Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
© Getty Images

Verborgen verdriet: niemand weet dat Sylvie in haar jeugd misbruikt werd door haar broer

Door Diny Thomas

Iedereen houdt wel iéts verborgen voor de buitenwereld, maar sommige geheimen wegen zwaarder dan andere… Sylvie vertelt over een geheim dat ze al jaren met zich meedraagt: ze werd als kind misbruikt door haar oudere broer. 

Sylvie werd als kind misbruikt door haar oudere broer

Sylvie (59): “Dit is de allereerste keer dat ik mijn verhaal aan iemand vertel. Zelfs mijn man en mijn kinderen weten niets van het vreselijke geheim dat ik al jaren met me meedraag.

Mijn verhaal begint als ik negen ben. We waren thuis met z’n zevenen. Mijn ouders werkten bijna dag en nacht in de slagerij aan ons huis. Daardoor had mijn moeder nauwelijks tijd voor het huishouden of haar zeven kinderen. Mijn twee zussen en ik moesten al van jongs af aan koken, wassen, het huis poetsen…. Onze broers hoefden niet te helpen, want die moesten zo snel mogelijk meedraaien in de slagerij. Ik kon het goed vinden met mijn broers, behalve met de oudste, John. Rond zijn vijftiende kreeg John mentale problemen en werd hij een tijdje opgenomen in een psychiatrie. Toen hij daarna weer thuiskwam, gedroeg hij zich vreemd. Hij leek verward en bang, en stond de hele tijd te trillen op zijn benen. Maar omdat mijn ouders geen tijd hadden om hem op te vangen, viel ook die taak op de meisjes in het gezin. ‘Jij moet ervoor zorgen dat John niet over zijn toeren raakt’, zei mijn moeder vaak. Had mijn moeder dat maar nooit gedaan: want na zijn verblijf in de psychiatrie begon John mij te misbruiken.

Ik was amper negen, nog een kind. Als mijn ouders niet in de buurt waren, wat dus heel vaak zo was, zei John dat ik moest meekomen naar zijn kamer. Als jong meisje durfde ik niet anders dan mijn grote broer te gehoorzamen. Daar op zijn kamer deed John de verschrikkelijkste dingen met me. Hij beval me mijn kleed naar boven te trekken en mijn onderbroek uit te doen, zodat hij zich aan me kon vergrijpen. Durfde ik te huilen, of zelfs nog maar een kik te geven, dan begon hij meteen te dreigen. Dat ik ‘ons’ geheim aan niemand mocht vertellen, of dat er anders wat zou zwaaien. Drie jaar lang heeft mijn broer me misbruikt op alle mogelijke manieren. Nooit heeft iemand iets gezien, nooit heb ik er tegen iemand iets van gezegd. Zo beschaamd was ik over wat er daar op die kamer gebeurde. Op mijn twaalfde liet John me plots van de ene dag op de andere met rust. Vanaf toen kreeg hij vriendinnetjes en vond hij het blijkbaar niet meer nodig om zijn lusten bot te vieren op zijn kleine zus.”

“Durfde ik te huilen, of zelfs nog maar een kik te geven, dan begon hij meteen te dreigen”

Ziek van schaamte

Hoe ga je verder na zo’n vreselijke periode? Ik heb geen idee hoe andere slachtoffers dat doen, maar ik besloot meteen om wat me overkomen was zo diep mogelijk weg te duwen. Ik wilde gewoon verder met mijn leven, doen alsof er niets gebeurd was. Maar dat was zo moeilijk… Rond mijn zestiende kreeg ik mijn eerste vriendje. Als die nog maar een arm om me heen legde, voelde ik mezelf al helemaal verstijven. Ook nu worstel ik nog altijd met lichamelijkheid en intimiteit. Ik heb niet graag dat vrienden of kennissen me aanraken, sta alleen toe dat mijn kinderen me knuffelen. Ook seks blijft een heikel punt. Als mijn man tijdens het vrijen zegt ‘dat ik mijn onderbroek mag uitdoen’, word ik meteen weer terug gekatapulteerd naar de slaapkamer van mijn broer. Op zulke momenten voel ik mijn maag samenkrimpen en zou ik het liefst van al beginnen te gillen.

