Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Hannelore

Uit het hart van Hannelore: “Ik voel me zo schuldig. Het ongeluk zou niet gebeurd zijn als ik het fietsstoeltje niet vergeten was”

Begin 2019 verloor Hannelore plots haar grote liefde Stijn aan hartfalen. In haar columns vertelt ze elke week over haar leven als jonge weduwe met twee kinderen.

Pijnlijke pech

Uitgerekend op de laatste schooldag, wanneer de zomervreugde voluit losbarst, sloeg het noodlot toe. Nu ja, we hadden het noodlot al harder weten toeslaan, maar het voelde op die dag wel degelijk als dikke, vette, pijnlijke pech aan. Nooit eerder vergat ik het kinderstoeltje op mijn fiets, maar deze keer had ik het er eens afgehaald, omdat het pijpenstelen regende. Bij vertrek vergat ik het ding, waardoor we op woensdagochtend naar school vertrekken zonder stoeltje.

We zijn amper honderd meter verder als ik een knal hoor, gevolgd door een ijzingwekkende kinderschreeuw

Even denk ik: shit, nee, dat lukt niet, maar een dikke, opgerolde handdoek doet wonderen. Polly zit vrolijk zingend achterop, haar beentjes omhoog, haar voetjes flink uit de buurt van het fietswiel. Terwijl ik af en toe check hoe het achterop verloopt, bedenk ik me dat we als kind vroeger vaak op die manier op de fiets werden vervoerd, dat dat normaal was. Ook aan de schoolpoort klinkt hetzelfde verhaal: veel leeftijdgenoten zijn vertrouwd met de jeugdherinnering én het al eens stomweg vergeten van een fietsstoeltje. Een mens maakt fouten.

’s Middags haal ik Polly op, te midden van een bende uitgelaten schoolkinderen. ‘Eindelijk twee maanden spelen’, zegt Polly opgelucht, alsof ze in de kleuterklas al een jaar lang hard aan het werk is gezet. Ik zet haar op het geïmproviseerde handdoekzitje en rij de straat uit. We zijn echter amper honderd meter verder als ik een knal hoor, meteen gevolgd door een ijzingwekkende kinderschreeuw.

In paniek spring ik van mijn fiets en draai bijna van mijn stokje, wanneer ik het voetje van Polly, gewrongen tussen de spaken van mijn wiel, zie zitten. Even weet ik niet hoe ik het er tussenuit kan krijgen, maar als ik het voorzichtig van tussen de spaken heb gekregen, zie ik dat haar enkeltje helemaal open ligt. Ik hap naar adem, probeer mijn kalmte te bewaren, maar voel me enorm machteloos, omdat ik zie en hoor hoeveel pijn Polly heeft.

Er passeren mensen die meteen willen helpen, al maakt Polly heel duidelijk dat ze niemand in de buurt wil. Er wordt naar de huisarts gebeld, die in lunchpauze blijkt te zijn. Ondertussen valt Polly even flauw, en bel ik alsnog – met haar hartje in gedachten – naar het noodnummer. De rollercoaster is in gang gezet en lijkt niet meteen van plan te stoppen. De hele tijd voel ik mijn hart tekeergaan. Ondertussen huilt Polly hartverscheurend en bovendien vloekt ze als een ketter. (Ik probeer me niet te veel af te vragen waar ze al die vloekwoorden vandaan haalt. Zorgen voor later.)

Bij ongelukken is er altijd een ‘wat als’ en je komt er geen stap mee vooruit

Later die dag besef ik dat de knal die ik hoorde mijn ontploffende fietsband moet zijn geweest. In de band blijkt glas te zitten en door de slag die het wiel daarop moet gemaakt hebben, verloor Polly waarschijnlijk even haar evenwicht, waardoor haar voetje de andere kant uitging. Met desastreuze gevolgen.

De dagen nadien ben ik afwisselend wondverzorgster, entertainer, serveuse, Polly-drager, nachtverpleegster en troostend kussen. En vooral: ik voel me ongelooflijk schuldig. Omdat het ongeluk niet was gebeurd als ik het stoeltje niet vergeten was. Dat het ook niet was gebeurd als er geen idioot een kapotte glazen fles op straat had laten liggen, doet weinig afbreuk aan mijn knagende schuldgevoel. Bij ongelukken is er altijd een ‘wat als’ en je komt er geen stap mee vooruit.

Het ongeluk paste in de categorie ‘over enkele weken zullen we er hopelijk mee kunnen lachen’, maar op het moment zelf, en in de dagen nadien, is het hels. Had iemand me jaren geleden gezegd dat ik met alle liefde de pijn van iemand anders had overgenomen, mocht dat kunnen, ik had eens goed gelachen. Pijn overnemen van een ander? Haha, nee hoor. Nu zou ik niks liever doen.

Al sinds het begin wil ik het liefst van al elk ‘pijntje’, elk moment van verdriet, om wat dan ook, van mijn kinderen overnemen. Ook al weet ik dat pijn, valpartijen en verdriet allemaal deel uitmaken van het ‘kind zijn’. En van opgroeien. Gek wat ouderschap met een mens doet. Loslaten, ik weet het. Maar toch… Ik hou mijn hart stiekem nu al vast voor hun eerste keer liefdesverdriet.

LEES MEER VAN HANNELORE BEDERT:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!