De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."
© Getty Images

4 lezeressen openhartig over hun jeugdliefde: “Ons verhaal is verteld, maar de magie is nooit verdwenen”

Door Annelies Dyck

Soms groeit een jeugdliefde uit tot de ware met wie je je leven deelt. Maar vaker vervaagt die jongen van toen tot een herinnering. Vier lezeressen over dat mooie souvenir uit hun jeugd.

Eveline is al 72 jaar trouw aan haar Marcel

Eveline (89): “Kun je geloven dat ik nog elke nacht droom van Marcel? Vanmorgen werd ik vroeger wakker dan normaal en heel even dacht ik: ik moet stil zijn voor Marcel, hij slaapt nog. Pas na een paar seconden besefte ik: Marcel ligt niet meer naast mij, al 21 jaar niet meer. (stil) Ik praat nog elke dag tegen zijn foto, elke avond val ik wenend in slaap. Dat is triestig hé. Ik heb de dokter al gevraagd of dat wel normaal is. Hij zegt dat het komt omdat ik nog zoveel met hem bezig ben. Dat is zo. Ik kan en wil Marcel nooit vergeten.” 

Blond schaapje

Ik heb Marcel leren kennen op 1 november 1948, de avond van mijn zeventiende verjaardag. Samen met zes andere jongens was hij lid van de ‘vrolijke vrijgezellenclub’. Elke zondagavond kaartten ze bij één van hen thuis, en die avond mocht ik uitzonderlijk mee van mama omdat ik jarig was. Marcel was zes jaar ouder, hij zei: ‘Dat blond schaapje met die krullen is voor mij.’ Hij liet me meteen merken dat hij iets in mij zag, maar dat deden die zes andere kaarters ook natuurlijk. (lacht) Ik werd verliefd op hem, maar ik wist dat mama mij nog te jong vond, dus we hielden het stil. 

“Ik werd verliefd op hem, maar ik wist dat mama mij nog te jong vond, dus we hielden het stil.”

Marcel kwam me elke avond ophalen na de avondles en dan wandelden we naar huis. Op een avond betrapte mama ons samen in het koren bij boer Slijp. “Als hij je écht graag ziet, kan hij wachten tot je 21 bent”, zei ze. Deftig en eerbaar hebben wij nog vier jaar gewacht. Ik versta heel goed dat jonge mensen dat vandaag niet begrijpen, maar wij waren daar eigenlijk niet ongelukkig over. Achteraf bekeken was dat een fantastische tijd.

Marcel en ik probeerden elkaar zo veel mogelijk te zien, we hadden daar creatieve oplossingen voor bedacht. Hij was misdienaar en moest geregeld de kazuifels van de kerk naar de andere parochies brengen. Dat deed hij natuurlijk als hij wist dat ik thuis was. (glimlacht) En als we niet konden telefoneren met elkaar omdat het niet mocht van mama, dan communiceerden we via mijn paternoster. Als die door het raam hing, dan wist Marcel dat ik ’s avonds weg kon. Hing er een blauwe ketting, dan zou het niet lukken.” (lacht)

Eerste huwelijksnacht

In november werd ik 21 en mocht ik thuis weg. We hebben ons meteen verloofd, een half jaar later zijn we getrouwd. Tot dan hadden we alleen wat gekust en gevoeld. Onze eerste nacht samen was in een chic hotel in Brussel, op doortocht naar onze huwelijksreis in Zwitserland. Marcel had tegen iedereen gezegd dat hij snel aan kinderen wilde beginnen, ‘een autobus vol’. We hebben drie prachtige kinderen gekregen, en toen zat de bus vol genoeg. (lacht)

Marcel was een lieve echtgenoot en een zachte vader. Streng of kwaad zijn, dat kon hij niet. Tot die fatale dag in mei 1999 hebben wij echt een heel mooi leven samen gehad. 

We stonden op het punt om naar Spanje te vertrekken, zoals elk jaar een paar keer. Alles was gepakt, hij ging nog even snel het gras afrijden. Ik heb hem gevonden tussen de struiken, hij had een zware hersenbloeding gekregen.