Geen haar op mijn hoofd dat eraan denkt om mijn echtgenoot in vertrouwen te nemen. We zijn meer dan twintig jaar getrouwd, maar nooit heb ik ook maar iets over mijn broer laten uitschijnen. Ik ben veel te bang voor zijn reactie. Mijn echtgenoot is nogal hard in zijn oordeel, hij zou waarschijnlijk zeggen: ‘Dat ligt toch allemaal in het verleden? Laat dat gewoon los.’ Zelfs mijn beste vriendin, die ik voor de rest wel alles vertel, heb ik nooit in vertrouwen durven te nemen. Ik denk dat ik letterlijk ziek zou worden van schaamte… Rationeel weet ik dat dat niet nodig is, dat wat er gebeurd is niet mijn schuld is. Maar mijn gevoel zegt iets anders. Dat zegt dat mensen me zouden veroordelen en me zouden laten vallen als een baksteen. Mijn verhaal lijkt ook zo onwaarschijnlijk: waarom heb ik mijn broer al die jaren zijn gangen laten gaan? Waarom heb ik nooit gezegd dat het moest ophouden? Want hij heeft me niet één keer, maar wel honderd keer misbruikt. Nee, ik ben doodsbang dat mensen me niet zouden geloven, net omdat ik er ook nooit iets tegen een ander over heb gezegd. Ik heb een heel goede band met mijn twee dochters, maar ik mag er niet aan denken dat ze mijn geheim zouden ontdekken. Hoe zouden ze dan wel niet naar hun moeder kijken… Om nog maar te zwijgen van het verdriet dat ik hen daarmee zou aandoen.”

In de doofpot

Er is één persoon in mijn leven die mijn verhaal volledig zou begrijpen. Die de pijn die ik nog altijd voel perfect zou aanvoelen. Maar net die persoon kan ik nooit in vertrouwen nemen. Zo’n tien jaar na die donkere periode uit mijn jeugd kwam ik erachter dat ik niet Johns enige slachtoffer was. Dat hij ook mijn lieve zus Ingrid jarenlang heeft misbruikt. We wisten het gewoon niet van elkaar… Ingrid heeft de wandaden van mijn broer later wel naar buiten gebracht. Toen ze ging trouwen, heeft ze het aan onze moeder verteld, omdat het misbruik haar met zoveel mentale en seksuele problemen had opgezadeld. Maar mijn moeder heeft die beschuldigingen aan het adres van haar oudste zoon meteen in de doofpot gestopt.

Ik denk dat ze doodsbang was voor de reacties van de buitenwereld. Verschrikkelijk, natuurlijk, maar zo ging dat in die tijd… Over zulke dingen sprak je niet, die hield je binnenskamers. Mijn zus is daarna toch over het misbruik gaan praten met een psycholoog, omdat het zo zwaar op haar drukte. En daarna heeft ze het zelfs aan haar man en kinderen opgebiecht. Dat ze daar de moed toe vond, bewonder ik enorm. Zelf zou ik zoiets nooit kunnen… Zelfs niet als iemand de deur wagenwijd voor me openzet. Een paar jaar geleden wilde mijn jongere broer Dirk me onder vier ogen spreken: ‘Of ik als kind ooit iets had gemerkt van het misbruik waarvan Ingrid onze oudste broer beschuldigde?’ Ik heb staalhard gelogen dat ik nooit iets heb gezien of gehoord dat daarop kon wijzen. Ik kreeg het gewoon niet over mijn hart om hem te vertellen dat John ook mij jarenlang heeft misbruikt. Dirk zou daar ziek van zijn, dat wilde ik hem niet aandoen.

