Getuigenissen
“Stress is een belangrijke oorzaak van alopecia. Ik had áltijd stress en pleegde zo roofbouw op mijn lichaam”
Door Annelies Dyck

Niet alleen mannen worden kaal, het kan ook vrouwen overkomen. Zoals Barbara van Beukering (57), die alopecia kreeg en haar lokken plukje na plukje zag verdwijnen. Drie jaar lang probeerde ze het geheim te houden, tot ze er genoeg van had en ze er een pakkend boek over schreef: ‘Het jaar waarin ik mijn haar verloor’. Het is ons nieuwe Libelle boekzine.

Van kaal plekje naar kaal hoofd

De naam Barbara van Beukering doet wellicht niet meteen een belletje rinkelen, maar ze is zowat de ‘Karen’ van Nederland. Jarenlang was ze hoofd-redacteur van een van de bekendste kranten bij onze noorderburen – de eerste vrouw in die functie trouwens – en schrijfster. Ze combineerde haar gezin van vier kinderen met een ambitieuze job.

Begin 2020 ontdekte haar kapper Rick een kaal plekje op haar achterhoofd ter grootte van een euromunt . De kappersbeurt erop was het twee euro geworden. Enkele onderzoeken later valt het verdict: alopecia. Barbara, op dat moment 54, verliest haar blonde lokken en wordt kaal. Het is een auto-immuunziekte waar geen remedie tegen bestaat.

Drie jaar lang zal ze haar geheim verbergen voor de buitenwereld, tot ze haar boek ‘Het jaar waarin ik mijn haar verloor’ schrijft, één van de weinige boeken over alopecia. Het is een pakkend, maar ook grappig relaas over verlies, kwetsbaarheid en hoe je als kale vrouw je identiteit kwijtraakt.

Barbara, je vertelt aan het begin van je boek hoe je als klein meisje altijd een kort kopje had. Je mocht geen lange haren van je ouders. Ik herkende dat, want ik mocht mijn haren nooit los dragen als kind. Mijn vader dreigde dan dat hij het ’s nachts zou komen afknippen met een schaar. Tot op de dag van vandaag draag ik ze opgestoken.

Barbara: “O, bij jou ook? Wat gek! Ja, mijn ouders hadden een uitgesproken voorkeur voor een kort kopje zoals mijn twee broers. Ze vonden dat stoer, fris en praktisch. Mijn vader had een hekel aan lang haar en van die pony’s. Maar mijn beste vriendinnetje had heel mooie donkerbruine lokken. Haar moeder ging er elke ochtend mee aan de slag: een paardenstaart, vlechtjes, speldjes, linten… Stikjaloers was ik. Mijn oma vond het zielig dat ik geen lange haren mocht en ook zij vond me te jongensachtig. Dus toen ze bij mijn ouders ging pleiten, mocht ik mijn haren laten groeien. Daar was ik zo blij mee! Tot ik op mijn zevende een konijn wilde. ‘Oké,’ zei mijn vader, ‘maar dan moet je eerst naar de kapper!’ ”

Wat een chantage, zeg.

“Ja, en ik wilde zo graag dat konijn! Dus ik samen met mijn broertjes naar de kapper. Mijn moeder zei nadien heel triomfantelijk: ‘Zo, alle drie weer een lekker kort koppie.’ (lacht) Ik herinner me nog dat ik nadien voor haar sigaretten moest halen – zo ging dat in die tijd, twee pakjes Camel filter – en toen ik in de winkel aankwam, zei de verkoper: ‘Jongeman, zeg het maar.’ Verschrikkelijk! Als ik daaraan terugdenk, weet ik nog precies hoe ellendig ik het vond. Ik voelde me gewoon niet meisjesachtig.”

Ik ben geen jaloerse vrouw, maar toen ik kaal werd, zag ik plots overal weelderige haardossen

Barbara van Beukering

Je boek zette me aan het denken. Onze haren zijn inderdaad een stuk van onze vrouwelijkheid. Toen jij kaal werd, zag je overal om je heen weelderige coupes. Zoals wanneer je overal bolle buiken ziet als je zwanger wilt worden. Het werd een obsessie.

“Precies. Ik ben geen jaloerse vrouw, maar plots begon ik naar alle kapsels te kijken. Dan zag ik Linda de Mol op tv en dacht ik: ‘Jezus, wat heb jij een mooie bos haren!’ En ook mijn vriendinnen ging ik plots helemaal anders bekijken.”

