Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
© Ann De Wulf

Anne Davis: “De mensen zeggen soms: je zoon komt wel terug. Maar ik weet beter”

Een kind in het buitenland, dat blijft altijd een gemis. Libelle-columniste Anne Davis kan erover meespreken: haar zoon woont in het verre Japan. En hoewel ze blij is dat hij daar gelukkig is, zal haar moederhart er nooit aan wennen. Zeker nu ze hem dit jaar door corona geen enkele keer kon zien.

“De dag dat hij vertrok, zit nog in mijn hoofd en in mijn hart en in mijn vingers. Ik weet nog precies hoe zijn haar toen voelde”

Anne las deze column afgelopen zondag voor in het programma ‘De toestand is hopeloos maar niet ernstig’ op Radio 1. Je kunt dit herbeluisteren met de select-functie op de app van Radio 1 of via deze link

Dit jaar waren er veel mensen die hun volwassen kinderen ineens niet meer konden zien. Omdat ze in quarantaine moesten, of niet konden reizen, of omdat dat kind niet in hun bubbel paste. Dat was raar, en verdrietig. Ik zei dan stoer dat het voor mij makkelijker was, omdat mijn zoon al tien jaar in Japan woont; ik ben het dus gewend. Maar eigenlijk is dat niet waar: een kind dat ver weg is, dat went nooit. Met kerst niet, met verjaardagen niet, en ook niet op doordeweekse dagen als je gewoon samen koffie wilt drinken, of vragen of hij even wil helpen met het internet dat raar doet.

De dag dat hij vertrok, zit nog in mijn hoofd en in mijn hart en in mijn vingers. Ik weet nog precies hoe zijn haar toen voelde, en zijn schouders onder zijn dunne jasje. We brachten hem in de stromende regen naar het vliegveld en toen hij door de douane ging, wilde ik roepen: ‘Niet doen!’ Maar dat doe je niet, als moeder, want je wilt dat je kind gelukkig wordt en als dat geluk toevallig in Japan ligt, dan moet dat maar.

Sindsdien heb ik hem bijna elk jaar gezien. Ik ben in Japan geweest, met en zonder mijn man. Nooit te lang, want na tien dagen heeft een zoon het wel gehad met een moeder op een futon in de woonkamer. Hij is een paar keer naar huis gekomen, maar niet zo vaak, want in Japan hebben ze weinig vakantie en dan wil je niet telkens alleen maar terug naar Engeland. Dus hebben we ook een paar keer ergens anders afgesproken met hem en zijn vrouw: in Italië, en in Finland, en samen vakantie gehouden. Dit jaar kon er niets. De zomervakantie werd uitgesteld, en toen de kerstvakantie. Volgend jaar beter, hopen we.

“Ik mis de kleine, simpele dingen. Samen door de stad wandelen en zeggen: dat jasje koop ik voor jou”

Maar het blijft moeilijk. Natuurlijk is er Skype, en Skype is veel beter dan niets, maar het is zo geforceerd. Je moet minstens een uur praten, anders is het de moeite niet, en de vragen die je stellen wilt, écht stellen wilt, die stel je niet: ‘Ben je gelukkig? Waarom laat je je haar altijd zo kort knippen? Eet je wel genoeg?’ Je praat over gewone dingen en als je afsluit, voelt het een beetje leeg.

Nooit zal ik de Skypesessie vergeten waarop hij een beetje raar bewoog, en eerste niet wilde zeggen waarom. Uiteindelijk moest hij bekennen dat hij drie dagen in het ziekenhuis had gelegen, na een val van zijn motor die total loss was. Hij had zijn sleutelbeen gebroken, en hij was er goed van afgekomen. Hij had niks willen zeggen omdat hij zéker wist dat ik was komen overvliegen. Daar had dus hij gelijk in.

De mensen zeggen soms: ‘Hij komt wel terug’. Maar ik weet beter. Hij heeft een beeldschone Japanse vrouw, een goede job, veel vrienden, een fijne schoonfamilie. Als hij niet terug wil – en dat wil hij niet – dan wil ik hem niet eens terug. Maar ik mis het doodgewone van een kind in de buurt. De kleine, simpele dingen. Samen door de stad wandelen en zeggen: dat jasje koop ik voor jou. Even ruzie hebben en het weer goedmaken. Op afstand doe je dat niet.

En elke dag, als ik wakker word, kijk ik eerst op mijn gsm of er een WhatsAppje van hem is. Gewoon om te horen dat alles oké is, want hij heeft intussen allang een nieuwe motor. Als ik zo’n berichtje zie, is mijn dag meteen een stukje vrolijker. Maar wennen doet het nooit, zo’n kind ver weg. Voor mij tenminste niet.

Nog meer Anne Davis:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!