Kidskwesties: “Mijn zoontje is vier en heeft een stout vriendje. Moet ik ingrijpen of niet?”

Kidskwesties: “Mijn zoontje is vier en heeft een stout vriendje. Moet ik ingrijpen of niet?”
Little boys covered in baking ingredients during a messy baking session

Kinderpsychiater Lieve Swinnen beantwoordt voor Libelle vragen die elke moeder zich vroeg of laat weleens stelt. Deze week…

“Mijn zoontje Lars is vier en heeft een stout vriendje, door wie hij zich laat meeslepen. Ik maak me daar ongerust over. Moet ik ingrijpen of niet?” – KATRIEN (33)

Dit zegt Lieve Swinnen:

“De invloed van leeftijdsgenoten moeten we niet onderschatten, maar bij kleuters zoals Lars valt dat al bij al nog mee. Die zijn vooral bezig met hun eigen ontwikkeling en leerproces. Kinderen leren van anderen, ze nemen hun gedrag en opvattingen over. Je wordt je leven lang beïnvloed door andere mensen. Dat is wat we noemen ‘socialisatie’: het overnemen van opvattingen en gedragsregels van mensen binnen een bepaalde gemeenschap of cultuur. De eerste en belangrijkste mensen van wie kinderen dingen leren en overnemen, zijn hun ouders. Gaandeweg komen daar anderen bij, zoals vrienden en vriendinnen, leerkrachten, idolen… dat is allemaal heel normaal.”

“Voor kleuters als Lars gaat opeens een heel nieuwe wereld open als ze naar school gaan. Naast mama en papa, broer en zus, oma en opa, zijn er nu zoveel anderen. Het is heel boeiend voor een kind om nieuwe zaken te ontdekken, te experimenteren en grenzen te verleggen. Gedrag van vriendjes kopiëren is daarbij normaal, en een ander kind dat nét iets meer of anders durft dan hij, kan dan heel aantrekkelijk zijn. Natuurlijk moet een kind leren welk gedrag aanvaardbaar is en welk niet, en hoe je je het best ‘sociaal’ gedraagt. Een vierjarige staat nog aan het begin van dat leerproces. Uiteraard mag je aangeven wat kan en wat niet, maar vergeet niet dat gedrag waar je veel aandacht aan geeft, zich herhaalt, ook negatief gedrag! Focus dus op het positieve gedrag van je kind, niet op het negatieve, en al zeker niet op het negatieve gedrag van een ander kind (dat ook nog veel moet leren).”

“Je vierjarige waarschuwen voor dat ‘foute’ vriendje, is echt niet nodig. Lars verbieden om met hem om te gaan, hoeft niet. Zoals ik al eerder zei, is het wél zinvol om goed gedrag aan te moedigen, zodat Lars straks zelf een geliefd vriendje wordt. Je kind stimuleren tot goed sociaal gedrag is een van de belangrijkste dingen die je voor je kind kunt doen. Help hem om voldoende aan anderen te denken en doe dit ook voor. Bevorder empathie: zich in een ander verplaatsen, begrijpen wat die voelt, reacties geven die overeenkomen met de gevoelens van de ander. Agressief gedrag maakt daarentegen dat een kind regelmatig botst met anderen, waardoor het al snel gemeden wordt. Gevolg: agressieve kinderen worden minder snel uitgenodigd om mee te spelen, om naar verjaardagsfeestjes te komen… Corrigeer agressief gedrag dus zeker van kleins af aan en maak duidelijk dat dit niet kan.”

“En wees gerust: kinderen voelen na een tijdje vanzelf aan wie geschikte vriendjes zijn en wie niet. Dat zijn vriendjes door wie je eigen kind zich gewaardeerd voelt, die gevoel voor humor hebben, vriendelijk zijn, complimentjes geven, en goed kunnen delen. Afknappers zijn verbale agressie, uitingen van woede, fysieke agressie, plagen… Nog een leuk weetje om af te sluiten: het blijkt dat kinderen elkaar binnen het halfuur beoordelen: je bent een toffe of niet.”

 

LIEVE SWINNEN • getrouwd met Ignace en mama van drie volwassen zonen • houdt van zwemmen, wandelen, lezen en Candy Crush • grote fan van Justine Henin (nog steeds)
• karakter: druk en impulsief • heeft haar eigen praktijk, De Hoeksteen.

Lees ook:

 

 

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)