus zaten we vast. Zo vast dat zowel Tim, zijn vrouw én ik te water moesten om de sloep los te wrikken. Het ging moeizaam. Carlijn zat aan boord, met Sammie en Bickel, en gaf aanwijzingen. Sammie kreeg een vrij hysterische lachaanval van ons geploeter, die aanhield tot we druipend en met veel gezucht en gesteun aan boord waren geklauterd. Bickel keek verdrietig, maar dat doet hij altijd. Ik ben nog steeds dol op varen, maar ik gok dat we het voorlopig even zonder boottochtjes moeten doen.

MARCEL LANGEDIJK IS…43 jaar / freelance journalist en schrijver / samen met Carlijn / sinds 2016 papa van dochter Sammie

Lees meer Marcel…