Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
Getty Images

Openhartig: deze lezeressen zijn ongewenst kleinkinderloos

Door De Redactie

Gesprekken lijken alleen nog maar over de kleinkinderen te gaan, en babyfoto’s duiken altijd en overal op. Wat als iedereen in je omgeving grootouder wordt, behalve jij?

Ik zou zo graag oma worden

Marina (58) heeft kanker en hoopt nog oma te worden voor ze sterft

‘Dit is toch geen wereld om kinderen in groot te brengen?’, antwoordt mijn zoon als ik vraag wanneer ze aan een gezin willen beginnen. Mijn schoondochter komt uit een gebroken gezin en heeft veel meegemaakt, zou het daarom zijn dat ze geen kinderen wil? Ik weet het niet. Ze is heel timide, ik kan er met haar moeilijk over praten.

“Mijn dochter zegt weleens: ‘Ik ben nog jong, ik heb nog tijd genoeg!’ Dat klopt, maar ik niet meer”

Mijn dochter en haar vriend hebben wél een kinderwens. Maar ze is verpleegster en werkt op de covidafdeling van UZ Gasthuisberg. Ze is doodop, leeft al anderhalf jaar voor haar job. Het beetje vrije tijd dat ze dan nog overheeft, gaat naar haar paarden. Als ik haar zeg dat ik op haar leeftijd al twee kinderen had die naar school gingen, antwoordt ze: ‘Och mama, ik ben nog jong, ik heb nog tijd genoeg!’

Dat klopt, zij heeft nog tijd. Maar ik niet meer. Ik heb al twaalf jaar huidkanker, recent werden er gezwellen in mijn oksels en borsten vastgesteld. Kanker zit bij ons in de familie, ik heb er al veel mensen aan zien sterven. De artsen spreken zich niet uit over hoeveel jaren ik nog heb. Ik word nauw opgevolgd, de huidkanker is onder controle en borstkanker is vrij goed te behandelen. Maar toch is er altijd die angst dat ik het niet meer ga kunnen meemaken.

Mijn dochter wordt eenendertig. Hoe langer ze wacht, hoe moeilijker het wordt om zwanger te geraken. En stel dat ze in verwachting is, dan moeten we sowieso negen maanden wachten, een periode waarin er veel kan mislopen. Ik geef toe dat ik ongeduldig word. Hoe langer het duurt, hoe meer ik ernaar snak. Maar als ik er iets van zeg tegen haar, dan lacht ze het weg: ‘Je moet niet zagen, mama.’

Vorige week ging ik op een terras koffiedrinken met een vriendin. ‘Ik ga oma worden, Marina!’, zei ze. Ik voelde een stomp in mijn maag. Haar kinderen en die van mij zijn even oud, ze zijn samen opgegroeid. Ik ben gelukkig voor haar, maar het steekt wél, vooral omdat ik weet dat ik als oma heel veel op dat kindje zou mogen passen. Ik heb Kinderverzorging gestudeerd, maar ben dertig jaar huismoeder geweest omdat mijn ex-man veel in het buitenland zat. Ik heb mijn twee kinderen alleen grootgebracht en er intens van genoten. Dat wil ik ook nog met mijn kleinkind(eren).

“Mijn hart is te groot, zeggen vriendinnen soms, maar zolang er geen kleinkind is, geraakt dat niet ingevuld”

Ik ben niet het type om in een hoekje weg te kwijnen, dat is geen leven. Ondanks de pijn en de vermoeidheid probeer ik actief te blijven, ik wil er nog zoveel mogelijk uithalen. Ik organiseer creatieve ateliers voor kinderen, volg kalligrafielessen en zit in drie patiëntenverenigingen. We hebben even overwogen om pleegouder te worden. Maar omdat ik intussen chronischepijnpatiënt ben en je dan sowieso kinderen met een rugzak in huis krijgt, is dat geen optie.

Ik heb er nog altijd ontzettend veel spijt van, want de vraag naar pleegouders is groot en ik doe niets liever dan zorgen. Mijn hart is te groot, zeggen vriendinnen weleens. Maar zolang er geen kleinkind is, geraakt dat niet ingevuld.”

Lieve (62) heeft drie zonen die de ware nog niet zijn tegengekomen

“Toen ik vijftig was, kwam het eerste kleinkind in onze vriendenkring. Ik was blij voor hen, maar eerlijk? Ik was er helemaal nog niet aan toe. Onze drie zonen waren als baby zoveel ziek geweest en hadden zoveel geweend, dat mijn man en ik er voor een tijdje klaar mee waren. (lacht) Hoe graag ik mijn kinderen ook zag, die babyfase was niet ons ding.

Dus vond ik het prima dat mijn kinderen in de jaren na mijn vijftigste nog heel andere dingen gingen doen: studeren, naar het buitenland, voluit gaan voor hun carrière… Ze hadden wel relaties, maar geen van de drie vond de ware om een gezin mee te stichten. En dat is vandaag nog altijd zo.

