Zo gaan mannen om met verdriet

Zo gaan mannen om met verdriet

Big boys don’t cry’ werd er vroeger gezegd, huilen was niet stoer. Gelukkig verwerken mannen van nu hun verdriet op hun eigen manier. Mét of zonder tranen.

Mannen vs. vrouwen: zo anders gaan ze om met verdriet

Mental coach Bart Provost (braintrain.be): “Biologisch gezien verschillen mannen en vrouwen, en dat uit zich ook op het vlak van verdriet. Hersenonderzoek heeft uitgewezen dat er meer linken zijn tussen het gevoelscentrum en het spraakcentrum bij vrouwen: dat is dus het biologische bewijs dat vrouwen beter zijn in praten over gevoelens en dus ook over verdriet.

Uit verschillende psychologische onderzoeken komt dan weer naar voor dat mannen en vrouwen zich op het andere uiterste van de communion versus agency-schaal bevinden. Communion, dat staat voor verbinding: de groep die voorop staat, zorgen voor elkaar. Agency staat voor wat je zélf in actie kunt omzetten, voor daadkracht. Mannen neigen meer naar agency, vrouwen naar communion. Er zijn heel leuke onderzoeken bij kinderen rond gedaan: wanneer een meisje valt op de speelplaats, zullen haar vriendinnetjes rond haar komen staan om haar te troosten. Bij jongens zullen de kleine ventjes beginnen te vertellen over die keer dat zij vielen en hoeveel erger dat toen was. Het lijkt weinig empatisch, maar het is de ‘mannenmanier’ van laten zien dat we meeleven… Laat me meteen bij die schalen zeggen dat het hier om statistieken gaat, er zijn net zo goed mannen die heel hoog scoren op communion en vrouwen op agency.”

Niet alleen maar gender-bepaald

Gaan álle mannen en álle vrouwen dan op dezelfde manier om met verdriet? Bart Provost: “Natuurlijk niet. Er zijn ook vrouwen die met spullen beginnen te gooien, en er zijn mannen die huilen. Verdriet mag je ook los zien van man- of vrouwzijn, in de eerste plaats zijn we allemaal mens. Deze factoren spelen ook mee:

  • Ben je als persoonlijkheidstype eerder introvert, dan heb je sowieso meer aandacht voor je interne wereld en heb je minder nood aan het ventileren van je verdriet.
  • De opvoeding die je meekrijgt, bepaalt ook voor een groot stuk hoe je omgaat met verdriet. Krijg je als kind vaak te horen dat ‘flinke jongens niet huilen’, dan wordt dat een norm voor jou.

Het zit in onze cultuur

Bart Provost: “In persoonlijke relaties kun je het als vrouw dan wel aangrijpend vinden als je je man ziet huilen, maar algemeen willen we – óók vrouwen – mannen toch liever zien als onverzettelijk in onze ‘masculiene’ maatschappij. Daardoor wordt het jammer genoeg nog altijd als ‘zwak’ gezien wanneer een man huilt. In andere culturen – denk aan landen als Noorwegen, waar mannen ook gewoon ouderschapsverlof krijgen – heerst een meer feminiene cultuur en is het meer aanvaard wanneer een man verdriet laat zien.”

Het grootste verdriet-misverstand…

“… dat is verwachten dat je partner zijn verdriet op jouw manier verwerkt. We hebben allemaal ons eigen referentiekader: hoe we dingen zien, interpreteren, verwerken. Jij doet het op jouw manier, en dat is prima, maar je partner mag het ook echt op zijn manier doen. Door het niet te begrijpen en dat ook te zeggen, geef je – onbewust – een oordeel mee: ‘Jij doet het anders dan ik’ en dat kan dan weer geïnterpreteerd worden als ‘Ik doe het niet goed’. Er is geen goede of slechte manier van rouwen – want dat is verdriet: kleine of grote rouw.”

Enkele tips

  • Luister naar jezelf: wat heb je nodig om dit verdriet te verwerken, zonder je daarin te laten beïnvloeden door alle factoren van buiten én binnen die kunnen meespelen? Als je nood hebt om erover te praten, moet je dat natuurlijk doen, maar alleen jij weet of je daar behoefte aan hebt.
  • Rouwen moet je sowieso doen, anders zul je hoe dan ook jezelf tegenkomen. Emotie is een energie, en die moet je zien te kanaliseren. Of je dat nu doet door wat meer in jezelf te kruipen, door garages uit te mesten of je hele tuin tot brandhout te hakken, door te huilen, te schrijven of muziek te maken: ga met jezelf aan de slag.

