De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."

Uit het hart van Hannelore: “Mijn broer speelt nu de spelletjes met Polly, die haar papa ook met haar speelde”

Begin vorig jaar verloor Hannelore (35) plots haar grote liefde Stijn aan hartfalen. In haar columns vertelt ze elke week over haar leven als jonge weduwe met twee kinderen.

Onze columniste in het kort: Hannelore Bedert is bij het grote publiek bekend als singer-songwriter, en auteur van ‘Lam’, waarmee ze de Bronzen Uil publieksprijs 2019 won.

Vaderfiguur

We lezen ’s avonds geen verhaaltjes meer, verhaaltjes voorlezen is voor baby’s, heeft Polly gezegd. En aangezien haar tutje meeging met de Sint en ze nu ook al geruime tijd pamperloos door de nachten gaat, is ze groot en hoeft er niet meer te worden voorgelezen. Dus maken de boeken geregeld plaats voor verzonnen verhaaltjes, elk om beurt een paar zinnetjes. Heel vaak ben ik zelf aan het woord, terwijl Polly me op haar zij ligt aan te staren, met grote ogen, tot ze ineens een gaatje in het verhaal ziet, recht springt en met veel drama en armgezwaai mijn sprookje van een nieuwe wending voorziet.

Sinds enige tijd zijn er, op haar vraag, enkele protagonisten opgestaan, bij wie het verhaal telkens opnieuw van start gaat. Een heuse verhalenreeks. Ook vandaag steekt Polly met samengeknepen oogjes en een van spanning doorspekt stemmetje van wal. “Er waren eens drie meisjes… Polly, Hannelore en nonkel Matthias…”

Toen ik de eerste avond vroeg waarom het derde meisje ‘nonkel Matthias’ heette en of die het wel fijn zou vinden om ineens een meisje te zijn, antwoordde Polly onomwonden: “We doen nonkel Matthias een rokje aan, dan vindt hij het wel leuk om een meisje te zijn. Nonkel Matthias moet erbij, anders is het niet zo leuk.”

“Telkens Polly nonkel Matthias ziet, ontdooit ze. In hem ziet ze een beetje Stijn, een vaderfiguur naar wie ze kan opkijken”

Sinds enige tijd wordt mijn broer bij familiefeesten, bij bezoek, helemaal door haar ingepalmd. Heeft ze een verlegen moment, dan ontdooit ze zodra ze haar peter ziet, waarna ze hem ongegeneerd onder tafel tettert. Ik besefte pas gaandeweg dat ze in hem een beetje Stijn ziet, dat hij spelletjes met haar speelt die Stijn ook met haar speelde, dat ze de man in huis dan maar elders zoekt. Mijn broer zal Stijn nooit kunnen vervangen, maar wat is het fijn dat de kinderen bij familie of vrienden af en toe nog vaderfiguren zien naar wie ze kunnen en mogen opkijken. Ook Hoppe neigt vaak naar de mannen in de familie, om mee te voetballen, om iets wilder uit te halen. Ik kan heel veel overnemen – heel vaak zelfs omdat het niet anders kan – maar ik ben Stijn niet.

De avonturen van het drietal gaan ondertussen alle kanten uit. Polly maant mij aan tot stilte als het ook maar enigszins eng wordt, maar begint in de volgende zin zelf over een monsterlijk groot konijn. “Het mocht toch niet eng worden?” vraag ik. Ze kijkt om zich heen alsof het konijn ieder moment de kamer in kan huppelen. “Mama, als je bang bent, dan is er gewoon offesjeel.”
“Offesjeel?”
“Offesjeel is iemand die iets platdrukt, zo tussen twee handjes. En dan is er ook een bliksem en dan moet iedereen weglopen.”
“Dus… als het verhaaltje te eng wordt, dan komt Offesjeel en dan is alles opgelost?” Ze knikt. Hoe dom ook dat ik nog niet op de hoogte was van het bestaan van Offesjeel.

Als het drietal even later het konijnenmonster overwonnen heeft, laat ik hen aankomen bij het kasteel van ene prinses Rosa die heel graag macaroni eet. Meteen veert Polly recht en wijst naar haar borst, ten teken dat het haar beurt is. “En ineens… verandert prinses Rosa in… Polly!”
Ik frons mijn wenkbrauwen. “Is prinses Rosa nu ineens Polly?”
Samenzweerderig kruipt Polly tegen me aan en fluistert: “Polly eet graag macaroni, hé, dus eigenlijk is prinses Rosa gewoon Polly.”
“En waar zijn Hannelore en nonkel Matthias dan?” werp ik op.

Polly denkt diep na. “Jullie zijn er gewoon, in het kasteel van prinses Rosa.”
“Prinses Polly was het toch?” Ze schatert. “Ja! Natuurlijk! Prinses Polly! En Hannelore en nonkel Matthias zijn daar gewoon, in het kasteel.” Ze knikt enthousiast, blij met het verhaal en de afloop.

Dan kijkt ze me heel serieus aan. “En Hoppe is er ook, maar dat is altijd zo, hé. Want Hoppe is ook leuk. En Hoppe en Hannelore en nonkel Matthias blijven allemaal voor a-l-t-i-j-d in het kasteel. Ze gaan nooit weg. Ze blijven voor altijd bij Prinses Polly.”
“Dat klopt”, zeg ik. “Ze gaan nooit weg. En ze maken elke dag macaroni.”
Ze glundert terwijl ik haar onderstop. “Elke dag macaroni?”
“Elke dag”, zeg ik.

Lees meer van Hannelore Bedert:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Partner Content