Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Guido’s kijk: “Ik ben een dromer, en mijn dochter is een dromerige engel, eentje met twee voeten op de grond”

Guido Everaert is marketeer, reclameman, copywriter en lesgever. Hij heeft vier volwassen kinderen: Eline, Johannes, Lise en Marie, en ook een hond: Rufus. Guido is gescheiden en woont samen met zijn nieuwe liefde. In zijn tweewekelijkse column ontdek je hoe hij naar het leven kijkt.

‘Dat is echt wel een lelijk hondje hè papa? Spike was tenminste een trotse hond, maar dit is een grappig hondje, zonder meer, zonder elegantie, zonder iets’. Ze sprak de woorden terwijl ze bedenkelijk zat te kijken en van haar thee nipte. Spike was mijn vorige hond. Een Weimaraner. De nieuwe hond Rufus, een Airedale, was intussen voor de zoveelste keer de vloer van het cafe aan ’t vol pissen. Ik wou het beest zo snel mogelijk doen wennen aan cafés en mensen, maar dat bleek geen onverdeeld succes. Mijn dochter Marie keek lijdzaam toe en dacht er het hare van. Het is één van de drie keer dat ik haar tijdens de studententijd gezien heb in Antwerpen. Je kunt geen groter verschil bedenken dan tussen mijn twee jongste dochters.

Tenminste, dat denk ik soms. Want op andere momenten voel je gewoon dat tweelingen iets speciaals zijn. Zelfs als het geen identieke tweeling is. Dan is er toch die ‘complicité’ van zoveel dingen samen meemaken en elkaar perfect aanvoelen.

Maar al in de wieg waren de twee meisjes totaal verschillend. Lise at en sliep, en Marie was springerig, ongeduldig en nerveus. Marie is het kind waarmee ik het moeilijkste contact heb. En ik heb geen idee hoe dat komt. Ik vermoed dat het er mee te maken heeft dat Lise en Eline echte flapuiten zijn, die altijd en overal ongezouten hun mening geven. Wat er ook de gevolgen van zijn. Johannes, die voelt die behoefte niet, en het is bovendien een vent, dus daar verwacht ik het niet van. Maar Marie, laat nooit ofte nimmer in haar kaarten kijken. Toch niet door mij. Een ‘stil water’ zo noemen ze dat.

“Ze laat nooit ofte nimmer in haar kaarten kijken. Toch niet door mij. Een ‘stil water’ zo noemen ze dat”

Tegelijk is het ook het meisje dat zo ongeveer altijd en overal krijgt waar ze haar zinnen op gezet heeft. En er ook in slaagt om niets te doen, waar ze geen zin in heeft. En dat alle middelen daar goed voor zijn. Dat klinkt veel negatiever dan het is. Marie kan gewoon wachten en denkt erg onafhankelijk, dat is knap om te zien. Ze is de koele, mooie afstandelijkheid. Maar ze heeft altijd de leukste vakantiejobs gehad, en nadat ze afstudeerde heeft ze ook de job te pakken waar ze van droomde. Ik weet niet hoe ze het steeds opnieuw doet.

Grappig, scherp en vlot, al wat je wilt, maar tegelijk ook erg ‘communicatief-verstrooid’. Marie is degene die ik het meeste heb horen zeggen ‘Oh, heb ik daar niet op geantwoord? Sorry!’. Het is geen kwade wil, het is gewoon op dat moment niet haar leven. Ze studeerde dus in Antwerpen, en ik was er rotsvast van overtuigd dat ik haar tijdens die periode heel veel zou zien en dat wij naar elkaar zouden toegroeien. Niet dat we van elkaar verwijderd zijn. Ik heb ook geen idee hoe ze met de andere leden van de familie omgaat. Ik kan hier en nu, twee jaar na haar afstuderen wel melden dat het project ‘innige band’ niet gelukt is. Drie keer, hoop en al. Ik heb ze natuurlijk wel meer gezien, maar dan was dat in Gent.

Ik denk ook dat haar sterke wil, precies is wat mij parten heeft gespeeld tijdens haar studies. Ze was gewoon niet graag in Antwerpen. En ze zei dat ook heerlijk: ‘Het schoonste moment van den dag is als ik in de Dampuurte (Station Gent Dampoort) afstap en iets bestel daar in de buurt, en ik hoor gewoon Gents spreken, dan begin ik terug te leven.’ Dat zegt het allemaal. Haar verblijf in Antwerpen was er om een diploma te halen. Haar echte leven was en is in Gent, bij haar vrienden, haar familie die daar woont. Ik ben een dromer, en zij is een dromerige engel, maar eentje die met twee voeten op de grond staat. Het is meteen ook de dochter waar ik mij bijna geen zorgen om maak. Ze komt er wel, en als dat niet zo is, dan zal ik helaas de laatste zijn die het te weten komt, want ze is er te trots voor. Maar dat mag.

MEER LEZEN VAN GUIDO?

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!