Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
Getty Images

Mijn verhaal: Triene-Mie werd emotioneel mishandeld door haar man

Door De Redactie

Triene-Mie was 20 jaar getrouwd met een man die haar emotioneel mishandelde. “Ik had geen blauwe plekken, maar hij dreigde met van alles. Hij heeft me zelfs proberen te vergiftigen.”

Triene-Mie (56): “Ik was 27 jaar toen ik Joseph ontmoette, mijn prins op het witte paard. Hij was een fantastische man. Hij overlaadde me met complimentjes, met bloemen en geschenken. Ik dacht dat ik het winnende lot van de loterij had gewonnen. Dus natuurlijk zei ik ‘ja’ toen hij me ten huwelijk vroeg. Waarom zou ik twijfelen? Maar een paar uur na ons huwelijk verscheen de eerste barst in dat ideale plaatje. Ik was nog maagd en had uitgekeken naar een tedere, liefdevolle huwelijksnacht. Maar zo ging het helemaal niet.

Tijdens onze huwelijksnacht deed hij zijn ding en zette hij vervolgens de tv op. Ik probeerde er niet te veel bij stil te staan. De volgende dag was hij weer net zo lief en attent als voorheen, dus het zou wel goedkomen, dacht ik. Maar achteraf gezien waren er snel nog meer signalen. Ik mocht bijvoorbeeld nooit alleen op stap. In de twintig jaar waarin we getrouwd waren, ben ik hooguit drie keer zonder hem naar de supermarkt geweest. In het restaurant ging hij mee tot aan de deur van het toilet. Was ik op kantoor, dan belde hij drie keer per dag. Zogezegd om te vertellen hoe graag hij me zag. ‘Wat heb jij een lieve man’, zeiden collega’s dan. Terwijl hij eigenlijk gewoon wilde controleren of ik niet met hen gaan lunchen was, want dat mocht ik niet van hem.

Langzaam maar zeker kreeg hij ook grip op mijn uiterlijk. Ik moest lang haar hebben, dat was vrouwelijk. Mijn lievelingskleren gooide hij weg, of hij dweilde er de keukenvloer mee. Hij kocht andere kleding voor me. Als ik er iets over zei, speelde hij in op mijn emoties: ‘Vind je het dan niet lief van me, dat ik dit allemaal voor je heb gekocht?’ Andere keren was hij agressief. Hij heeft me nooit geslagen, maar greep bijvoorbeeld een fles wijn van tafel en smakte ze kapot tegen de muur. Om een uur later weer poeslief te zijn. Zo bleef ik mezelf sussen: zie je wel, zo is hij écht, het was gewoon een slecht moment.

Twintig jaar heb ik op die manier geleefd. Eén keer heb ik geprobeerd om er met mijn vader over te praten. Hij ketste het gesprek af. ‘Waar twee mensen ruziemaken hebben er twee schuld’, zei hij, en daarmee was de kous af. Een andere keer ben ik naar de politie gegaan. Met daverende knieën. ‘Ik ben zo bang van mijn man’, zei ik. De agent antwoordde: ‘Slaat hij u? Dan komen we meteen langs!’ Ik ben terug naar buiten gelopen: hoe kon ik uitleggen wat er aan de hand was? Dat hij me met geen vinger aanraakte, maar ik me toch mishandeld voelde, alleen al door de voortdurende dreiging van geweld?

Toen ik uiteindelijk toch mijn moed bij elkaar schraapte en Joseph vertelde dat ik wilde scheiden, deed hij stiekem een hele strip pillen in mijn drankje. Had hij er niet zo veel suiker bij gedaan om de smaak te maskeren, was het me wellicht niet eens opgevallen en had hij me vergiftigd. Dat was de spreekwoordelijke druppel. Ik heb een advocate ingeschakeld om een vluchtplan te maken. Het lukte, maar nog was ik niet gerust. Overal dook hij op. Op kantoor, aan de winkel. Heel beangstigend. Toen een gemeenschappelijke vriend me waarschuwde dat hij een huurmoordenaar had ingeschakeld, sloeg de schrik me helemaal om het hart, en ben ik verhuisd. Ik heb doodsangsten uitgestaan, zo bang dat hij me zou vinden.

De terreur is pas gestopt toen ik telefoon kreeg van onze voormalige buren: ze hadden Joseph thuis gevonden. Wat hij precies had gekregen, wisten ze niet, maar hij was naar het ziekenhuis gebracht en zou wellicht de ochtend niet halen. Uiteindelijk heeft hij nog drie dagen geleefd, toen was het voorbij. Ik was opgelucht. Al was er ook verdriet. Om hem, dat hij eenzaam was moeten sterven. En om mezelf, dat ik zoveel jaren aan hem had verspeeld, die ik nooit zal terugkrijgen.

Het heeft na Josephs dood lang geduurd voor ik kon praten over wat ik heb meegemaakt. Psychologisch en emotioneel geweld is zo moeilijk te beschrijven. Je hebt geen blauwe plekken, geen breuken. En toch voel je je mishandeld. Ik heb een lange weg afgelegd, met veel therapie, maar ook angstaanvallen en nachtmerries. Maar ik ben erdoor geraakt. En wat ik nooit voor mogelijk had gehouden, is gebeurd: ik heb een nieuwe man ontmoet. Een lieve, begripvolle man, aan wie ik, heel voorzichtig, opnieuw vertrouwen durfde te schenken. Vorig jaar, op mijn verjaardag, zijn we getrouwd. Ik heb er twee fantastische plusdochters bij gekregen. Een prachtig geschenk, want Joseph heeft nooit kinderen gewild.

Na ons huwelijk ben ik mijn verhaal beginnen op te schrijven, samen met bemiddelaar Anne Groenen, die al twintig jaar onderzoek doet naar partnergeweld en die naast mijn persoonlijke verhaal zorgt voor professionele omkadering. Het taboe moet doorbroken worden, en praten is de eerste stap. Bovendien wil ik aan lotgenoten zeggen: je kunt weer gelukkig worden, kijk naar mij. Ga naar je huisarts, of naar een vertrouwenspersoon. Praat er met iemand over. Zet gewoon die eerste stap. Hoe uitzichtloos je situatie ook lijkt: er is hoop.”

Meer lezen? Als liefde overleven wordt: de vele gezichten van partnergeweld, door Triene-Mie Le Compte en Anne Groenen, € 26,50 bij Uitgeverij Pelckmans Pro.

Wie zelf – van ver of dichtbij – te maken heeft met huiselijk geweld, kan mailen, bellen of chatten met het noodnummer 1712 (meer info: 1712.be).

Uit: Libelle 19/2020 – Tekst: Evelien Roels

Meer openhartige verhalen:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!