Openhartig: Lotte zag haar transgender zus veranderen in een man

Openhartig: Lotte zag haar transgender zus veranderen in een man
Getty Images

Toen Stien besefte dat ze transgender was, moest Lotte afscheid nemen van haar oudste zus. Meteen sloot ze haar broer Siebe in haar armen.

Lotte (30): “We waren thuis met vier zussen, maar eentje gedroeg zich altijd al meer als een halve jongen. Stien speelde met K’Nex en Lego, gruwde van rokjes en jurkjes… Toen ze zich op haar zestiende outte als lesbienne, was dat dus niet schrikken. Stien had enkele mooie relaties. Ze viel op erg vrouwelijke types, wat haar eigen mannelijkheid benadrukte. Ik herinner me nog dat ik me druk maakte om haar uiterlijk, en om Stiens mannelijke uitstraling: ze liet het haar op haar benen groeien, en mijn handen jeukten om haar forse wenkbrauwen te epileren. Ik vond het zo onvrouwelijk, gewoon niet verzorgd. Stien verafschuwde mijn epileerdrang. Ze vond dat allemaal onbelangrijk… of net wél. Hoe dan ook, mijn zus leek gelukkig, maar toen haar laatste relatie strandde, belandde ze in een dip. Ze werd gesloten, stiller en ging in piekermodus.”

Eerst lesbisch, dan transgender

Siebe (28): “Wat belangrijk is om mijn verhaal te begrijpen, is dat ik slechthorend ben. Dat heeft me vroeger flink parten gespeeld. Mijn woordenschat was beperkt en ik had moeite om te benoemen hoe ik me voelde, waarmee ik worstelde en wie ik was. Ik keerde heel erg in mezelf. Toen mijn laatste relatie strandde, ervoer ik inderdaad een soort van onbehagen. Ik voelde me verloren en ver weg van mezelf. Ik was niet gelukkig, maar kon niet verklaren wat er precies met me scheelde. Dat veranderde tijdens een studie gezinswetenschappen. Een van de opdrachten ging over transgenders. Ik kende de term niet – dat klinkt misschien raar, maar mijn dove wereld was op dat vlak klein en beperkt. Toen ik over die transseksualiteit las, vielen alle puzzelstukjes in elkaar. Dit was wie ik was, dit was hoe ik me voelde. Dat overrompelde me, maar nu ik het kon benoemen, besloot ik het meteen eerlijk tegen mijn moeder te vertellen. Na jaren in een waas geleefd te hebben, niet voluit te kunnen zijn wie ik was, hoopte ik dat dit de sleutel naar echt geluk voor me kon zijn.”

Lotte: “Ik hoorde kort erna van mama dat Stien transgender was. Dat klonk niet gek, maar eigenlijk ook wel. Ik schrok niet van het nieuws, en toch weer wel. Toen ik later die dag recht tegenover Stien in onze tuin zat, luisterde ik naar haar verhaal, naar haar tweede outing… De zon scheen, maar ik huilde. En zij huilde. Ik was blij voor haar, omdat haar ineens zoveel duidelijk werd. Maar er waren ook tranen omdat ik besefte dat niet alleen zij, maar ook ik zou moeten afscheid nemen van een mooie periode met vier zussen, van onze zussenband, van Stien zoals ik haar drieëntwintig jaar lang had gekend… Maar ik zag ook haar opluchting. Ik kon alleen maar blij zijn en begrip hebben. We zouden haar steunen als familie – ik, mijn andere zussen, mama en papa. Waar papa destijds wat onhandig had gereageerd op Stiens outing als lesbienne, stond hij nu meteen achter zijn kind. We voelden ons allemaal betrokken.

We gingen in op een uitnodiging van het transgenderteam van het UZ Gent. Mijn jongste zus was er niet bij, zij was nog een tiener. Maar mijn andere zus Margo, ik en Stien gingen er samen in gesprek met een psycholoog. We konden er met onze vragen terecht, en ze ook in een veilige omgeving stellen aan Stien. We wilden bijvoorbeeld weten of ze zelf kinderen wilde dragen – ‘Ik wil er wel, maar hoef niet zelf zwanger te zijn’. Hoe zag ze haar toekomst? Hoe ver wilde ze gaan met de transitie – ‘All the way’, was haar antwoord. Ik herinner me dat ik wijzer en opgelucht de afdeling verliet. Er viel een zorg van me af. Als familie konden we dit dragen, maar hoe onze ruimere omgeving zou reageren op dit nieuws, daar zat ik wel nog mee. Ik merkte dat ik mijn verhaal kwijt moest: aan collega’s, aan mijn beste vriendin…

Wat me opviel was dat iedereen de outing van Stien meteen aanvaardde. Misschien staat de maatschappij dan toch al verder dan ik dacht… En misschien hielp de eerlijkheid en openhartigheid van Bo Van Spilbeeck, en recent nog Sam Bettens, om het taboe rond transgenders te doorbreken? En daar was ik voor Siebe erg blij om.”

