Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
Getty Images

Hét dilemma voor grootouders: oppassen of opvoeden? 6 lezeressen aan het woord

Door Evy Kempenaers

Oma’s en opa’s zien hun oogappels ontzettend graag en daar hoort steevast wat verwennerij bij. Maar toch zullen ze soms ook hun grenzen moeten trekken. Zes oma’s vertellen, de experte geeft tips.

Hoe vul je als grootouder je rol in?

Bonnie Mieke wil vooral niet meer opvoeden

“Wij hebben onze kinderen grootgebracht, ik wil die taak niet nog eens overdoen”

Mieke (54): “Wij halen onze kleinkinderen om de veertien dagen een keertje af van school, maar die afspraak is flexibel, want als wij er niet zijn, kan er weleens een keertje gewisseld worden met de andere grootouders. Wij gaan graag op vakantie en die tijd is voor onszelf. Ik wil dat kunnen doen zonder schuldgevoel.

Ik zie onze rol louter als ondersteunend: als de kindjes bij ons zijn, dan wil ik ze verwennen en vertroetelen, maar het is niet onze taak om onze kleinkinderen op te voeden. Wij hebben onze kinderen grootgebracht, ik wil die taak niet nog eens overdoen.”

Nona Els wil haar kleindochter vooral verwennen

Els (50): “Toen mijn dochter Elien me vertelde dat ze zwanger was, vroeg ik meteen of ik mijn kleindochter een vaste dag in de week zou mogen opvangen. Ik heb altijd een goede band met Elien gehad en ik hoopte dat dat met mijn kleindochter ook zo zou zijn. Intussen is Jinthe vier en ga ik haar elke vrijdag van school halen. Ik vind het zalig om voor haar te zorgen, maar als ze bij mij is, voel ik me wel verantwoordelijk voor haar. Ik ben misschien wat overbeschermend, maar ik mag er niet aan denken dat ze zich verslikt of ernstig verwondt…

“Ik moet toegeven dat ik nu veel meer door de vingers zie dan vroeger”

Op vrijdagavond maak ik graag haar lievelingseten klaar, negen op de tien keer eten we dus spaghetti. En ook op zaterdag mag ze vaak kiezen, eigenlijk geniet ik er wel van om haar zo te verwennen. Daar zijn grootouders toch voor? Ik vind niet dat alles zomaar moet kunnen, maar toch moet ik toegeven dat ik nu veel meer door de vingers zie dan vroeger. Als mama was alles nieuw en was ik vaak ongerust of onzeker. Ik kan nu meer verdragen en blijf veel rustiger als iets niet helemaal loopt zoals ik het graag had gezien.

Ik ben veel minder gejaagd dan vroeger, Jinthe krijgt dan ook alle aandacht: als zij hier is, blijft alles liggen zoals het is. Ik vind het zalig dat ze vaak naar ons komt en ben blij dat ik het gezin van mijn dochter zo kan ondersteunen. Mijn dochter apprecieert dat, dat voel ik. Ze weten dat mijn deur altijd openstaat voor hen.”

Moema Nicole volgt de opvoedregels die de ouders hanteren

Nicole (63): “Sinds ik met pensioen ben, neem ik een deeltje van de zorg voor mijn twee kleinkinderen op mij. Hun ouders moeten vroeg de deur uit en om al te lange dagen voor die kinderen te vermijden, ga ik vier ochtenden in de week naar hen toe. Ze wonen vlakbij, ik heb dat zelf voorgesteld en doe dat met plezier. Ik ontbijt samen met hen en breng hen naar school. De rest van de dag ben ik vrij, maar om halfvier sta ik opnieuw aan de schoolpoort.

“Mij moeien met de opvoeding doe ik niet”

Het gebeurt weleens dat ik streng moet zijn, want hun ouders zijn dat ook. Als zij zeggen: ‘Moema, de kinderen mogen deze week geen tv kijken, want ze hebben dit of dat gedaan’, dan volg ik hen, ik ga niet onder hun duiven schieten, hè. Mij moeien met de opvoeding doe ik niet, dat is nergens voor nodig. Bij mijn dochter Sofie en haar man staan beleefdheid, tafelmanieren, respect en vriendelijkheid centraal, dat vind ik fantastisch.

Onlangs kreeg ik te horen dat ik zo’n ‘beleefd opgevoed’ kleinkind had, ik was zo fier als een gieter. Ik zie met hoeveel zorg en liefde ze worden grootgebracht, ik ben een trotse grootmoeder.

Oma Kitty doet vooral leuke dingen met haar vijf kleinkinderen

Kitty (56): “Toen mijn oudste kleinkind er kwam, ben ik bewust halftijds gaan werken om mee in te staan voor opvang en nu ze groter zijn, vang ik mijn kleinkinderen elke woensdagmiddag op en ook vrijdag en in het weekend zijn er vaak verschillende tegelijk bij mij. Ik heb zelf twintig jaar in de kinderopvang gestaan, de drukte van kinderen om me heen ben ik dus wel gewend.

