Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
Getty Images

SOS relatie: “We vrijen twee keer per jaar. Het voelt nooit goed aan, maar we kunnen er niet over praten”

Door De Redactie

Johan en Kitty zijn 17 jaar getrouwd, ze hebben een dochter van elf. Ze doen als koppel veel samen, maar voelen een grote afstand. Ook hun seksleven staat op een laag pitje. Relatiedeskundige Rika Ponnet geeft advies.

Wat zegt Kitty?

“Na mijn bevalling ben ik veel bijgekomen. Johan maakt er geen echte opmerkingen over, maar hij kijkt niet meer naar me zoals in het begin en dat raakt me enorm”

Kitty (41): “Ik leerde Johan kennen in de fitnessclub waarvan hij op dat moment manager was. Ik was pas afgestudeerd als sportlerares en begon er als instructeur. Hij viel me direct op: zijn zelfverzekerde uitstraling, zijn sociale ingesteldheid en vlotte omgang met anderen. Als je hem zag, werd er gelachen. Ik zocht contact, voorzichtig, en hij liet begaan, bevestigde me, maar liet het initiatief bij mij. Hij bleek samen te wonen met iemand, had een zoon van 7. Het klikte tussen ons en in zijn relatie was de passie volgens hem al lang uitgedoofd, hij voelde zich eenzaam. We hebben elkaar een jaar verkend en uiteindelijk heeft hij, heel impulsief, op een dag beslist weg te gaan thuis. Hij trok bij mij in, ik was heel gelukkig. Een relatie, samenwonen en ook kinderen krijgen was altijd al mijn droom geweest. Nu: dat laatste bleek minder evident. Johan was geen vragende partij meer voor gezinsuitbreiding. Hij had zich ook al laten steriliseren waardoor zwanger worden alleen nog maar zou lukken met medische hulp. Dat zag hij aanvankelijk niet zitten.

Ik ben vier jaar blijven aandringen en uiteindelijk heeft hij toegegeven en zijn we voor ivf gegaan. Ik was direct zwanger en we waren allebei intens gelukkig met onze dochter. Tijdens de periode van de vruchtbaarheidsbehandeling merkte ik wel dat Johan heel afwezig kon zijn, gesloten, waardoor ik vaak het gevoel had dat ik er te veel aan was. Ik weet het aan de stress die zo een behandeling met zich meebrengt, al die medische omkadering die toch je seksleven belast.

Toen onze dochter er was, had ik daar mijn handen mee vol. Hij hielp veel, maar naar mij toe was er afstand. Ik was lichamelijk ook veranderd, veel bijgekomen. Hij maakte daar geen echte opmerkingen over, maar hij keek niet meer naar me zoals in het begin en dat raakte me enorm. De seks in onze relatie heeft altijd op een laag pitje gestaan, al van bij het begin, maar de laatste jaren is dat vervallen tot hoogstens een keer of twee per jaar, meestal tijdens vakanties en op mijn aansturen. Het voelt ook nooit echt goed aan, meestal lukt het ook niet om tot penetratie te komen omdat Johan erectieproblemen heeft. Lukt het wel, dan is dat van korte duur en is het meestal snel voorbij.

We praten er ook niet over, waardoor ik me daar wel vragen bij stel. Vindt hij het goed zoals het is of wil hij het anders? Johan is toch best gesloten. Weet je, wij hebben nooit conflicten, hij is altijd vriendelijk, we doen alles opdat onze dochter gelukkig zou zijn en dat loopt ook goed, maar aan de leegte die ik af en toe ervaar zou ik toch graag wat doen. Ik denk vandaag vaak terug aan de periode toen we begonnen en de manier waarop hij me toen behandelde. Dat hij me nog eens met plezier en en bewondering zou aankijken, dat zou ik toch af en toe nog eens graag ervaren.”

Wat zegt Johan?

“Een toonbeeld van romantiek zijn we niet, maar we hebben toch geen slecht leven samen?”

Johan (53): “Toen ik Kitty leerde kennen was ik 12 jaar samen met mijn toenmalige partner. We hadden een goed leven dat ik niet in vraag stelde, al voelde ik me vaak eenzaam, niet verbonden met haar. Want ook al was die relatie toch met passie en veel gevoel gestart, dat was onderweg volledig verloren gegaan. Mijn gevoel voor haar was ook weg. Ik waardeerde haar, als de moeder van mijn zoon, als de vrouw die goed voor ons zorgde, maar als partner was er niets meer.

Kitty was een jonge spring-in-het-veld die dat gevoel opnieuw helemaal wakker maakte. We lachten vaak, hadden gezamenlijke dromen, de reizen die we allemaal wilden maken en die ik trouwens nooit zou gemaakt hebben met mijn vorige vrouw. Ik voelde dat als ik dat andere leven geen kans gaf, ik nooit meer gelukkig zou zijn. Ik heb lang getwijfeld, want wat deed ik haar, mijn zoon aan? Maar op een bepaald moment voelde blijven zo slecht, dat ik gegaan ben, omdat het niet anders meer kon. Ik trok aanvankelijk in bij een vriend, maar zag vanaf dan Kitty dagelijks en we zijn algauw gaan samenwonen.

