Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Geen compromissen voor bokslegende Freddy De Kerpel

Door De Redactie
Hij houdt niet van grotten met vleermuizen, zo bleek in Expeditie Robinson. Want daar kan hij niet in trainen. Oog in oog met Freddy, de man van graniet. Of niet?

Quote van de week: "Ik doe mijn goesting, zo simpel is het."

Een woensdagmiddag in een fitnessclub in Destelbergen. Je verwacht niets dan zweet en spieren, maar op dit uur verzamelen zich hier de kinderen van de balletles. Een zwerm kwetterende elfjes. In wolkjes van tule. Met ogen als kooltjes zo groot wanneer plots een reus de zaal binnenwandelt. Freddy De Kerpel, een jongeling van 63, Bekend Bokser en mediafenomeen, beult hier nog elke dag zijn lichaam af – als hij tenminste niet bij zijn vrouw in Brazilië is, of op een eiland vol celebrities zit. Hij was de gedoodverfde winnaar van Expeditie Robinson, tot hij door zijn team werd weggestemd en naar een grot vol vleermuizen moest. Dat hij daar niet naartoe wou, had hij vooraf gezegd, en hij hield woord: hij stapte nog liever op uit het programma dan zich te laten opsluiten in een donker hol waar hij niet kon sporten. ”Je kunt niet een beetje nee zeggen”, zegt hij. ”Als je altijd terugkeert op je woorden, heb je op het eind geen principes meer.” Om ons heen spitsen zich een slordige dertig oortjes – nieuwsgierig naar die Man Die Nooit Iets Tegen Zijn Goesting Doet.

Waarom deed je eigenlijk mee aan Expeditie Robinson? En het is verboden om het woord ‘uitdaging’ te gebruiken.

 (lacht) ”Ja, maar voor een sportman draait het daar natuurlijk om. Die spelletjes, dat maakt het tof. Toen ze me vroegen, heb ik eerst geweigerd. Ik kende het programma niet, en dacht dat je alleen maar op een eiland moest zitten: vissen vangen en afwachten. Net die proeven hebben me over de streep getrokken: dat vond ik wel interessant. Ik heb nergens spijt van, al had het wel langer mogen duren.”

De meeste Belgen leven bij de gratie van het compromis. Jij niet.

”Ach, nee. In het boksen doe je dat ook niet. (lacht) Je gaat naar de ring, je kijkt in elkaars ogen en je slaat. Dat zit als kind al in je. Ik ben altijd een goestingdoener geweest.”

Kun je een dummy uitleggen wat er zo mooi is aan boksen?

”Het is een technisch moeilijke sport, gevaarlijk, keihard, maar ook heel puur en eerlijk. Je staat man tegen man, kijkt elkaar in de ogen, je vecht op leven en dood, en als de wedstrijd gedaan is, omhels je elkaar. Het is de machosport bij uitstek, maar toch hebben winnaar en verliezer ook respect voor elkaar. Je hebt de overwinningen, het succes, het publiek, het geld natuurlijk: dat is de roes. Maar de sport heeft mij ook discipline bijgebracht. Je moet daar eerlijk in zijn, met een vechtersbaas kan het alle kanten uit.”

Je hebt je tweede vrouw in Brazilië leren kennen, aan het strand. Wat maakte dat je wist: zij is het?

”Ik vond haar ongelooflijk mooi, heb haar aangesproken en al pratend heb ik ontdekt wat voor een prachtige vrouw dat was. Ze is goed opgevoed, slim, stijlvol, ze heeft zin voor initiatief. Ze heeft in België op zes maanden tijd Nederlands geleerd, ze heeft informatica gestudeerd, en nog geen dag zonder werk gezeten. Ze is meteen begonnen bij Volvo, en omdat ze zoveel talen kent, is ze daarna aangesproken door de firma T.H.V. uit Waregem die een filiaal had in Brazilië. Ze was pas 27 toen ze als assistente aan de slag kon in Sao Paulo.”