“Thuis zijn er soms andere wetten dan bij ons, maar dat geeft gelukkig geen spanningen”

Ik ben blij dat ik er voor hen kan zijn, en niet alleen tijdens het schooljaar, maar ook tijdens de vakanties. Dan neem ik vrij van mijn werk en huren we een huisje in De Panne: Plopsaland, de zee, het zwembad… Zij genieten ervan en wij ook. Thuis zijn er soms andere wetten dan bij ons, maar dat geeft gelukkig geen spanningen. Met huiswerk hoeven we ons niet bezig te houden, dat doen de ouders wel. Wij mogen vooral de leuke en ontspannende dingen doen!”

Oma Helena vindt dat haar dochter strenger zou mogen zijn

Helena (61): “Mijn kleindochter Suze is drie, en een echte kleuterpuber, aan haar willetje ontkomt niemand. Als de dingen niet gaan zoals zij het in haar hoofd heeft, kan ze heel dwars doen. Ik heb het daar best moeilijk mee. We halen haar één keer per week van school en zorgen voor haar tot mama en papa thuiskomen. Zolang wij alleen zijn met haar, gedraagt ze zich, maar zodra haar ouders thuiskomen, keert dat. Ik trek vaak grote ogen bij hoe het er dan aan toegaat.

“Zo heb ik mijn dochter indertijd niet opgevoed, hoor! Een kind moet leren luisteren, toch?”

Als het eten klaar is, maar zij nog een filmpje op tv wil uitkijken, mag dat. Stilzitten aan tafel hoort er precies niet meer bij en eten wat de pot schaft nog veel minder. Het gebeurt regelmatig dat ze haar bord na twee happen aan de kant schuift en dan een boterham met kaas in de plaats krijgt. Zo heb ik mijn dochter niet opgevoed, hoor! Een kind moet leren luisteren, toch? Ik weet dat de tijden veranderd zijn, maar ik vind echt dat mijn dochter best wat strenger mag zijn. Als ik daar iets van zeg, krijg ik een boze blik…

Intussen heb ik geleerd mijn mond te houden: discussiëren over de opvoeding doen we niet meer. Ik probeer de kerk wat in het midden te houden, maar Suze weet: oma en opa zijn wat strenger dan mama en papa. Ieder zijn stijl hè, ik vind dat niet verkeerd. En het weerhoudt mijn dochter er niet van om een beroep op ons te blijven doen, zo verkeerd zal het dus wel niet zijn.”

Omdat de kleinkinderen zo vaak bij hen zijn, vindt mimi Micheline zich geen verwenoma

Micheline (58): “Elke woensdagmiddag vang ik mijn kleinkinderen Sile van zes en Dhar van drie op tot mama of papa klaar is met werken en om de twee weken zijn ze ook op donderdagmiddag bij ons. We halen ze op, eten samen en dan gaan ze ‘gewassen en gestreken’ mee naar huis. En sinds ik niet meer werk, vangen we hen ook vaak tijdens de schoolvakanties op.

“We doen niet alleen maar leuke dingen: het kan niet altijd feest zijn”

Omdat wij zo veel voor hen zorgen, zijn wij geen verwengrootouders: wij staan mee in voor de opvoeding. Als de kleinkinderen een hele week mee naar zee komen, kan ik moeilijk zeggen: ‘Doe maar op, doe maar je eigen zin!’ De koekjestrommel staat hier dus niet voortdurend op tafel, ze krijgen pas dessert als ze hun bord flink hebben leeggegeten en we doen niet alleen maar leuke dingen: het kan niet altijd feest zijn.

Maar ik ben wel graag en veel met hen bezig: we spelen spelletjes, gaan op ontdekking in de natuur, knutselen, maken handwerkjes, of bakken koekjes. Als Sile begeleiding nodig heeft bij haar huistaakjes en leeslesjes, doe ik dat met plezier. Maar ze weet: eerst het huiswerk, dan pas spelen. Onze kleinkinderen weten goed waar ze zich aan moeten houden: nee is nee.

De cijfers

  • 30% van de grootouders ziet zijn kleinkinderen meerdere keren per week.
  • Bij 1 op de 3 komt maandelijks minstens één van de kleinkinderen een nachtje logeren.
  • 58% biedt hulp bij de opvang om hun kleinkinderen vaker te zien.
  • 1 op de 4 grootouders brengt/haalt één van de kleinkinderen minstens 1 keer per week naar/van school of crèche.
  • Slechts 1 op de 5 komt daar nooit.
  • 1 op de 3 geeft toe dat er af en toe conflicten, spanningen of onenigheden zijn met de ouders over eten en snoepen of over computer, tablet en tv.
  • 83% van de ouders doet een beroep op de grootouders voor vakantieopvang.