Geboorte van een broer

Lotte: “Ik merkte wel bij mezelf dat ik tijd nodig had om het nieuws te laten zakken. Ik maakte me bijvoorbeeld zorgen om mijn dochter van twee, Marie, die Stien altijd als tante Stien had aangesproken. Ik moest haar uitleggen dat dit zou veranderen, en ik was bang dat het haar zou verwarren… Sowieso wachtte ik daarmee tot het moment dat Stien aangaf dat ze klaar was voor die naamsverandering, en dat bleek bij de start van haar hormonenbehandeling te zijn. Ik merkte meteen al bij mezelf dat het me moeilijk viel om Stien bij haar jongensnaam te noemen, om die wissel van vrouw naar man, van zus naar broer, ook echt te gaan benoemen.”

Siebe: “Ik had een geboortekaartje ontworpen voor mezelf. Om mijn nieuwe leven als man aan te kondigen. Toen ik mijn jongste zusje – toen een jaar of elf – vertelde over mijn transitieplannen, maakte ik de vergelijking met Kaat uit Thuis, zij is fan van de soap. Mijn zusje luisterde, haalde haar schouders op, en ging verder met wat ze bezig was. (lacht) Voor haar is het iets heel natuurlijks – wat het eigenlijk ook is. En net zo ging het met mijn nichtje Marie, het oudste dochtertje van Lotte. Ze maakte er niets van en stelde geen zotte vragen. Ik werd voor haar gewoon nonkel Siebe vanaf dan.”

Lotte: “Hoe mannelijker hij werd, hoe onlogischer ik het vond om hem Stien te blijven noemen”

Lotte: “En als Marie het kon, dan moest ik het ook kunnen. Maar hoe vaak ben ik in het begin niet gestruikeld over Siebes naam. Ik maakte er alles van, behalve Siebe. Ik zei Stiebe, Sien… Ik was er nog niet helemaal klaar mee, denk ik, tot het uiteindelijk wel lukte. Siebe werd ook steeds meer man, eentje met baardgroei, met een lagere stem, met andere handelingen. Het werd dus steeds onlogischer om naar hem te kijken en Stien te denken. Het werd steeds makkelijker om mijn broer te zien. En ook om Siebe te zeggen. Nu vind ik het raar dat hij ooit Stien is geweest, dat ie ooit Stien heette. Met mijn dochtertje Marie blader ik geregeld in oude fotoalbums. Als ze wijst naar de vrouw met halflang haar, en vraagt wie dat is, en ik haar zeg dat dat eigenlijk nonkel Siebe is, dan reageert ze vol ongeloof. Dan lach ik naar haar, en ben ik dankbaar. Ik vind het een ontroerende gedachte dat mijn dochtertje me geholpen heeft om die broer-klik te maken. Ik weet nu ook dat Siebe er altijd al was, alleen zat hij in het verkeerde lichaam.”

Siebe: “Ook bij mij gebeurde de omschakeling van vrouw naar man niet van vandaag op morgen. De hormonenkuur deed haar werk, maar mijn borsten maakten me ongelukkig. In afwachting van de operatie om ze te verwijderen, tapete ik ze in en droeg ik spannende shirts. En eens ik ze kwijt was, voelde ik me rustiger, beter. Ook mijn baarmoeder en eierstokken werden verwijderd. Op het eerste zicht zag niemand meer aan mij dat ik in een vorig leven een vrouw was geweest. Er viel letterlijk en figuurlijk iets van me af…”

