Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
Getty Images

SOS opvoeding: “Ik wil me niet hoeven te schamen voor het gedrag van mijn zoon”

Door De Redactie

Marc en Leen zijn ten einde raad: hun zoon Dean (17) kreeg al twee pv’s voor het overtreden van de coronaregels en werd nu berispt, omdat hij het sluitingsuur van een café niet respecteerde.

Wat zegt mama Leen?

Leen (46): “Ik werk in een ziekenhuis en heb daar gezien wat de gevolgen zijn als mensen de coronamaatregelen niet naleven. Hoe kan ik dan aan mijn collega’s uitleggen dat mijn eigen zoon de regels nog áltijd schendt? Hij lijkt geen enkel besef te hebben van wat zijn gedrag veroorzaakt, van hoe onverantwoord en asociaal hij doet. Hij is zo egoïstisch!

Mijn man en ik hebben al bijna anderhalf jaar extreem goed opgelet. We hebben de regels altijd nauwgezet gevolgd en onszelf veel ontzegd. We hebben geen verjaardagen gevierd met de vrienden, zijn niet op reis geweest, hebben geen BBQ’s en feestjes meer georganiseerd…

“Ik ben zo teleurgesteld in hem, maar heb hem zelf eigenlijk niks meer te zeggen”

En onze zoon lijkt dat allemaal niet belangrijk te vinden. In april kreeg hij een boete omdat hij na 12 uur ’s nachts nog op straat liep, in mei omdat hij met twee anderen in een auto zat. Vorige week had hij nog een aanvaring met een cafébaas omdat hij niet om 1 uur wilde vertrekken!

Ik ben zo teleurgesteld in hem, maar heb hem zelf eigenlijk niks meer te zeggen. Daarom willen we dat hij met een psychotherapeut praat. Ik vrees alleen dat hij zich niet zal openstellen. Hij kan koppig zijn en is niet op zijn mond gevallen. Hij schuwt geen grove taal, tegen eender wie. Hij is daar in het verleden ook al voor geschorst geweest op school.

“Mijn man en ik willen geloofwaardig blijven tegenover onze collega’s”

We willen dat hij door het gesprek met de therapeut merkt dat het voor ons menens is. Deze keer gaan we er niet licht over. Ik denk ook wel dat het indruk zal maken. Hij zal het niet laten zien, maar we kennen hem goed genoeg. We hopen dat hij na dit gesprek tot meer inzicht komt en zijn gedrag aanpast: er zijn regels binnen een maatschappij en die moet je volgen.

En ook: mijn man en ik willen geloofwaardig blijven tegenover onze collega’s. Ik wil mij niet hoeven te schamen voor het gedrag van mijn zoon. We zijn dankbaar dat de therapeut hem wil ontvangen zonder ons. Voor ons is het op dit moment te lastig om erbij te zijn. Wie weet wat de therapeut uit hem gaat krijgen? ‘Vreemde ogen dwingen’, zeggen ze toch. Dean is wel een goede jongen, hoor, heel intelligent ook. Maar hij is ongelooflijk koppig en doet gewoon zijn zin.”

Wat zegt papa Marc?

“Ik ben heel boos, en kan het niet opbrengen om nog in zijn gedrag te investeren”

Marc (47): “Ik heb een eigen zaak en heb onze bureauruimte volledig laten herinrichten om ze coronaproof te maken voor mijn medewerkers. Dat betekende een enorme investering voor mij, maar door zijn negatieve gedrag maakt Dean mij gewoon belachelijk en kom ik ongeloofwaardig over bij al mijn collega’s. Onze zoon haalt mij helemaal onderuit en eigenlijk schaam ik mij voor hem. Ik ben heel boos, en kan het niet opbrengen om nog in zijn gedrag te investeren.

Het zorgt alleen voor meer frustratie en kwaadheid, want er is toch niks wat werkt bij die jongen. Of ik niet vooral teleurgesteld ben? Ja, dat kan wel. Er zijn positieve kanten aan Deans karakter. Hij is een doorzetter, als hij ergens zijn zinnen op gezet heeft, kun je hem niet stoppen. Dean gaat gewoon recht op zijn doel af en blijft proberen. Dat had hij als kind al. Maar dat doet er nu eigenlijk niet toe. Ik hoop vooral dat dit gesprek iets oplevert, al verwacht ik er niet te veel van.

Zo ging het verder

Psychotherapeut, auteur en docent Sven Bussens: “Dean gaat zitten en slaakt een diepe zucht. Hij houdt zijn vest aan en kijkt van onder zijn pet zwijgend naar het plafond.
Ik bedank hem voor zijn komst, zeker omdat dit waarschijnlijk niet gemakkelijk voor hem is. Dean zegt daarop dat hij hier is omdat het moest. Ik geef aan dat ik daar nog meer van onder de indruk ben. Iets tegen je zin doen, is niet evident, zeker niet voor jongens van zijn leeftijd.