“Eén keer heeft hij me, in een helder moment, nog eens gezegd: ‘Je moet niet alleen blijven, suske, vergeet mij maar en zoek nog iemand anders.’”

Marcel heeft nog een half jaar geleefd, maar achteraf bekeken had ik hem liever diezelfde dag afgegeven. Als ik ’s morgens zijn kamer in het ziekenhuis binnenkwam, zei hij: ‘De verpleegster is daar.’ Eén keer heeft hij me, in een helder moment, nog eens gezegd: ‘Je moet niet alleen blijven, suske, vergeet mij maar en zoek nog iemand anders.’

Ik was 68 toen Marcel stierf, en hoewel ik nog kansen heb gehad, kon ik het niet. Ik had één keer in mijn leven de grote liefde gekend, ik zou met niemand anders zo gelukkig kunnen worden. De dag dat Marcel stierf, is een deel van mij mee gestorven. Ik kan nog gelukkig zijn hé, hier in het woon-zorgcentrum. De verpleegsters hier zorgen fantastisch voor mij, en als de kinderen of de kleinkinderen zijn geweest, dan vertel ik dat ’s avonds allemaal tegen Marcels foto naast mijn bed. ‘Allé vader, ze waren er weer allemaal, het was zo plezant.’ Om dan huilend in slaap te vallen en weer de hele nacht van hem te dromen.”

Stephanie kreeg spijt nadat ze brak met haar skaterboy

Stephanie (40): “Vic en ik zijn een koppel geworden op een slaapfeestje. We waren zestien en zaten in dezelfde klas, iedereen wist dat wij verliefd waren op elkaar. Toen tijdens dat feestje plots het licht uitging, zijn we beginnen kussen. Toen het licht weer aanging, waren we een koppel. Heel schattig was dat. 

Vic was de coolste van de klas, een skaterboy die zong in een bandje. En hij kon geweldig goed schrijven. Met dt-fouten, dat wel. (lacht) Maar zijn brieven, gedichten en tekeningen waren prachtig, ik heb ze nog allemaal. Elke ochtend schreef hij in potlood een liefdesgedichtje op mijn bank, tot de leraar ons vriendelijk verzocht om dat op papier te doen. (lacht) We hadden heel veel plezier samen. Ik herinner me die keer dat zijn ouders op reis waren en hij voor mij had gekookt – lasagne met quorn, eind jaren negentig was dat nog heel speciaal. Hij had de kaarsjes aangestoken en toen we kusten over de tafel heen vloog zijn hemd in brand. We lagen plat van het lachen. Het was altijd leuk met Vic. We waren versmolten, op een goeie manier.”

Van break naar breuk

Maar na negen maanden veranderde er iets tussen ons. Ik begon me te ergeren, hij was zo verliefd en was er áltijd, hij deed alles voor mij. Zijn gedichtjes konden me niet meer boeien. Als ik in de klas kwam, legde ik mijn boeken boven op zijn schrijfsels zodat ik ze niet hoefde te lezen. Ik zei heel theatraal dat we een ‘break’ nodig hadden – ik had te veel naar ‘Friends’ gekeken. (lacht) En die break is geëindigd in een echte breuk toen ik die zomer op scoutskamp Frederik leerde kennen, een stoere jongen die vuur kon maken en kon sjorren (bouwwerken maken met touw en houten palen, red.). Hij leek me zoveel spannender dan Vic.

“Jarenlang ben ik kapot geweest van onze breuk. Een puberhart dat breekt, dat is echt verschrikkelijk…”

Toen ik na een paar weken voelde dat Frederik maar niks was en Vic intussen wel héél veel aandacht kreeg van alle andere meisjes van de klas, kreeg ik spijt. Ik dacht dat ik het weer goed kon maken, maar Vic wilde me niet terug. Ik heb hem brieven geschreven, cassettes gemaakt met onze lievelingsmuziek op, maar zonder veel uitleg bleef hij weigeren. In zijn laatste brief naar mij maakte hij me duidelijk dat echt voorbij was en dat dit moest stoppen. Ik ben daar twee jaar echt slecht van geweest. Ik kon hem niet loslaten, waarschijnlijk omdat ik hem niet meer kon krijgen. In die periode stierf mijn grootmoeder, maar mijn hartzeer voor Vic overschreed het verdriet om haar dood. Als je nog jong bent, zijn alle emoties zo extreem. Een puberhart dat breekt, dat is echt verschrikkelijk… Pas in mijn eerste jaar aan de unief ben ik weer verliefd geworden op iemand.”

