Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
© Tjorven Boucher

‘Mijn broer is een Rode Duivel’: Sam en Lindsay zijn klaar voor het WK

Door Diny Thomas

Het is zover: morgen, woensdag, spelen de Rode Duivels hun allereerste match op het WK in Qatar. We hopen natuurlijk allemaal dat ze zo ver mogelijk geraken, maar Sam Vanaken en Lindsay Trossard zullen nog íéts meer op het puntje van hun stoel zitten.

Sam is de broer van middenvelder Hans Vanaken

Sam (32): “Een Vanaken die niet voetbalt, dat bestaat niet! Mijn vader heeft zelf járen op het veld gestaan. Bij de echte kenners doet hij wellicht nog een belletje rinkelen: Vital Vanaken, de libero van eersteklasser KV Mechelen en Lommel SK. Het voetbal is ons dus met de paplepel ingegeven.

Ik herinner me nog goed dat ik een jaar of vijf was en als duiveltje bij Lommel mocht gaan trainen. Mijn broer Hans, een klein manneke van drie, zat elke keer ongeduldig langs de zijlijn op een bal te wachten. Hij was zo bezeten dat de trainer hem op den duur het veld op riep: ‘Kom, doe maar gewoon mee.’ En als Hans dan op het veld stond…

Als grote broer kon ik hem vroeger de baas, maar nu heeft Hans het verder geschopt dan ik

Op school en thuis was hij altijd heel verlegen, maar met de bal aan zijn voeten had hij maar één doel voor ogen: winnen. Het straffe was dat hem dat meestal nog lukte ook. Hoewel, als we met z’n tweeën in de tuin voetbalden, troefde ik hem als oudere broer die twee koppen groter en een pak sterker was, dikwijls af. Hoe vaak hij huilend naar binnen is gelopen! Al waren de rollen ook weleens omgekeerd, hoor.

Maar nu, zoveel jaar later, heeft Hans het verder geschopt dan ik. De mensen denken weleens dat ik jaloers op hem ben: hij speelt bij Club Brugge, ik twee klassen lager bij KVV Thes Sport Tessenderlo. Maar jaloezie is zo’n vies beestje, daar hou ik niet van. Nee, ik ben ongelooflijk trots op hem. En eerlijk? Ik denk niet dat ik op mijn twintigste al in m’n eentje in Antwerpen zou gaan wonen om bij zo’n grote ploeg als Lokeren te beginnen. Hans is daar echt een man geworden.

Vroeger durfden we na een match weleens in de pinten te vliegen, maar nu is voetbal zijn topprioriteit. Gelijk heeft hij, want inmiddels is hij een van de beste voetballers van het land. Dus als je het mij vraagt, heeft hij z’n plek bij de Rode Duivels dubbel en dik verdiend. Het laatste kampioenschap heeft hij wat, tien seconden, op het veld gestaan? Maar dit WK zal het anders zijn, geloof me.”

Lindsay is de zus van aanvaller Leandro Trossard

Lindsay (24): “Een voetbalgek, beter kan ik mijn broer Leandro niet omschrijven. Ik ben vier jaar jonger dan hij, en ik heb het nooit anders geweten dan dat hij wilde sjotten. Altijd en overal. Zelfs thuis trapte hij tegen alles wat voor z’n voeten lag: een blikje, een ballon, mijn poppen! Ik, daarentegen, was een écht meisje, dat graag met barbiepoppen en Baby Born speelde. Maar daar wilde Leandro niks van weten. Ik heb het hem vaak kwalijk genomen dat hij niet met me wilde spelen, maar achteraf begrijp ik het wel.

Leandro trapte thuis tegen alles wat voor z’n voeten lag: een blikje, een ballon, mijn poppen…

We werden grootgebracht in een wijk waar je, zeker als jongen, op straat leefde. Altijd maar voetballen op het pleintje om de hoek. In weer en wind. Ik zie mama’s blik nog zo voor me als hij weer eens met zijn modderige schoenen door het huis liep. Maar hoe ouder we werden, hoe meer ik opkeek naar mijn grote broer. Ik ging steeds vaker mee naar het pleintje, tot grote ergernis van Leandro. ‘Mama, mag ik alsjeblíéft een keer zónder Lindsay gaan sjotten?’, smeekte hij dan. Als de buurjongens er eens níét waren, was ik dan wél weer goed genoeg. Of toch om in de goal te staan. (lacht)

Maar goed, als ik zie waar al dat oefenen hem heeft gebracht, mag ik niet klagen. Mama vertelde dat Leandro ooit in het stadion van Genk – hij en onze opa hadden een abonnement – heeft gezegd dat hij op dát veld wilde voetballen, en daar kampioen wilde spelen. Een kinderdroom die in 2019 werkelijkheid werd. Dat hij zich nu een Rode Duivel mag noemen, is het summum. Of ze tot in de finale zullen geraken? Als het van Leandro afhangt, absoluut! Voor minder speelt hij niet. Nooit.”

Uit: Libelle 46/2022

Meer openhartige verhalen:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!