Je worstelde met het idee: ‘Het is maar haar, er zijn ergere ziekten dan alopecia.’ Het was 2020, mensen stierven aan corona. En tegelijk was het zo belangrijk voor je.

“Ja, ik worstelde daar enorm mee. Ik had net mijn boek ‘Je kunt het maar één keer doen’ uit, over ster-ven en hoe je je kunt voorbereiden op het afscheid. En op dat moment werden mijn schoonzus en mijn beste vriendin ongeneeslijk ziek. En ik had een probleem met mijn haar? Het deed niet eens pijn, ik ging er niet dood aan! Ik zag er alleen lelijk en verminkt uit. Ik schaamde me dus niet enkel voor mijn kale hoofd, maar ook omdat ik het niet kon relativeren. Daarom praatte ik er met niemand over. Alleen mijn man en mijn kinderen wisten ervan. Toen ik mijn boek had geschreven, hoorde ik plots van alle kanten verhalen over alopecia – iedereen kende wel iemand. Maar het is niet zichtbaar, omdat bijna iedereen die het heeft een pruik draagt.”

Spaarrekening geplunderd voor een pruik

Uiteindelijk ging jij ook een pruik dragen.

“Eerst droeg ik sjaaltjes en bandana’s, en dan een tijdlang een pet. Maar op een bepaald moment ging het niet meer. Zo’n pruik aanschaffen was een hele hobbel om te nemen. Toen pas besefte ik hoeveel pruikenwinkels er waren! En je hebt pruiken van driehonderd euro, maar je hebt er ook van vierduizend. Uiteindelijk koos ik voor een haarwerk met echt Europees blond haar omdat dat er het meest natuurlijk uitzag. Maar dat kostte dus wel ruim vierduizend euro. Ik heb m’n spaarrekening leeggeplunderd omdat het zo belangrijk was voor mij.”

Ik had er nooit bij stilgestaan dat je zo’n pruik ook moet wassen.

“Ja, en daar ben je uren mee bezig. Eerst in een sopje, dan met conditioner en een tijdje wachten, dan half droog in een handdoek rollen, dan weer shampoo erop enzovoort. Föhnen mag niet, je moet je pruik aan de lucht laten drogen op zo’n pruikenhoofd. Dat duurt ongeveer twaalf uur. Dus eigenlijk heb je er twee nodig, maar ik kon toch niet nog eens vierduizend euro neertellen? Ik waste mijn pruik aan het einde van de middag en dan was ze de volgende ochtend weer droog. Maar ik moest het dus wel echt inplannen op een moment dat ik niemand hoefde te zien.”

En hoe vaak moet je pruikenhaar wassen? Toch niet om de twee dagen?

“Ik probeerde het te rekken tot één keer in de twee weken.”

Een rolstoel is erger dan alopecia

Een geluk bij een ongeluk: het was 2020 en de wereld was in lockdown. En bovendien verhuisden jullie van het drukke Amsterdam naar het weidse Friesland, jouw geboortestreek.

“Inderdaad, zonder corona had ik het niet kunnen geheimhouden. Ik was altijd bang dat mijn pruik zou afvallen. In de wind lopen ging niet, dat is niet goed. Net zomin als regen. In de zon ging het heel erg prikken van het zweet. Ik was ook bang dat als mijn kleindochter me omhelsde, ze eraan zou trekken. Nu, na een tijdje kon ik me er wel mee verzoenen. Het is erger als je niet kunt lopen en in een rolstoel belandt, dacht ik. Andere mensen krijgen veel ergere aandoeningen, en ik kan er wel oud mee worden. Ik ben beginnen te sparen voor een tweede pruik en ik had me erbij neergelegd dat het mijn toekomst was.”

Stress is een belangrijke oorzaak van alopecia. Maar het komt ook vaak voor bij mensen met een verstoord bioritme, zoals piloten en stewardessen

Barbara van Beukering

Maar – en ik verklap dus bij deze dat je haar op de foto écht is – op een bepaald moment kwam je haar terug!

“Alopecia is eigenlijk pleksgewijze kaalheid. Je wordt niet in één keer kaal, je krijgt plekken die steeds groter worden. Ik had nog een paar slierten haar op mijn hoofd waar ik geen afscheid van kon nemen. Maar op een gegeven moment dacht ik: dit slaat nergens op. Ik heb de kapster uit het dorp gevraagd om naar mij thuis te komen om ze af te scheren. Zij ontdekte dons-haartjes op de kale plekken. Het duurde nog een tijd vooraleer ik het zelf kon zien en geloven, maar effectief. Een paar maanden later had ik weer haren.”