Ik denk dat ik in Kitty te veel een oplossing heb gezien voor de leegte in mijn vorige relatie. Uiteraard was er in het begin veel affectie, maar ik merkte ook snel dat Kitty op dat vlak veel koeler en afstandelijker is dan ik ben. Bovendien doken er al na een paar maanden grote spanningen op. Kitty wou graag een kind, ik had daar niet direct oren naar, had voorheen ook besloten dat ik het bij eentje zou houden. Het was een thema dat we eerder hadden moeten aansnijden, maar zo gaat dat wel vaker in relaties, zeker? Toen Kitty merkte dat ik weigerachtig was, werd de druk enorm opgedreven. Ze moest en zou een kind hebben, sprak me daar dagelijks meerdere keren op aan, verweet het me ook op den duur dat ik haar en ons geluk in de weg stond. Dan zei ze me dat ik haar een kind niet kon ontzeggen omdat ik zelf al een zoon had, die zij toch mee opvoedde.

Ik ben uiteindelijk overstag gegaan. Ik kan vandaag zeggen dat ik intens gelukkig ben voor mijn dochter, ze is mijn oogappel, mijn prinses, mijn alles, maar dat hele verhaal heeft bij mij wel iets kapot gemaakt in mijn gevoel naar Kitty. Ze liet zich zodra ze zwanger was ook totaal gaan. Alleen dat kind was nog van tel. Wij doen tot op vandaag als gezin heel veel dingen samen en dat gaat ook goed. We maken jaarlijks twee mooie reizen, gaan vaak uit eten, nodigen vrienden uit. Maar de liefde en intimiteit tussen man en vrouw, die is er niet.

Kitty wijt dat aan de afwezigheid van seks. Ze stuurt daar al eens op aan, maar op een dermate onhandige manier dat het al mijn zin wegneemt. Ik kan dat niet op commando en ook niet los van een gevoel dat ik voor iemand heb. Kitty heeft aangestuurd op de sessies hier, ze wil praten over al die dingen. Ik vind dat heel moeilijk, want wat is het nut? Een gevoel komt er toch niet door te praten? En ook: wij zijn geen toonbeeld van romantiek, maar hebben geen slecht leven. Misschien moeten we dat gewoon waarderen.”

Hoe moet het nu verder?

“Over hun seksleven willen ze niet praten. Maar ze willen wel wekelijkse wij-momenten inbouwen”

Relatiedeskundige Rika Ponnet: “Als Johan en Kitty zich aanmelden, valt me in hun lichaamstaal een enorme gereserveerdheid op. Ze zijn beleefd en vriendelijk, maar kijken elkaar nooit aan als ze spreken. Het staat een beetje in contrast met het verhaal van hun gezamenlijk leven waarbij zo goed als alles samen wordt gedaan. ‘Johan is altijd atletiekcoach geweest en geeft dagelijks training in de club. Martha zit daar ook en loopt echt goed. Ik ga altijd mee naar de trainingen en de wedstrijden, we kennen in die wereld ook veel mensen, het is ons leven.’

Ook daarnaast doet het koppel veel samen, maar in de huiselijke sfeer verloopt het anders. Er wordt zelden samen gegeten, apart tv gekeken en ze gaan op andere tijdstippen slapen. ‘Wij hebben gewoon een ander levensritme’, zegt Johan. ‘Kitty ligt er om 22 uur al in. Ik kijk graag lang tv, geniet van mijn tijd alleen.’ Op mijn vraag of het altijd zo geweest is, gaat Johan niet in. Kitty antwoordt: ‘Vroeger ontbeten we altijd samen, maar Johan werkt vaak laat en begint dan ook laat. Ik sta vroeg op met Martha en ontbijt met haar. ’s Avonds eet hij ook later.’ Ik peil naar hun gevoelens bij de keren dat het wel nog gebeurt, samen tv kijken of eten. ‘Omdat we het zo weinig doen, voelt het dan onnatuurlijk aan’, zegt Johan. ‘Als we samen voor tv zitten, is dat bijvoorbeeld nooit in dezelfde zetel.’

Beiden zien dat samen dingen doen, gemakkelijk gaat, omdat er dan inhoudelijk een invulling is voor het samen zijn, maar zodra ze op elkaar aangewezen zijn, de afstand pijnlijk duidelijk wordt. ‘Als we samen eten, is het vaak zoeken naar een gespreksonderwerp. Vaak gaat het over Martha of de atletiek. Maar is dat niet bij alle koppels een beetje zo?’ Kitty geeft aan: ‘Ik heb daar geen probleem mee, we hoeven toch niet alles samen te doen?’ Ik heb het met hen over het verschil tussen dingen samen doen, elk vanuit je beleving, en dingen, die beleving als koppel delen. Ze willen dat graag proberen en de daaropvolgende week spreken ze af om toch een aantal tafelmomenten te delen. ‘Dat lukte wel, maar eigenlijk was het toch vooral Martha die ervoor zorgde dat we aan de praat bleven. Het voelt zo onnatuurlijk aan, mijn dag bespreken met Johan.’ Als ik peil naar wat ze daarin zo bevreemdend vinden, zegt Johan. ‘Ik kan me niet voorstellen dat ze dat interessant kan vinden. Het gaat ook tegen mijn gevoel in en dat werkt niet voor mij. In bed is dat ook zo.’

Op mijn vraag wat ze graag anders willen in hun seksleven, zegt Johan: ‘Ik mis het soms wel, maar logisch toch dat het nooit meer is zoals bij aanvang. Er komen andere dingen in de plaats.’ ‘Om die reden zou ik mijn gezin nooit in vraag stellen’, voegt Kitty toe. Ik merk bij beiden een gesloten houding tegenover het thema en voel dat het geen zin heeft om daarop door te gaan. Ze willen het houden bij de wekelijkse opdracht om wij-momenten in te bouwen en die dan te bespreken. Een paar weken later geven ze aan dat ze tevreden zijn zoals het nu loopt en beëindigen we de gesprekken.”

Uit: Libelle 11/2019 – Tekst: Rika Ponnet

Lees ook:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!