De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."

Hannelore

Uit het hart van Hannelore: “Het is tijd dat ik zélf gelukkig word. In mijn eentje of met iemand anders”

Hannelore Bedert (37) is singer-songwriter en auteur. Ze heeft 2 kinderen, Hoppe (11) en Polly (5). Ze verloor in 2019 haar man Stijn. 

Zelf gelukkig worden

“Is er al iemand anders?” Die vraag is me al zo vaak gesteld. Meestal goedbedoeld, vaak uit bezorgdheid, soms uit ongemak. Het is een raar, maar waar gegeven: mensen worden wat ongemakkelijk van alleenstaanden. Ofwel vinden ze het onbegrijpelijk dat de ander geen nieuw lief weet te vinden, alsof ze er gaandeweg van overtuigd zijn geraakt dat er dan maar iets scheelt aan de persoon in kwestie, ofwel trekken ze hun wenkbrauwen op wanneer je aangeeft dat je het best wel oké vindt in je eentje, dat het lukt en dat je het zo erg niet vindt.

“In het begin dacht ik dat ik het niet zou kunnen, dat alleen zijn”

Ik ben nu meer dan twee en een half jaar alleen, wat een record voor me is sinds mijn allereerste liefje op vijftienjarige leeftijd, en ik ben niet op zoek. Dat besef is er heel hard. In het begin dacht ik dat ik het niet zou kunnen, dat helemaal alleen zijn, maar het is me ondertussen duidelijk: na een overlijden heb je tijd nodig om vrede te krijgen met de situatie. Er is zoveel om aan te wennen, zoveel om je weer eigen te (moeten) maken, zoveel dat plots niet meer op gedeelde schouders ligt.

Liep er vroeger een relatie stuk, dan stapte ik heel snel over in iets nieuws. Ik was, als ik het achteraf bekijk, een beetje ‘verliefd op verliefd zijn’. Het gevoel, het idee dat iemand voor je koos, het gemak waarmee je elkaar kon leren kennen. Ik fladderde rond, maar besefte dat op die leeftijd niet, want het fladderen voelde onschuldig aan, plezant. Dat ik soms een hart brak, besefte ik nog minder, al werd ook mijn hart geregeld gebroken. Het verliefd worden was zorgeloos, rustgevend en vrolijk gekmakend tegelijk, en ik voelde me onoverwinnelijk. Want er viel zo weinig te verliezen.

Er zijn maar weinig jongeren die zich, net als ik toen, niet op nummer één zetten, niet in eerste instantie alleen maar aan zichzelf denken, hoewel dat zelden vruchten afwerpt. Die wijsheid komt pas met de jaren. Toen ik Stijn leerde kennen, studeerde ik nog en genoot ik ten volle van alles wat om mij heen gebeurde. Ik was niet op zoek, want enkele weken voordien was ik nogal boertig gedumpt door mijn toenmalige lief.

Op het perron, vlak voor ik een weekend naar West-Vlaanderen ging, zei hij, terwijl de treindeuren zich al sloten, dat hij het niet meer zag zitten. Daarna reed de trein weg en zat ik verbouwereerd door het raampje te kijken naar mijn lief dat op het perron wegliep en niet meer omkeek. (De lafhartigheid van die daad heb ik hem nooit helemaal vergeven, besef ik nu terwijl ik dit schrijf, haha.)

Ik was niet op zoek toen ik Stijn leerde kennen, en hij ook niet, en net dat zorgde er waarschijnlijk voor dat we zonder vragen begonnen aan wat een ontzettend mooie trip zou worden. Omdat we geen verwachtingen hadden. Het voelde goed, elk clichématig puzzelstukje viel op z’n plek en voor we het wisten, woonden we samen, kregen we kinderen, verbouwden we een huis…

“Ik zet mezelf al lang niet meer op de eerste plaats, en dat is maar goed ook”

Maar de realiteit is: vandaag de dag ben ik niet zorgeloos meer. Over een paar jaar word ik veertig, ik ben een jonge weduwe en heb twee kinderen. Ik zet mezelf al lang niet meer op de eerste plaats. En dat is maar goed ook. En nu de rauwe rouw na al die tijd wat plaats begint te maken voor rust, merk ik dat ik weer wat tijd durf te maken voor mezelf, dat het deugd doet om alleen te zijn, om even alleen aan mezelf en de kinderen te denken. We doen het goed met ons drietjes en ik merk dat de behoefte groter is geworden om eerst helemaal gelukkig te zijn met wie ik zelf ben nu, dan om nu al iemand toe te laten.

Ik ben nog steeds niet helemaal gewoon aan mijn ‘nieuwe ik’ – de alleenstaande mama, de vrouw zonder lief –, maar ik begin me wel te schikken naar die rol. De situatie voelt vaak minder hard aan dan in het eerste jaar. En ik heb de afgelopen twee jaar krampachtig geprobeerd om het voor de kinderen zo goed mogelijk te maken, waarbij ik mezelf vaak ben vergeten.

Tijd dat ik zelf gelukkig word nu, in mijn eentje of met iemand anders, het heeft nog nooit zo weinig uitgemaakt. Als ik het maar word: simpelweg gelukkig. Soms is één doel in het leven hebben al meer dan voldoende.

LEES MEER VAN HANNELORE BEDERT:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Partner Content