Openhartig: mannen over verdriet

Toen zijn vrouw hem verliet, ging Chris in therapie

“Vrienden van vroeger zouden me een ‘watje’ noemen, maar ik ben een mens van vlees en bloed. Als ik blij ben, lach ik. Als ik verdriet heb, huil ik”

Chris (42): “Toen Marjan me zei dat ze bij me wegging, was dat voor mij heel moeilijk te bevatten. Ik hield van haar, wilde mijn leven lang bij haar blijven. We hadden een mooi gezin, een leuk huis, toffe vrienden. Ja, ik werkte te hard, maar dat deed ik toch voor hen? Marjan had me in de loop der jaren al wel gezegd dat ze niet gelukkig meer was, maar scheiden? Dat had ik niet zien aankomen. En ze meende het, ze had zelfs al met een advocaat gesproken. Zij wilde met de kinderen in ons huis blijven, ik zou hen in het weekend kunnen zien.

En daar sta je dan. Een dag ervoor was ik nog een gelukkige man en vader, nu leek het of ik niets meer was. Ik had geen stem meer, mocht niets mee beslissen. Marjan besloot dat het voorbij was, en daar moest ik het mee doen. Ik kreeg een paar weken de tijd om een appartement te zoeken, dan wilde ze dat ik weg was. Elke dag stuurde ze me mails door met appartementen die te huur stonden. Ik was zo boos. Zo gefrustreerd. Zo verdrietig. Ik hield me sterk voor onze kinderen, die er – net als ik – niets van begrepen. Maar toen ik de eerste avond in mijn nieuwe appartement binnenstapte, kwamen de tranen. Ik heb gejankt, uren aan een stuk. Negentien jaar relatie, zestien jaar getrouwd, twee kinderen, zomaar weg. Ik had nog geprobeerd met Marjan te praten, heb haar gevraagd ons nog een kans te geven, maar ze wilde niet meer. Ik was alles kwijt en ik begreep niet waarom. Ik meen het, ik heb nooit gezien hoe ernstig onze huwelijksproblemen waren. Hoe kon het dat ik al die tijd dacht dat alles goed was, en Marjan het tegenovergestelde dacht? Ik was niet alleen mijn gezin kwijt, maar ook mijn vertrouwen in mensen, mijn vertrouwen in mezelf.

Ik heb een jaar lang heel diep gezeten. Ik ging werken, zag mijn kinderen in het weekend, maar voor de rest zat ik eigenlijk vooral in mijn appartement en huilde ik. Vrienden probeerden er wel voor me te zijn, maar ze wisten niet goed hoe ze me konden helpen. Zodra ik begon te huilen waar ze bij waren, merkte ik dat ze ongemakkelijk werden. Ze bleven weg, bijna allemaal. Een paar vrienden zijn gebleven, van hen weet ik nu ook dat ze vrienden voor het leven zijn. Het is me opgevallen hoe moeilijk mensen met verdriet om kunnen gaan, en al helemaal als het verdriet bij een man is. Mijn eigen moeder zei me de hele tijd dat ik ‘flink’ moest zijn. Ik heb het wel geprobeerd, maar op een gegeven moment heb ik beslist dat ik helemaal niet flink moest zijn. Ik mocht verdriet hebben. Het was niet niks, wat me was overkomen, daar mocht ik om huilen. De mensen die dat niet begrepen, hadden een probleem, niet ik.

Ik heb een therapeut opgezocht omdat het verdriet bleef duren. Een halfjaar na onze breuk had Marjan een nieuwe vriend, en ik zat nog altijd geregeld thuis in tranen: daar moest ik iets mee doen. De therapie heeft me veel geleerd over mezelf. Dat ik niet alleen huilde om mijn huwelijk dat voorbij was, bijvoorbeeld. Het verdriet om een aantal dingen in mijn jeugd kwam er bij de scheiding ook uit. En dat is goed geweest, het heeft me de kans gegeven een heel aantal dingen voor mezelf op te helderen en te plaatsen. En ja, daardoor kon ik ook wel beter gaan inzien waarom mijn huwelijk is stukgelopen. Ik kan nu, achteraf, Marjan geen ongelijk geven. Ik was een gesloten man in mijn relatie, praatte weinig over wat ik voelde. Ik was altijd aan het werk, omdat ik als kind had geleerd dat een man, een vader, dat doet. Marjan gaf niet om geld of materiële dingen, ze wilde mij. En dat was het enige dat ik haar niet heb gegeven in mijn huwelijk…