“Ik draag vanbinnen nog zoveel woede met me mee… Woede die ik met de jaren alleen maar heviger voel opborrelen”

Dat is meteen ook de reden waarom ik Ingrid nooit iets zal zeggen. Mijn arme zus heeft zelf al zoveel afgezien in haar leven… Waarom zou ik die oude wonden dan opnieuw openrijten? Want die wonden, die genezen al zo moeizaam. Ik heb mijn jeugdtrauma lang proberen weg te duwen. Maar eigenlijk weegt het met het ouder worden alleen maar zwaarder. Ik draag vanbinnen nog zoveel woede met me mee… Woede die ik met de jaren alleen maar heviger voel opborrelen. Ik heb al vaak gedacht: als een man ooit een vinger durft uit te steken naar mij of mijn dochters, krab ik zijn ogen uit. Soms ben ik bang dat ik die onderdrukte emoties er op een dag allemaal ga uitgooien. En dat mijn geheim zo toch nog uitkomt… Ook mentaal blijft dat misbruik me achtervolgen. Ik ben een enorm slechte slaper, altijd al geweest. Maar ook dat wordt alleen maar erger. Bijna elke nacht loop ik rusteloos door ons huis te dwalen, terwijl mijn man en dochters vredig slapen… Misschien moet ik toch eens psychologische hulp zoeken, denk ik dan. Maar dat spreekt dat ene stemmetje dan meteen weer tegen: ‘Je houdt je geheim al zo lang voor jezelf, waarom zou je nu nog alles gaan opbiechten?’”

Brief aan mijn kinderen

Een paar jaar geleden is John gestorven. Ook toen ben ik geschrokken van de woede die blijkbaar nog altijd in me zit. Op zijn begrafenis voelde ik geen spatje medelijden, integendeel. Ik dacht de hele tijd: dit is je verdiende straf, voor wat je mij en mijn zus hebt aangedaan. Dat klinkt waarschijnlijk heel gemeen, maar het is niet anders. John heeft nooit ‘sorry’ gezegd voor wat hij ons heeft aangedaan. Zelfs toen Ingrid hem confronteerde met zijn wandaden, bleef hij staalhard ontkennen. Het blijft ook zo onwezenlijk… Daar kan ik echt nog op vastlopen: hoe kun je je bloedeigen zus nu zoiets aandoen? Ik was negen, verdorie. Zoiets doe je toch niet met een onschuldig kind? Mijn broer was een psychiatrisch patiënt, ja, dat is waar. Maar dat praat zijn daden toch niet goed?

“Ik kan ook nog heel kwaad zijn op mijn ouders. Als zij er wat vaker waren geweest om een oogje in het zeil te houden, was dit misschien nooit gebeurd”

Ik kan ook nog heel kwaad zijn op mijn ouders. Als zij er wat vaker waren geweest om een oogje in het zeil te houden, was dit misschien nooit gebeurd. Als moeder heb ik dat zelf anders proberen te doen. Mijn twee dochters hebben nooit alleen hun plan moeten trekken. Daar waakte ik wel over… Soms denk ik bij mezelf: later, als ik niet lang meer te leven heb, schrijf ik een lange brief aan mijn kinderen waarin ik mijn hele verhaal uit de doeken doe. Want eigenlijk is het wel hun recht om hun mama volledig te kennen. Maar voorlopig blijft die stap gewoon te groot. Een paar jaar geleden was ik samen met mijn twee dochters op vakantie in Marokko. Op een avond zaten we met ons drieën te genieten van een prachtige zonsondergang, toen ik dacht: eigenlijk zou dit een goed moment zijn om het hen te vertellen. Maar zelfs toen ben ik op het laatste moment teruggekrabbeld. En toch… Ik had nooit gedacht dat ik mijn geheim ooit zou vertellen, tot nu. Wie weet kan dit interview een eerste stap zijn om ook andere mensen, dichter bij me, in vertrouwen te nemen…”

Uit: Libelle 33/2020 – Tekst: Margot Kennis & Diny Thomas

Meer openhartige verhalen:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes! seconden