De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."

Aaron

Uit het hart van Hannelore: “Ik kan veel aan, heb ik ondertussen gemerkt, maar de opvoeding van de kinderen blijf ik een enorme verantwoordelijkheid vinden”

Begin 2019 verloor Hannelore plots haar grote liefde Stijn aan hartfalen. In haar columns vertelt ze elke week over haar leven als jonge weduwe met twee kinderen.

Oudercontact

Voor de eerste keer is er een oudercontact op school waarbij eens niet alles positief is. Ik zit bij de kleuterjuf in de klas, op één van die hele kleine stoeltjes aan een heel laag tafeltje waar mijn lange benen amper onder te schuiven vallen en voel me ontzettend alleen. De voorbije oudercontacten had ik dat gevoel niet, alles liep als vanzelf en ik hoorde hoe de kinderen goed in de groep lagen, hoe ze open over Stijn konden babbelen, hoe ze met klasgenootjes omgaan, met de leerstof, met wat hen sterker maakt als (klein) mens(je).

Stijn en ik gingen al die jaren maar zelden samen naar het oudercontact. Dat bleek niet nodig, dus deden we het niet. Eén van ons ging erheen en briefte ’s avonds de ander. Dat volstond én was praktisch ook makkelijker te regelen. Als het ons lukte, zaten we er met ons tweeën, maar er was met de kinderen zo weinig aan de hand, dat we altijd het gevoel hadden dat dat niet nodig was geweest.

“Als er dan toch een werkpuntje naar boven komt tijdens een oudercontact, besef ik: oké, ook dít moet ik alleen doen”

Het eerste oudercontact nadat Stijn gestorven was, had ik dan ook geen raar gevoel, ik had er al vaker alleen gezeten, alleen zou er vanaf dat moment geen wissel van de wacht meer zijn, vanaf die eerste keer zou ik alle oudercontacten alleen doen. Ik stond er toen nog niet bij stil hoe zwaar dat zou gaan wegen. Als alles prima loopt, zijn het makkelijke momenten. Maar geen enkel kind is perfect (gelukkig!) en vlekkeloze parcours bestaan nu eenmaal niet. Tegen stenen lopen, daar word je nu eenmaal wijzer van. Maar als er dus toch eens een werkpunt naar boven komt tijdens zo’n gesprek, hoe groot of klein ook, dan besef je ineens: oké, ik moet dit nu alleen doen.

Ik kan veel aan, heb ik ondertussen gemerkt, maar de opvoeding van de kinderen blijf ik een enorme verantwoordelijkheid vinden. Hen liefde en aandacht geven, het huishouden laten draaien, zorgen dat er vers eten op tafel staat… allemaal zaken waar ik mijn hand niet voor omdraai. Maar school, opgroeien… jezus, wat vind ik dat een zware last om ineens in mijn eentje te dragen.

Stijn stond tien jaar lang in het onderwijs, als leraar in een lagere school. Hij was er geliefd, bij leerlingen én collega’s, en werd gemist toen hij vertrok om een job buiten het onderwijs te starten. Maar je neemt de leraar nooit helemaal uit de man, merkte ik. Stijn had een mening over onderwijs, over de aanpak van een klas en de omgang met leerlingen. Hij was voor de oudere leerkrachten waarschijnlijk soms wat te rock-’n-roll, maar hij wist heel goed waar hij mee bezig was. Omdat hij voor de klas had gestaan, vertrouwde ik op zijn mening. Ook daarin had een taakverdeling gezeten, zoals het clichématige buitenzetten van het vuilnis.

Terwijl ik op dat hele kleine stoeltje zit – ver genoeg van de juf – en mij probeer een beeld te vormen van het werkpunt voor Polly, voel ik tranen opkomen. Er wordt mij niks onoverkomelijks meegedeeld, er is geen drama gaande. Maar weten dat ik straks niet kan thuiskomen en met Stijn kan overleggen, het idee alleen al doet mijn maag omkeren.

“Weten dat ik straks niet kan thuiskomen en met Stijn kan overleggen, het idee alleen al doet mijn maag omkeren”

Op weg naar huis, met een tetterende Polly achter op mijn fiets en een grote broer die naast me rijdt – zich beiden gelukkig van geen kwaad bewust – probeer ik de donkere gedachten uit mijn hoofd te krijgen. Hoe vaak zie ik andere ouders op school en denk ik: makkelijk, hé, want jullie zijn met twee. Soms lijkt iedereen er niet alleen voor te staan, al wéét ik dat ik niet de enige ben. En het lastige is: mensen zeggen vaak dat ze je begrijpen, maar pas wanneer je zelf zonder de ander valt, weet je hoe het voelt. Je bent omringd door vrienden en familie, maar op sommige momenten kan niemand de ander vervangen en is het gemis bijna tastbaar.

Ik praat met Polly en het ‘probleem’ lost zich de daaropvolgende dagen als vanzelf op. Maar het besef is keihard aangekomen deze keer: ook op dit vlak sta ik er alleen voor vanaf nu. ’s Avonds ga ik slapen en denk: morgen is er een nieuwe dag. Hoe vaak heb ik dat al tegen mezelf gezegd de afgelopen maanden: morgen is er gewoon een nieuwe dag.

LEES MEER VAN HANNELORE BEDERT:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Partner Content