Openhartig: Stephanie is donorkind en zoekt naar haar echte vader

Openhartig: Stephanie is donorkind en zoekt naar haar echte vader
Getty Images

Stephanie was 25 toen ze ontdekte dat haar zogezegde vader niet haar echte vader was. Samen met haar drielingbroer en -zus is ze het kind van een anonieme donor, naar wie ze nog altijd op zoek is.

Als je als journalist iemand gaat interviewen, gaat dat gesprek – per definitie – over de ander. Over Stephanie (41) in dit geval, die 25 jaar lang in de veronderstelling leefde dat haar opvoedvader ook haar echte vader was, tot een tante zich versprak en aan het licht kwam dat haar moeder met donorzaad geïnsemineerd was. Maar halfweg ons gesprek zal Stephanie me vragen of míjn vader ooit zaad gedoneerd heeft. Ik schrik, want ik heb er nog nooit over nagedacht. “Ik denk van niet”, antwoord ik naar waarheid. “Oké,” zegt ze, “want, als dat het geval zou zijn, kun jij in theorie mijn halfzus zijn.”

En zo wordt dit verhaal van een donorkind dat nog steeds op zoek is naar haar echte vader, er eentje dat verweven kan zijn met iederéén, ook mezelf. “Elke man boven de vijftig kan mijn vader zijn”, vertelt ze. “Mijn halfzus heb ik dertien jaar geleden na mijn bevalling ontmoet bij de kinesist, zonder te weten dat we aan elkaar verwant waren. Toen ik drie maanden geleden via een DNA-databank ontdekte dat net zij mijn halfzus was, besefte ik: ik kén haar. Haar dochter gaat naar de school waar mijn zoon eerst was ingeschreven. Wat als die twee later iets zouden beginnen, ervan uitgaand dat ze geen familie zijn van elkaar?”

Koud en kil

“Ooit zat ik bij mijn vader op de schoot. Ik herinner me dat het ongemakkelijk voelde. Het plaatje klopte niet”

In de biologieles op school was nooit uitgelegd dat, als je vader geen goed zaad had, ergens anders zaad gehaald kon worden. Ik ging ervan uit dat het gezin waar ik geboren was, mijn familie was, al heb ik altijd wel gevoeld dat er iets niet klopte. Ik was deel van een drieling, maar onze vader toonde weinig interesse, hij was koud en afstandelijk. Ik herinner me dat ik eens bij hem op de schoot moest gaan zitten. Het voelde ongemakkelijk, zelfs ‘on-eigen’. Het plaatje klopte niet, maar ik kon de vinger er niet op leggen. Pas later zou ik beseffen dat het kwam omdat we geen natuurlijke band hadden.

Graag verder lezen of kijken?
Dan vragen wij je om nu EENMALIG en GRATIS een account aan te maken. Vanaf dan krijg je toegang tot al onze artikels en video’s en krijg je deze melding niet meer te zien.
...

Meer openhartige verhalen:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)