“Ik zie grootouders en hun kinderen weer dichter naar elkaar toegroeien, terwijl onze kinderen ons niet zo erg nodig hebben”

Intussen zijn we tien jaar verder en zijn bijna al mijn vriendinnen en nichten oma geworden. Ze vertellen honderduit hoeveel werk ze daarmee hebben — ik merk dat ook die kleintjes heel vaak ziek zijn als baby, er is nog niets veranderd sinds onze tijd. Maar daarnaast zie ik hen ook genieten van de liefde van die kleinkinderen en merk ik dat de band met hun dochters of zonen beter wordt dan ooit.

Natuurlijk zal er weleens misbruik gemaakt worden van oma en opa die zorgen, maar in de meeste gevallen zie ik ouders en kinderen weer dichter naar mekaar toegroeien; de gesprekken zijn anders, de zorgen zijn gedeeld. Terwijl onze kinderen ons niet zo erg nodig hebben. Ik geef toe dat ik de laatste twee, drie jaar het niet hebben van kleinkinderen ervaar als een gemis.

Ik praat er niet over met mijn kinderen, ik wil ze niet belasten. Ze werken enorm hard, ik ben heel fier op hen en we hebben een goeie band. Maar ze weten bijvoorbeeld niet wat het is om zelf kinderen te hebben, ze begrijpen niet altijd wat een moederhart voelt. De bezorgdheid die nooit overgaat, het verlangen om hen ondanks hun drukke agenda’s toch iets vaker te zien…

“Die vele WhatsApp-foto’s… Ik kan ze soms niet meer zien”

Ik heb het er steeds lastiger mee. Ook dat vrienden en kennissen het over niks anders meer kunnen hebben dan over hun kleinkinderen, vind ik moeilijk. Ze voelen mijn verdriet niet. Die vele WhatsApp-foto’s… ik kan ze soms niet meer zien. Ik ben tweeënzestig. Ik ben bang dat, als er ooit kleinkinderen komen, ik ze niet écht kan zien opgroeien. Mijn beide ouders zijn niet zo oud geworden, dus ik zie het niet gebeuren. En ja, dat doet pijn.”

Marijkes (63) enige zoon stierf vierentwintig jaar geleden

Vincent verongelukte met zijn brommertje toen hij zestien was, op weg van school naar huis. Mijn hele toekomst viel aan stukken, ‘ooit’ werd ‘nooit’. Een half jaar lang functioneerde ik amper. Ik werkte in de thuiszorg en als mijn uren erop zaten, sloot ik me op tussen mijn vier muren. Buitenkomen kon ik niet aan, zelfs naar de winkel gaan, was me te veel. Jaren ben ik bezig geweest met rouwen, met die enorme leegte en het gemis dat maar niet voorbijging.

Maar ik heb toen nooit gedacht aan de gevolgen op langere termijn. Op de dag dat mijn zus zei dat ze oma werd van een tweeling, besefte ik: niet alleen is Vincent weg, ik zal ook nooit mijn kleinkinderen kunnen koesteren. ‘Proficiat,’ zei ik, ‘maar waarom krijg jij er twee en zal ik er nooit één hebben?’ (huilt) Natuurlijk kon zij er niks aan doen, ik was gewoonweg jaloers.

Niet alleen mijn zus werd oma, ook op het werk werd de ene na de andere collega grootouder. Ze waren druk met foto’s en anekdotes delen. Ik ben altijd blijven lachen, maar vanbinnen weende ik. Ik was verdrietig omdat het mij niet gegund was, kwaad omdat Vincent van me afgenomen was.

“Veel van onze buren in Spanje gaan regelmatig naar huis voor hun kleinkinderen. Ik zou dat ook willen”

Ik denk dat er maar weinig mensen zijn die me echt begrijpen. Alleen mijn beste vriendin. Zij heeft twee schatten van kleinkinderen, al meer dan twintig jaar intussen. Ze gaan samen shoppen, ze maakt extra lekkers tijdens de examens… Met haar kleindochter is ze twee handen op een buik, heel erg mooi om te zien is dat. Ze vertelt honderduit over hen, ik zou het ook niet anders willen. Het is niet omdat ik er geen heb, dat ze het moet mijden. Maar zij begrijpt ook mijn verdriet. Als we in Spanje zitten, dan gaat zij naar Vincents graf om het te onderhouden en er een bloemetje neer te leggen. Dat doet deugd.

Omdat er hier geen kinderen of kleinkinderen zijn, wonen we de helft van het jaar in ons huis in Spanje. We fietsen veel, genieten van een terrasje, spelen gezelschapsspelletjes, spreken al eens af met de buren en vrienden daar. Veel mensen gaan alle twee maanden naar huis voor hun kleinkinderen. Ik snap dat, ik zou dat ook willen. (stilte) We proberen er het beste van te maken, ook al zijn er nog altijd moeilijke dagen.