We zijn nu twee jaar na de scheiding, en ik kan oprecht zeggen dat het goed met me gaat. Ik ben nog altijd – bewust – single, ik voed mijn kinderen in co-ouderschap op. Daarvoor ben ik van werk moeten veranderen, en ik denk dat het een van de beste beslissingen ooit is geweest. Ik leef veel bewuster nu, ik geniet van de kleine dingen van elke dag. Ik weet het, vrienden en collega’s van vroeger zouden me een ‘watje’ noemen, maar heel eerlijk? Dat maakt me niets uit. Ik ben een mens van vlees en bloed. Als ik blij ben, lach ik. Als ik verdriet heb, huil ik.”

Peter (37)

“Ik word kwaad als ik verdrietig ben. Ik weet het, het klinkt stom, maar ik kan er niets aan doen. Toen mijn vader vorig jaar stierf, heb ik maanden een woede in me gevoeld. Een chauffeur die een domme fout maakt, was genoeg om me razend te maken. Ik schrok van mezelf, was nooit het agressieve type. Het deed me beseffen dat er meer aan de hand was. Ik ben vaak naar het graf van mijn vader gegaan om met hem te ‘praten’ én ik heb aan mijn vrouw verteld over mijn verdriet. Dat was moeilijk in het begin, maar het luchtte op. De woede minderde, de zachtheid kwam terug…”

Stef (22)

“Toen mijn vriendinnetje het na een half jaar uitmaakte, had ik echt verdriet. Ik kon er wel met mijn moeder over praten, maar dat maakte het verdriet niet echt beter. Ik heb veel naar muziek geluisterd – naar liedjes over liefde en liefdesverdriet – en gepraat met vriendinnen. Meisjes verstaan zoiets toch eerder dan jongens, heb ik het gevoel, mijn vrienden reageerden eerder met ‘Ach, er zijn nog zoveel meisjes’ en ‘Niet gay doen, hè.’ Ja, ik heb ook gehuild toen. Maar alleen in mijn kamer, nooit wanneer iemand het zag.”

Bart (33)

“Mijn vriendin begrijpt me niet als het over verdriet gaat. Toen mijn moeder stierf, wilde ze er de hele tijd over praten. ‘Je moet praten over wat je voelt, je moet het eruit laten’, zei ze altijd maar. Terwijl ik daar helemaal geen behoefte aan had. Ik wilde gewoon verder. Het heeft voor mij geen zin om twintig keer op een dag te zeggen dat je verdriet hebt, daar wordt het alleen maar erger van. Als ik verdrietig ben, wil ik gewoon met maten op café. ‘Praten jullie er dan over?’ wil mijn vriendin dan weten. Nee, eigenlijk niet. We hebben het over de gewone dingen in het leven. Gewoon bij hen zijn, mijn gedachten even verzetten: dat helpt me om met mijn verdriet om te gaan.”

Sam (49)

“Natuurlijk huil ik als ik verdrietig ben. Dat is geen vrouwending, hoor. Ik zit er niets mee in mijn tranen te laten zien.”

Jan (63)

“De laatste keer dat ik heb gehuild, is toen ik een jongetje was. Toen kreeg ik van mijn vader er nog een tik bovenop, want ‘Jongens huilen niet’, zei hij. Ik ga anders om met verdriet, ik denk er gewoon veel over na. Mijn vrouw weet dat ik stil word als ik verdrietig ben. Dan zijn mijn radartjes hard aan het werk, dat weet ze. Als ik eruit ben, begin ik weer te praten.”

Steven (29)

“Verdriet is heel moeilijk, vind ik, ik word er heel zenuwachtig van. Ik kan van alles voelen, maar ik weet niet wat ik er mee moet doen. Ik klap dicht, kan er niet over praten. Ik ga sporten als ik het moeilijk heb. Verstand op nul, lichaam uitputten en dan goed slapen: het is mijn manier om ermee te dealen.”

Maarten (45)

“Als ik verdrietig ben, praat ik met mijn beste vriend. Mijn vrouw vindt dat niet fijn, ze wil dat ik mijn verdriet ook met haar deel. Maar als ik echt verdrietig ben, voel ik me ontzettend kwetsbaar. De enige aan wie ik dat kan laten zien is die vriend, die ik al ken van in de kleuterklas. Misschien wil ik voor mijn vrouw toch sterk blijven?”

Tekst: Frauke Joossen – Coverbeeld: Getty Images

Meer openhartige verhalen:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)