De ware nog niet gevonden

Vandaag heb ik geen spijt meer over Vic, ook al ben ik de ware nog altijd niet tegengekomen. Ik zie Vic geregeld op feestjes. We zijn allebei andere richtingen uitgegaan in ons leven, ik denk niet dat we nog bij elkaar zouden passen. Als ik vandaag mijn droomman mag kneden, is dat zeker niet Vic.

“Onze relatie was groots en meeslepend, hij was alles wat ik wilde. Maar hij werd pas interessant toen ik hem kwijt was.”

Maar toch vind ik het nog altijd jammer dat ik een eerste liefde die zo mooi had kunnen zijn, heb stukgemaakt. Onze relatie was groots en meeslepend, hij was alles wat ik wilde. Maar hij werd pas interessant toen ik hem kwijt was. Ik heb hém gekwetst, maar ook mezelf omdat ik het niet toeliet om iemand voluit graag te zien. Achteraf besef ik dat ik mezelf eigenlijk de echte liefde die er bij hem wél was, niet gunde. Iets wat ik in de relaties nadien nog vaak heb meegemaakt.” (glimlacht).

Charlie zag na vijftien jaar haar jeugdliefde terug

Charlie (35): “Ik wist niet goed wat ik moest verwachten toen Mathias me een sms stuurde en vroeg om nog eens een koffie te gaan drinken. Hij was mijn grote liefde toen ik twintig was, maar na een relatie van een jaar maakte hij het uit, het werd te moeilijk tussen ons zei hij. Mathias was zes jaar ouder. Ik weet niet eens of ik zo verliefd op hem was de eerste keer dat ik hem zag. Overdonderd is een beter woord. Hij was knap en van alle vrouwen die hij kon krijgen, wilde hij mij. Ik studeerde en woonde nog thuis, hij was een succesvolle advocaat met een eigen appartement in het centrum van Brussel die mij meenam naar feestjes, etentjes en romantische weekendjes in de sneeuw. Ik kon niet anders dan verliefd worden. Alleen was ik geen succesvolle vrouw zoals er zoveel in zijn wereldje zaten. Ik was een onzekere twintiger met een Go Pass, die op donderdagavond naar het spannende leven reed en op zondagavond weer naar huis spoorde om maandagochtend in de les te zitten. Toen hij het uitmaakte, was ik niet alleen hem kwijt, maar ook de wereld die ik zo leuk vond. In plaats van op zaterdagavond met hem in een hippe cocktailbar te zitten, zat ik weer bij mijn ouders thuis, voor tv.

“Vanaf de eerste seconde dat we elkaar terugzagen, was de magie er terug. Maar mijn gezin op het spel zetten? Nee”

Het is onwaarschijnlijk hoe snel je een gebroken draad na vijftien jaar weer kunt herstellen en oppikken. Vanaf de eerste seconde dat we elkaar terugzagen in die koffiebar, was die magie er terug. Alsof we de personen die we vroeger waren, meteen hadden teruggevonden en er in tussentijd nooit andere partners en kinderen tussen ons in waren gekomen. We hebben anderhalf uur lang herinneringen opgehaald, aan de verleiding van onze eerste avond samen, de liedjes waarop we samen gedanst hadden, de plekken waar we hadden gevreeën. Ik denk dat ik nooit heb beseft hoe graag hij me gezien had, en hoe hard hij zijn best had gedaan voor ons.”