Vincent is al vierentwintig jaar dood, maar het litteken blijft. Zijn vriendinnetje van toen is intussen mama van twee zoontjes. Als ik hen op Facebook zie, denk ik: dat hadden mijn kleinkinderen kunnen zijn. Ik gun het haar, maar ik had het ook graag gewild.”

Ann (55) heeft twee zonen; de oudste is homo, de jongste kampt met vruchtbaarheidsproblemen

“Ik sta in het onderwijs, deze maand zijn er maar liefst vier collega’s oma geworden. Het moeilijkste vind ik het moment dat ze vragen ‘Zeg Ann, en bij u?’ Dan antwoord ik: ‘Ze zijn nog maar achtentwintig en dertig, hé.’ Ik leg hun privéleven niet graag op tafel, het is niet aan mij om me daarover uit te spreken. Ik bijt op mijn tanden, maar vanbinnen vloek ik weleens.

De meeste collega’s van boven de vijftig gaan minder werken, ze willen er bepaalde dagen zijn om de kleinkinderen op te vangen. Ik word er zesenvijftig, ik zou ook graag wat minder gaan werken. Oma worden zou een goeie reden zijn, maar dat zit er voorlopig nog niet in…

“Mijn zoon en zijn vriend zijn een adoptieprocedure gestart, maar het gaat om wachttijden van minstens tien jaar”

Mijn zoon heeft zich op zijn zeventiende geout als homo. Op dat moment leken er een paar deuren dicht te gaan, maar ik was vooral opgelucht. Hij was jarenlang zwaar gepest en heeft enorm geworsteld met zijn seksualiteit. Ik hoopte dat het een ommekeer zou zijn, dat hij zich beter in zijn vel zou voelen en dat hij gelukkig kon worden. Intussen woont hij al acht jaar samen met zijn vriend, een heel lieve man.

Vijf jaar geleden zijn ze een adoptieprocedure gestart. Maar de weg is nog lang, op dat vlak is de maatschappij nog bekrompen. Twee mannen die graag een gezond kind willen adopteren? Dan gaat het om wachttijden van minstens tien jaar. Als je dan ook nog zegt dat je voorkeur uitgaat naar een wit kind, dan liggen je kaarten echt niet goed. Om hun kansen te vergroten, hebben ze zich opgegeven voor twee kindjes tegelijk van wie eentje ouder is dan vijf. Maar of het hen gegund is… Ze worden er ook niet jonger op, misschien dat ze zich over een aantal jaar ook te oud voelen om nog voor kleine kinderen te zorgen.

“Mijn jongste zoon en zijn vriendin zeggen dat ze geen kinderen hoeven, maar dat is natuurlijk gemakkelijker dan te moeten vertellen dat het medisch lastig is”

En ja, dan is er nog mijn jongste zoon. Hij heeft een vriendin, maar ze hebben allebei vruchtbaarheidsproblemen. Hij heeft weinig kwalitatief zaad ten gevolge van een niet-ingedaalde teelbal, mijn schoondochter heeft endometriose. De combinatie van die medische problemen is volgens hun arts weinig hoopgevend. Zelf wimpelen ze de vraag naar kinderen af en zeggen ze dat het niet hoeft. Dat is natuurlijk gemakkelijker dan te moeten vertellen dat de kans medisch gezien erg klein is.

“Je moet de keuzes van je kinderen respecteren. Komt er nooit een kleinkind, dan zal ik dat aanvaarden”

Als ik hen bezig zie en hoor, denk ik vaak: jullie willen wél kinderen. Maar ik zwijg, wie ben ik om hen daarmee te confronteren? Het is niet omdat ik oma wil worden, dat ik hen daarmee lastig moet vallen. Die wens moet van hén komen. Ik heb zelf een lang en zwaar vruchtbaarheidstraject achter de rug, het is een wonder dat ik twee kinderen heb gekregen. De druk was immens, mijn omgeving maakte me gek. Ik weet nog hoe moeilijk ik dat vond, ik wil hen niet hetzelfde aandoen.

Je moet de keuzes van je kinderen respecteren vind ik. Komt er nooit een kleinkind, zal ik dat aanvaarden. Dat verandert niks aan de liefde die ik voor hen voel. Een eigen kleinkind zou me misschien extra gelukkig maken, maar het is niet zaligmakend. Ik heb beseft dat ik mijn eigen geluk heb beleefd als moeder, dat was míjn keuze. Nu is het aan hen om een eigen pad uit te stippelen. Is dat zonder kinderen, dan zal ik dat respecteren.”

Uit: Libelle 24/2021 – Tekst: Annelies Dyck

VERDER LEZEN:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!