Ik vraag waarom hij is gekomen. Hij had ook kunnen wegblijven, of liegen tegen zijn ouders. Dean: ‘Ik wil gewoon dat mijn ouders stoppen met zagen. Oké, ja… ik heb twee pv’s gekregen en ik had ruzie met een cafébaas omdat ik nog geen zin had om te vertrekken. So what? Kloteboel…’

Ik vertel Dean dat ik hoor dat hij last heeft van het gezeur van zijn ouders. ‘Yep, van ’s morgens tot ’s avonds’, beaamt Dean. ‘Hoe hou je dat vol?’, vraag ik hem. Dean: ‘Ah, gewoon. Ik luister veel naar muziek. Of ik ga gamen op mijn kamer.’ Ik geef aan dat Dean goed is in het bedenken van oplossingen om met de situatie om te gaan. Hij heeft zelfs meer dan één oplossing. Dat is knap.

“‘Ik wil ook weleens horen wat ik goed doe’, zegt Dean”

Ik zeg dat ouders die hun kind vragen om op gesprek te komen, ongetwijfeld een goede reden hebben. Vaak vertelt dat hoe sterk ze geloven in hun kind en in de mogelijkheden van een gesprek. Er schuilt vaak ook een grote bezorgdheid in, en de hoop op een verandering. Dean haalt de schouders op: ‘Pfff… Mijn ouders vinden dat ik niets goed doe en dat ik de hele tijd voor problemen zorg. Het enige wat ze doen, is slechte dingen vertellen over mij aan iedereen die ze tegenkomen. Ze schamen zich zelfs voor mij.

Ik antwoord dat ik hoor dat hij dat graag anders zou zien en vraag wat hij dan wél wil.
Dean: ‘Ik wil ook weleens horen wat ik goed doe. Het is alsof ik niets waard ben. Al het goede wat ik doe, zien ze niet. Ik heb 99 keer nee gezegd toen mijn vrienden mij voorstelden om samen op pad te gaan, ik was 99 keer voor de avondklok thuis, ik onderhoud zelf mijn kamer en ik ben de eerste die opa gaat helpen als dat nodig is.’

Ik vraag Dean hoe zijn ouders zouden kunnen laten merken dat ze iets goed vinden. Dean gaat rechtop zitten, zet zijn pet omhoog en opent zijn vest: ‘Dat ze gewoon zeggen: ‘Goed Dean, het is niet gemakkelijk om nee te zeggen.’ Of eens hun duim opsteken of zo.’ Ik vraag Dean welke dingen zijn ouders na dit gesprek moeten weten. Dean: ‘Dat ze ook eens iets mogen zeggen over de goede dingen, en dat ik wel zal opletten.

We onderzoeken hoe we dat geloofwaardig aan zijn ouders kunnen overbrengen. Dean zegt dat hij zal aangeven dat hij zal opletten niks onwettigs meer te doen en dat hij een boete zelf zal betalen. Hij wil zijn ouders ook telkens zeggen op hoeveel uitnodigingen hij níét ingaat. Ik bedank Dean voor het fijne gesprek en zeg dat ik onder de indruk ben van zijn oplossingsgerichtheid. En van het feit dat hij veel weet over de handleiding van zijn ouders. Dean glimlacht en geeft me een hand.

“Door het gedrag van zijn ouders in een positief kader te plaatsen, kon Dean inzien dat ze geloven in een gesprek én in hem”

Enkele dagen later belt de mama van Dean mij op. ‘Wat heb jij met Dean gedaan? Hij heeft zelf een deel van de boete betaald en gisteren zei hij: ‘Mama, mijn vrienden hebben mij gevraagd om na het sluitingsuur mee te gaan fuiven bij iemand thuis, en ik heb gezegd dat ik niet kon. Goed, hé?’ Ik kon mijn oren niet geloven. Ik had zelfs het idee dat Dean ervan genoot dat wij zo onder de indruk waren.

Achteraf bedenk ik dat het belangrijk was dat ik mijn waardering heb geuit dat Dean toch gekomen is. Door het gedrag van zijn ouders in een positief kader te plaatsen, kon hij inzien dat ze geloven in een gesprek én in hem. Door hem zélf te laten bedenken wat hij anders zou willen in de relatie met zijn ouders voelde hij zich gerespecteerd en verantwoordelijk.”

Uit: Libelle 29/2021 – Tekst: Sven Bussens – Meer info op borgerhoff-lamberigts.be/auteurs/sven-bussens en oplossingsgerichtcentrum.be

MEER OPVOEDINGSKWESTIES:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!