Vertrouwd én spannend

‘Zou je me kussen?’, vroeg hij bij het afscheid. Als we daar niet met ons mondmasker hadden gestaan, was dat wellicht gebeurd. En misschien zelfs meer. Weet je, ik geloof heel erg dat je in een affaire nooit op zoek gaat naar een betere versie van je partner, maar wel naar een betere versie van jezelf. Mathias en ik zouden vandaag de beste versie van onszelf kunnen zijn, daar ben ik zeker van. Een jeugdliefde heeft de magie van for old times sake, ze is vertrouwd en spannend tegelijk. Maar wat écht is, is ons leven thuis, bij onze gezinnen. In een ander leven zou ik zonder twijfel nog eens springen, zelfs al zou ik er opnieuw een gebroken hart aan overhouden. Maar hier en nu alles op het spel zetten wat me dierbaar is? Ik denk het niet.”

Siska raakte nooit helemaal los van Gerard

Siska (59): “Vanaf die eerste keer dat ik Gerard zag zitten aan de overkant van de tafel met twee verschillende sokken aan, was ik verkocht. Ik was midden twintig, net weg bij mijn vriend en volgde, net als Gerard, een extra opleiding voor het werk. Toen we nadien met de hele groep bleven plakken, ontdekte ik dat hij ook nog eens een geweldige danspartner was. Alles aan hem trok me aan. Zijn charisma, zijn nonchalance, zijn gevoel voor humor. Gerard had een vriendin, maar toch zijn we iets begonnen. Ken je de film ‘Dirty Dancing’? Dat liedje ‘Hungry Eyes’, dat waren wij. Gerard heeft me ooit eens gezegd: ‘Dansen in een verticale uiting van een horizontale wens.’ (lacht) We waren niet alleen heel fysiek, we konden ons ook geweldig goed amuseren. Ik weet nog dat we eens terugkeerden uit Engeland. Gerard had zich vergist met dat uurverschil en we hadden onze boot gemist. Op één of andere manier had hij het nummer bemachtigd van iemand aan boord, en toen zagen we plots dat schip achteruit varen om ons alsnog op te pikken. Iedereen maar kijken, ze dachten dat wij wel héél belangrijke mensen waren. (lacht) 

“Alles aan hem trok me aan. Zijn charisma, zijn nonchalance, zijn gevoel voor humor. Gerard had een vriendin, maar toch zijn we iets begonnen.”

Hoe graag ik hem ook zag, na anderhalf jaar heb ik er een punt achter gezet. Ik kon het niet meer. Hij wilde zijn vriendin uiteindelijk verlaten voor me zei hij, maar het was te laat. Ik had mijn keuze gemaakt.” 

Greetings from the past

We zijn elk onze eigen weg gegaan, met andere partners en kinderen. Twintig jaar lang had ik niks van hem gehoord. En toen zag ik zijn naam passeren via LinkedIn. Ik stuurde hem een berichtje: ‘Greetings from the past’. Hij reageerde meteen. Niet lang daarna zijn we iets gaan eten, en toen ik het restaurant binnenkwam zag ik ze weer: die hungry eyes. We geraakten niet bij elkaar weg. Om half vier ’s nachts hebben we op een verlaten Theaterplein in Antwerpen gekust zoals in de film. We wisten allebei dat we opnieuw vertrokken waren voor een romance. Die eindigde precies zoals de eerste keer, want hij was getrouwd. Ook nu had hij spijt toen ik er een punt achter zette. Maar het was too little, too late. Het lot was ons niet gunstig gezind, de timing was gewoonweg nooit goed.

“We hebben nooit een écht leven samen gehad, en misschien is net dát de charme van onze jeugdliefde”

Vandaag volgen we elkaar op Facebook. Ik heb borstkanker, als ik een belangrijke behandeling heb zal hij via Messenger vragen hoe het met me gaat. Heel af en toe zien we elkaar eens, en dan ben ik nog altijd even gecharmeerd door hem als op die eerste dag. De klik tussen ons is nooit verdwenen, maar ons verhaal is verteld. Eén keer heeft hij me een sms gestuurd: ‘Ik hou van je, dat is nooit gestopt en dat zal altijd zo blijven.’ We hebben het er nooit meer over gehad. Misschien is het feit dat we nooit zijn toegekomen aan een écht leven samen, wel net de charme van deze jeugdliefde.”

Uit: Libelle 45/2020 – Tekst: Annelies Dyck

Meer openhartige verhalen:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Partner Content