Bron: De Grote Grootouderbevraging

9 tips voor oma en opa

  1. Respecteer de belangrijkste opvoedregels van het gezin. Ieder zijn stijl, maar om spanningen te vermijden, hou je best rekening met hoe de ouders het aanpakken.
  2. Je hoeft niet de béste band te hebben, het mééste tijd met elkaar door te brengen, of de leukste cadeaus te kopen. Ga dus niet concurreren met andere oma’s en opa’s.
  3. Maak je eigen grenzen kenbaar: sommigen vinden het fantastisch om al hun vrije tijd in de kleinkinderen te steken, maar anderen doen dat misschien eerder om hun kinderen niet teleur te stellen. Durf eerlijk te zijn. Praat met je kinderen.
  4. Probeer om je tijd en inzet te verdelen: wat je doet voor het ene kind, kun je best ook doen voor het andere, dat ligt heel gevoelig.
  5. Ken je plaats: als grootouder heb je een prachtige rol te vervullen, maar laat het laatste woord over de opvoeding aan de ouders.
  6. Aan je kleinkind vragen om te zwijgen over die tweede pannenkoek als vieruurtje is geen goed idee: probeer zulke kleine geheimpjes zoveel mogelijk te vermijden. Ze zetten je kleinkind voor een verscheurende keuze en je leert hen dat dingen achter de rug doen oké is. Vertrouwen en eerlijke communicatie gaan boven alles.
  7. Als grootouder kun je makkelijker aanvaarden dat de kleinkinderen zijn zoals ze zijn, als ouder ben je toch meer op je rol als opvoeder gericht. Wees als grootouder een bondgenoot van je kleinkinderen: waar hun ouders door het lint gaan, kun jij misschien makkelijker je kalmte bewaren.
  8. Ga er niet vanuit dat je rol in elk gezin hetzelfde zal zijn. Niet alle ouders verwachten van jou hetzelfde.
  9. Maak de verschillen in opvoedingsstijl bespreekbaar, zonder elkaar te bekritiseren of te trachten elkaar te overtuigen. Luister naar elkaar, tracht elkaar te begrijpen en weet dat niet één opvoedingsstijl de beste is, maar dat er verschillende mogelijkheden zijn. Kinderen moeten zich op school bv. ook anders gedragen. Onthoud één ding: ouders én grootouders zijn dol op de kinderen en willen (meestal) alleen maar het allerbeste.

Onze expert aan het woord

Oppassen of opvoeden: hoe ervaren de meeste grootouders hun rol?

Monique Van Eyken, gezinssociologe en familiaal bemiddelaar bij Apart: “In strikte zin is de opvoeding voor de ouders en hebben de grootouders eerder een ondersteunende, zorgende taak. Elke grootouder vult zelf in hoe hij/zij grootouder wil zijn.

Velen ervaren hun rol wel als een constante evenwichtsoefening: wanneer de kleinkinderen veel langskomen, worden ze al snel mee opvoeder. Wanneer hun principes erg afwijken van die van de ouders, kan dat tot conflicten leiden. Sommige grootouders lopen op eieren om spanningen met hun kinderen te vermijden. Als de grootouders te veel en te vaak afwijken van de principes van de ouders, lopen ze het risico hun kleinkinderen niet, of toch minder vaak te zien.”

Als er discussies zijn, waarover gaan die dan zoal?

“De meeste discussies gaan over de verschillende opvoedingsvisies tussen grootouders en ouders, bv. of kleinkinderen hun bord moeten leegeten, hoeveel tv ze mogen kijken, hoe laat ze gaan slapen… Grootouders leggen hun ervaring in de schaal en ouders kiezen zelf hoe zij hun kinderen willen opvoeden. En dat botst al eens.

Ook grootouders onderling hebben soms zeer verschillende visies en ouders ook. Het wordt dan een hele puzzel om elkaar te begrijpen en te tolereren. Een ander veelvoorkomend discussiepunt is het gevoel dat verschillende kleinkinderen anders behandeld worden. Grootouders kijken er bij het eerste kleinkind vaak heel erg naar uit om bijvoorbeeld een vaste dag in de week voor hun kleinkind te zorgen. Maar naarmate er meerdere kleinkinderen komen, is datzelfde engagement niet altijd mogelijk, dat zorgt voor spanningen indien er meerdere kinderen zijn.

Bovendien gaat het niet alleen om de tijd, maar ook om het financiële verschil dat dat met zich meebrengt, want kinderopvang en buitenschoolse opvang kost geld.”

Uit: Libelle 02/2022 – Tekst: Evy Kempenaers

VERDER LEZEN:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Partner Content