Rekening houden met je BMI: zin of onzin?

Rekening houden met je BMI: zin of onzin?
Getty Images

De BMI is sinds jaar en dag de maatstaf om te bepalen of je een gezond gewicht hebt of niet. Toch wordt de bruikbaarheid ervan de afgelopen jaren in twijfel getrokken. Hoef je nog rekening te houden met je BMI?  

BMI, wat was dat ook alweer?

De BMI, voluit Body Mass Index, is een internationaal gebruikte parameter die een inschatting geeft van hoe gezond je lichaamsgewicht is in verhouding tot je lengte. Je berekent je eigen BMI via een formule:

BMI = gewicht (kg)/lengte (in m) x lengte (in m).

Op basis van het cijfer dat je door de berekening bekomt, weet je tot welke categorie je behoort.

  • Lager dan 18,5: Ondergewicht
  • Tussen 18,5 en 25: Gezond gewicht
  • Tussen 25: Overgewicht
  • Hoger dan 30: Obesitas

De maatstaf is bruikbaar voor mensen tussen 19 en 59 jaar (behalve bij zwangerschap en borstvoeding). Voor ouderen en kinderen gelden aangepaste grenzen voor de categorieën.

Is BMI achterhaald?

Hoewel de methode al bijna 200 jaar oud is, blijft de BMI vandaag nog steeds een veelgebruikte manier om te bepalen of iemand een gezond gewicht heeft. Nochtans zijn er heel wat andere factoren belangrijk die meespelen. Iedereen is immers uniek en verschilt in bouw, botstructuur en lichaamssamenstelling.

De BMI houdt enkel rekening met lengte en gewicht en maakt geen onderscheid tussen spier- en vetmassa of bouw. Omdat spieren zwaarder zijn dan vet, wegen sporters vaak méér dan iemand die niet zo vaak beweegt. Kleine of grote mensen krijgen dan weer een vertekend beeld omdat hun lichaamssamenstelling anders is verdeeld. Zo kan een kleine fervente sporter toch een te hoge BMI-waarde hebben door bouw en spiermassa.

Daarnaast zegt de BMI-berekening niets over de levensstijl en eetgewoontes. Een slank gebouwde persoon met slechte eetgewoontes zou zo toch kunnen eindigen met een ‘gezonde’ BMI-waarde ondanks een ongezonde levensstijl.

De middelomtrek: meten is weten

De BMI-berekening gaat uit van een zogenaamde ‘gemiddelde mens’ en is dus niet zomaar bruikbaar voor iedereen. Maar hoe krijg je dan wel zicht op hoe gezond je gewicht is?

Onderzoek wijst uit dat vooral de verhouding tussen spier- en vetmassa en de plaats van (overtollig) vet een rol spelen in verhoogde gezondheidsrisico’s. Vet in en rondom de buik verhoogt de kans op o.a. hart- en vaatziekten, diabetes of slaapapneu.

Om in te schatten of je een gezond gewicht hebt, neem je dus het best zowel de BMI als de middelomtrek als maatstaf. Voor vrouwen wordt een middelomtrek van maximum 80 centimeter aangeraden. Voor mannen ligt die grens op 94 centimeter.

Focus op een gezonde levensstijl

Het is duidelijk, een BMI-waarde is niet voldoende om conclusies te kunnen trekken over je gezondheid. Waarom zouden we er dan nog rekening mee houden?

De verhouding tussen lengte en gewicht geeft vooral een eerste indicatie voor mogelijke gezondheidsrisico’s bij de gemiddelde volwassene. Over het algemeen wordt gesteld: hoe hoger je BMI, hoe meer kans op ziektes gerelateerd aan overgewicht. Je BMI berekenen kan dus nog wel zinvol zijn, maar is vooral niet volledigFixeer je dus niet (alleen) op de BMI-waarde of het cijfer op de weegschaal en neem je volledige levensstijl onder de loep.

Conclusie: besteed vooral aandacht aan evenwichtige voeding en voldoende beweging om gezondheidsrisico’s te beperken. 

Heb je twijfels bij je gewicht of levensstijl? Vraag dan raad aan je huisarts of een diëtist.

Bron: Harvard Health Publishing en gezondheid.be

Deze tips voor een gezonde levensstijl zetten je op weg:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)