Man op papier

Lotte: “Toen ik Siebe beetje bij beetje zag openbloeien, meer en meer zag stralen, minder onzeker vond ogen, drong het tot me door hoe hij moet geleden hebben, moet geworsteld hebben met zichzelf en met zijn oude lichaam. In stilte. In diepe stilte, zoals dat in de dovenwereld gaat. Het moet vreselijk geweest zijn om te weten dat je in het verkeerde lichaam zit, en het niet kunt uiten, niet kunt beleven. Op zo’n fundamenteel en complex niveau eerlijk durven zijn met jezelf vraagt veel moed. En dan vraag ik me af: waren we er genoeg voor hem? Konden we hem als zussen meer steunen? Had ik dingen kunnen vergemakkelijken voor hem? Was ik niet te druk met mijn eigen leven? Nu de transitie in volle gang is, nemen die vragen in mijn hoofd wat af. Ik zie een blijere Siebe. Er is hoop, hij heeft opnieuw een vooruitzicht op een gelukkig leven. Als Stien kon hij erg opvliegend zijn, en dan begreep ik haar niet. Nu weet ik dat dat verkeerde lichaam hem frustreerde en snel boos maakte. Als Siebe is hij rustiger. Hij heeft minder op te kroppen. Hij ervaart ook een gevoel van vrijheid. Eindelijk kan hij bijvoorbeeld gaan shoppen op de mannenafdeling. Iets wat vroeger een beetje stiekem moest gebeuren. Als ‘Stien’ kon ik hem soms in de gekste combinaties zien. Maar nu hij voluit man kan zijn, klopt het plaatje wél. Zijn haar ging nog wat korter. Zijn blik werd blijer. Hij komt steeds dichter bij wie hij hoort te zijn. Het maakt me trots op mijn broer, trotser dan ooit.”

Lotte: “Toen ik Siebe zag openbloeien, drong het tot me door hoe hij moet geleden hebben, hoe hij moet geworsteld hebben met zichzelf en zijn oude lichaam”

Siebe: “Ik ben in deze fase vooral opgelucht en voel me voorzichtig hoopvol. Ik heb geluk met mijn familie, maar ik bots nog op veel taboes, en leef in een maatschappij die blijkbaar nog niet helemaal klaar is voor transgenders… Dat frustreert me en maakte me verdrietig. Op de officiële naamsverandering, die op mijn paspoort, moest ik een jaar – een jaar! – wachten. Toen ik sprak met een Deense transman, bleek dat in zijn land binnen de twee weken in orde. Dat zichtbare bewijs, dat je ook man bent op papier, is emotioneel erg belangrijk. En dat dit zolang moest aanslepen was gewoon deprimerend. En nog iets waar ik van schrok: waar relaties als lesbienne vrij makkelijk voor me waren, bots ik nu op de grenzen van ruimdenkendheid. Toen een meisje een oogje op me had, vond ik het moeilijk om haar te zeggen dat ik een transman ben. En toen ik het eindelijk durfde, liet ze me vallen. Dat was een klap, een desillusie.”

Lotte: “Voor Siebe was dat een realitycheck. Relaties zullen moeilijk worden en voor een zorgend en liefhebbend iemand als Siebe is dat een groot gemis. We hebben het erover gehad, en Siebe blijft hopen dat een relatie er ooit zal inzitten. Maar weet ook dat dat niet voor meteen zal zijn.”

Eerste scheerapparaat

Siebe: “Ondertussen sta ik vrij ver in mijn transitie, maar die laatste allerbelangrijkste operatie die écht een man van me zal maken, is recent uitgesteld tot 2024. Tot dan zal ik, wanneer ik naakt ben, altijd geconfronteerd worden met dat vrouwelijke geslachtsdeel. Vreselijk vind ik dat, maar ik moet me erbij neerleggen. Waar me eerst was gezegd dat ik in vijf jaar tijd van vrouw naar 100% man zou gaan, zal het nu 7,5 jaar duren. En dat is een domper. Blijkbaar is er relatief veel vraag naar geslachtsoperaties, en is er in België slechts één arts die penissen maakt.”

Lotte: “Het is samen aftellen. Deze periode heeft me geleerd om echt genderneutraal te denken, binnen mijn gezin en – ik werk als kleuterleidster – in mijn klasje. Ondertussen proberen we ons gevoel voor humor niet te verliezen. Als we met de familie samen aan tafel zitten, zoals onlangs, en we nog een sterke man zoeken, dan kloppen we op de tengere schouders van Siebe. Ik merk dat ik die humor nodig heb. Ik moet een keer kunnen lachen met iets ingewikkelds als dit. Het zorgt voor wat lucht, en maakt Siebes verhaal normaler, natuurlijker. Maar het went. Laatst stonden mama en ik in de elektrozaak. Siebe had een scheerapparaat gevraagd als verjaardagscadeau. Een heel symbolisch geschenk vond ik dat, en met die steeds voller wordende baard van Siebe ook nodig! (lacht) Ik moest glimlachen in mezelf. We komen van ver, we hebben samen al mooie en belangrijke stappen gezet richting Siebes geluk. En dan zeg ik in naam van mijn zussen, mama en papa: hoera voor Siebe, lang leve onze broer!”

Uit: Libelle 45/2019 – Tekst: Els De Ridder

Meer openhartige verhalen:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)