Guido’s kijk: “Hoe vlot ik professioneel door het leven laveer, zo onbeholpen ben ik in de kleine verhaaltjes van het leven”

Guido's kijk: "Hoe vlot ik professioneel door het leven laveer, zo onbeholpen ben ik in de kleine verhaaltjes van het leven"

Guido Everaert is marketeer, reclameman, copywriter en lesgever. Hij heeft vier volwassen kinderen: Eline, Johannes, Lise en Marie, en ook een hond: Rufus. Guido is gescheiden en woont samen met zijn nieuwe liefde. In zijn tweewekelijkse column ontdek je hoe hij naar het leven kijkt.

Toen ik dertien was, besliste ik om mijn vader geen kus meer te geven ’s ochtends. Ik was daar te oud voor geworden, vond ik. Ik heb er een leven lang spijt van gehad. Ik zag de mens doodgraag. Hij heeft me gemaakt tot wie ik ben, door eindeloze conversaties en discussies, in de auto en aan de ontbijttafel. Maar ons ‘fysiek contact’ bleef altijd beperkt tot een handdruk. Onder venten. Tot aan zijn dood. Mijn broers hadden daar geen last van. Die kusten en knuffelden onze pa. En ik ben daar altijd ontzettend jaloers op geweest. Maar ik ben er nooit in geslaagd om de klok terug te draaien. Wat maakt dat ik erg koud overkwam. Het was eerder onhandigheid, onbeholpenheid zelfs. Mijn handelsmerk. En ik heb er spijt van. Zelfs vijf jaar na zijn dood nog.

Met mijn mama heb ik dat niet, als ik haar zie geef ik haar een knuffel. Omdat ze dat fijn vindt. Met haar heb ik een ander probleem. Het onvermogen tot praten, tot luisteren. Ik wil dat wel doen, maar alleen als het over iets wezenlijks gaat. Noem het een professionele scheefgroei, ik filter weg wat ik niet interessant of nuttig vind.

En dat is meteen het probleem. Mijn moeder is een intelligente vrouw met een klare kijk op de wereld, maar met het ouder worden wordt die wereld kleiner. En Lier is ook niet meteen een wereldstad te noemen. Je schakelt automatisch een paar versnellingen terug als je daar woont. Ze krijgt dus niet echt grote impulsen, het leven vernauwt tot de eetmomenten, de bezoekjes aan dokters en apothekers, en de gezondheidsbulletins van de familie. Om over ‘Sturm der Liebe’ en familie maar te zwijgen. En dan haak ik af. Ik ben niet in staat om daar iets zinnigs over te zeggen en ik kan ook niet doen alsof. Dus zwijg ik. En dat komt minstens even koud over.

Gaat het ook hier over arrogantie, of schat ik het verkeerd in? Hoe vlot ik professioneel door het leven laveer en lul, zo onbeholpen ben ik als het er om gaat om zelfs maar interesse te tonen in de kleine verhaaltjes van het leven. Ons mama heeft dat niet meteen nodig, die vindt babbelen op zich al plezant, maar ik zie mezelf stuntelen. Dat is nooit fijn. Het is alsof ik gewoon niet weet wat zeggen, het lijkt ook allemaal zo futiel.

Waarom vertel ik dat? Omdat het mij bezighoudt, en omdat ik niet nog een keer dezelfde fout wil maken. Mijn vermijdingsgedrag is onderhand legendarisch. Als ik me ergens niet prettig bij voel, dan loop ik er van weg. Maar ‘ons mama’, die verdient beter, dan een zoon die maar half luistert, of die uit schrik voor de gebrekkige dynamiek al na een kwartier weer de deur uit storm, zogezegd wegens ‘druk, druk, druk’.

Mijn probleem werd opgelost uit onverwachte hoek. Door de mannen van de post. Jawel, onze eigenste Bpost. Niet dat ik er hier reclame wil voor maken, maar ik stond met een vriend te praten over mijn communicatieprobleem. Hij begon breed te lachen. ‘Je moet kaartjes sturen’. Ik doe dat wekelijks. En inderdaad, het werkt!

Er bestaat een appje, dat je zelfgemaakte foto’s omzet in postkaarten. Ik gebruikte het vroeger sporadisch, eerder lacherig, om te laten weten dat ik op vakantie was. Maar het is echt fijn om wekelijks een fotootje van iets waar je mee bezig bent, of een grappig moment met vrienden, vast te leggen en naar de oma te sturen. Mijn mama heeft een innige relatie met haar brievenbus. Dwangmatig opent ze die, telkens als ze er passeert. En we weten allemaal dat onze brievenbussen te weinig mooi nieuws brengen. Reclame, rekeningen en officiële papieren. Dat is het zo wat.

En nu vindt mijn moeder quasi wekelijks een prentkaart in de bus. En het mooie is, dat ze die erg trots op haar buffetkast uitstalt. Ik ben intussen ook al zo ver dat ik de achterkant vol pen met lieve berichten aan de ‘liefste mama van de hele wereld’, vanwege ’haar lievelingszoon’.

Dat is op zijn beurt niet ongemerkt voorbijgegaan bij de andere broers en de kleinkinderen. Iedereen is op de kar gesprongen en naast onpersoonlijke Facebook- en Whatsapp-chatgroepen hebben we nu een erg levendige ‘echte post’ correspondentie/concurrentie met oma.

Ze geniet met volle teugen, en als ik eerlijk ben, ik ook. Ik heb het gevoel dat ik haar dagen een beetje vrolijker maak, en haar brievenbus een beetje voller. Het is nog niet echt hetzelfde als mee keuvelen over ‘Familie’ en ‘Thuis’, maar het is al een stap in de goede richting.

Meer lezen van Guido?

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)