Is er een verschil met je oude haren?

“Toch wel, het is best raar haar. Ik weet niet of je het kunt zien, maar het heeft wisselende kleuren, het is heel pluizig en er zit een gekke krul in onderaan. Nu, ik wil een gegeven paard niet in de bek kijken, ik ben al lang blij dat ik weer haar heb.” (lacht)

Weten ze eigenlijk iets over de oorzaak van alopecia?

“Weinig. En je kunt het nooit met zekerheid zeggen, maar in mijn geval is stress een heel belangrijke factor geweest. Ik ben met een psycholoog gaan praten omdat er naast mijn alopecia ook nog andere dingen speelden – mijn schoondochter was zwaar depressief, maar kreeg geen hulp wegens corona, mijn dochter was net bevallen en werd verlaten door haar man, twee dierbaren werden plots ongeneeslijk ziek.

Pas toen ik weer een beetje tot rust kwam, ging ook mijn haar weer groeien. Ik heb een paar maanden geleden een lezing gegeven voor de alopecia-vereniging in Nederland en veel mensen in de zaal vertelden me dat het ook bij hen stressgerelateerd was. Er zijn wel meerdere oorzaken, het komt bijvoorbeeld ook vaker voor bij mensen met een verstoord bioritme zoals piloten en stewardessen. Maar uiteindelijk is het ook iets genetisch, want het is een auto-immuunziekte waarbij je lichaam je haarzakjes aanvalt.”

Dus dan bestaat de kans dat het ooit terugkomt?

“Ja, en dat hoor je bij veel patiënten met alopecia. Het gekke is dat ik daar overdag niet vaak aan denk. Ach, als het terugkomt, dan wordt het nooit meer zo erg als het was, troost ik mezelf dan. (lacht) Maar ’s nachts in mijn dromen word ik wel weer heel bang. Ik heb nog altijd nachtmerries over die kale plekken.”

Zou je het weer geheim houden?

“Nee, echt niet. En ik heb er een boek over geschreven. Dan zou ik zeggen: ‘Jongens, ik heb het weer!’ En dan haal ik mijn pruik van op zolder.” (lacht)

Je moet loslaten wat je niet kunt controleren, dat was voor mij een vreselijke les. Maar hoe erg het ook is, alles gaat voorbij

Barbara van Beukering

Je hebt wel je levensstijl omgegooid. Door naar Friesland te verhuizen leef je gezonder en rustiger dan in centrum Amsterdam, toch?

“Zeker. Ik werd altijd bestempeld als een carrièrevrouw, maar ik vond dat een raar woord. Ik was heel jong toen ik kinderen kreeg, en ik barstte gewoonweg van de ambitie. Mijn moeder was burgemeester van Terschelling, ik had nooit anders gezien dan dat een vrouw werkte. Dus ik werd kostwinner en mijn man bleef thuis voor de kinderen. Maar als je zestig uur per week werkt en dat combineert met een gezin en een druk sociaal leven, dan pleeg je roofbouw, besef ik nu. Want je hebt áltijd stress, met deadlines maar ook met kinderen die examens hebben. Zelfs als je je job doodgraag doet.

Dus behalve dat ik met een psycholoog ben gaan praten, heb ik ook een cursus mindfulness gevolgd. Ik doe nu aan yoga en mediteer. Het leven hier is zoveel rustiger – ik wandel veel met de hond, en werk als journalist en schrijver van thuis uit. Eén à twee dagen per week ben ik in Amsterdam, en ik hou heus nog steeds van een feestje. Maar mijn leven is nu veel meer in balans.”

Wat heeft dat jaar van rampspoed je geleerd, Barbara?

“In 2020 zat ik in een spiraal van ellende. Ik kon letterlijk af en toe niet meer ademhalen van de stress. Dat idee van: ‘Houdt dit nu nooit op?’ En dan ben je twee jaar verder en dan zie je dat het weer beter gaat. Mijn dochter is weer gelukkig, mijn schoondochter is stabiel, ik heb mijn haren terug. Je moet loslaten wat je niet kunt controleren, dat was voor mij een vreselijk zware les. Maar hoe erg het ook is, alles gaat voorbij.”

Haal ons boekzine nu in huis!

‘Het jaar waarin ik mijn haar verloor’ is ons nieuwe Libelle boekzine. Je koopt het deze week samen met je Libelle in één pakket kopen voor maar € 7,95. Vanaf de week nadien is het los te koop in de boekenwinkel en krantenzaak voor € 4,95.

Meer interessante artikels:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Partner Content

De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."