Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Mijn verhaal: Isabelle vond op haar 50ste haar biologische familie terug

Door De Redactie

Isabelle (51): “Ik was zeven toen mijn ouders me vertelden dat ik een adoptiekind was. Dit kan niet, was mijn eerste reactie, ze maken maar een grapje. En ik probeerde het nieuws zo vlug mogelijk te verdringen. Het leven ging verder. Ik was enig kind en had gelukkige jeugdjaren. Op het gesprek werd lange tijd niet meer teruggekomen. Maar natuurlijk was het woord ‘adoptie’ wel blijven hangen en begon ik me op den duur wél vragen te stellen. Wat als ik toch het kind van een ander was? Wie waren mijn echte ouders dan?

Mijn adoptieouders vertelden me dat ze zelf twee kindjes hadden verloren, telkens na de geboorte. Een arts raadde hen op een dag adoptie aan en ze hadden contact opgenomen met een opvangtehuis. Even later al kregen ze telefoon: ze mochten een meisje komen ophalen. Ze toonden me foto’s van het moment waarop ik aan hen werd overhandigd. Maar opnieuw liet ik dit liever rusten, al werd dat almaar moeilijker. Bij de dokter, bijvoorbeeld, werd me weleens gevraagd of iets in de familie zat. Ik kon daar nooit antwoord op geven. Ook mijn nieuwsgierigheid groeide met de jaren. Had ik ergens nog familie rondlopen? Broers en zussen? En waarom hadden mijn biologische ouders me weggegeven?

“Jarenlang verdrong ik dat ik een adoptiekind was. Toen ik mijn zussen vond, voelde het alsof ik opnieuw geboren werd”

Toen ik op mijn achttiende op zoek ging naar een document voor school vond ik mijn geboorteakte. Mijn hart stond stil. Plots kregen mijn biologische ouders een naam en wist ik waar ik vandaan kwam. Volledig van de kaart verliet ik de kamer. Ik vertelde niemand over mijn ontdekking, het werd mijn geheim waar ik jarenlang mee leefde.

Ik trouwde en kreeg drie kinderen. Mijn man en ik runden samen een bedrijf. Drukke, maar gelukkige jaren. En toch werd mijn verlangen om meer te weten over mijn afkomst steeds groter. Ik was dertig. Als ik mijn biologische ouders wilde vinden, dan mocht ik niet al te lang meer wachten. Ik maakte een afspraak bij een adoptiecentrum. Al bij het tweede contact hadden ze meer info. Ik kwam uit een groot gezin, was de negende en laatste in de rij. Mijn biologische moeder werd gedwongen om me af te staan, omdat mijn biologische vader me niet wilde. Met gemengde gevoelens reed ik naar huis terug. Voelde ik nu vreugde of verdriet? Wilde ik dit wel weten? Toen ik enkele maanden later van mijn derde kindje beviel, werd het me allemaal te veel. Een week lang heb ik gehuild, met dat kleintje in mijn armen. Hoe kun je je eigen vlees en bloed zomaar weggeven? En opnieuw wilde ik alles laten rusten.

Tot ik vorig jaar een televisieprogramma zag waarin adoptiekinderen op zoek gingen naar hun familie. Mijn beide adoptieouders – die altijd mijn mama en papa zullen blijven, het nest waarin ik opgroeide en zoveel liefde kreeg – waren overleden, en ik stond op het punt om vijftig te worden en vertelde mijn man dat mijn familie terugvinden zo’n mooi verjaardagscadeau zou zijn. Mijn man begreep dat ik het er zelf nog altijd heel moeilijk mee had en stuurde via Facebook vriendschapsverzoeken naar naamgenoten uit mijn geboortestreek. Maar er kwam geen enkele reactie.

Tot mijn vriendin me op een dag zei: ‘Ik moet je iets vertellen. Ik heb je familie gevonden.’ Ik wist niet wat ik hoorde. Ze was via Facebook en Messenger bij mijn tante terechtgekomen, de zus van mijn biologische vader. Die wist niets af van mijn bestaan, maar was heel lief en begripvol en had contact opgenomen met mijn oudste zus. Even later kreeg ik een berichtje van die zus. Mijn biologische ouders en twee van mijn vier broers waren al overleden, maar mijn vier zussen en twee andere broers wilden me heel graag ontmoeten, hoe sneller hoe liever.

We vielen in elkaars armen. Wat leek ik op mijn oudste zus! Ze vertelden over vroeger. Mama was voor de negende keer zwanger toen mijn oudste zus haar op een dag met de fiets zag vertrekken. Toen ze haar vroeg waar ze naartoe ging, antwoordde ze dat ze een kindje moest gaan kopen. Toen ze enkele dagen later zonder kindje thuiskwam, en mijn zus naar de baby vroeg, zei ze: ‘Ik mocht het niet houden van papa.’ Zo verschrikkelijk. Ook mijn zussen waren al die jaren met vragen blijven zitten. Bij wie was ik terechtgekomen? Die dag, meer dan vijftig jaar later, leek het alsof ik opnieuw geboren werd. Zo sterk voelde het. Mijn zussen waren zo lief en warm.

We zijn nu enkele maanden verder en horen en zien elkaar regelmatig. Zo gaan we binnenkort met alle zussen en mijn tante een weekje naar Santorini. Ze hebben me in hun armen gesloten, en ik hen. Met heel mijn hart. We willen het verleden laten rusten en focussen op de toekomst. Een toekomst samen. Om bij te praten, van elkaar te genieten en de verloren tijd in te halen. Eindelijk heb ik mijn familie terug. Ik ben zo gelukkig.”

Tekst: Barbara Claeys. Beeld: Getty Images

Meer sterke verhalen: