Zittend beroep? Zo beweeg je meer tijdens de werkuren (en zo hou je het vol!)

Zittend beroep? Zo beweeg je meer tijdens de werkuren (en zo hou je het vol!)
Getty Images

Zit jij ook meer dan acht uur per dag? Niets aan te doen, want dat hoort nu eenmaal bij je job. Maar waar je wél voor kunt zorgen, is meer bewegen op het werk en in je vrije tijd. Goed voor je lichaam en je (mentale) gezondheid!

Bewegen op het werk: makkelijker gezegd dan gedaan?

Meer bewegen op het werk terwijl je een zittend beroep hebt: het is makkelijker gezegd dan gedaan. Want hoe begin je daar nu precies aan? Waar hou je best rekening mee? En misschien nog het allerbelangrijkste: hoe hou je het vol? We vroegen het aan Lode Godderis, professor arbeidsgeneeskunde aan de KU Leuven en directeur Kennis, Research en Informatie van IDEWE.

We bewegen te weinig

De Wereldgezondheidsorganisatie schrijft voor om náást de werkuren minstens vijf dagen per week een halfuur matig te bewegen (vb. wandelen of te fietsen), of drie dagen een halfuur intensief te bewegen (vb. joggen of sneller fietsen dan 20 km/uur).

Nog geen derde van de Belgische werknemers geeft aan die richtlijn te halen. Dat blijkt uit een onderzoek van IDEWE, een externe dienst voor bescherming en preventie op het werk. Voor de studie werd de bewegingsactiviteit van meer dan 230.000 werknemers gemeten. Daaruit bleek het volgende:

  • Maar liefst 70,2% van de ondervraagden beweegt naast de werkuren minder dan een halfuur per dag.
  • Hoe ouder, hoe minder we bewegen: 73% van de 45-plussers haalt de bewegingsnorm niet, tegenover 63,8% van de werknemers jonger dan 25.
  • Mannen (33%) bewegen nog ietsje meer dan vrouwen (25,5%).
  • Werknemers in de horeca bewegen het minst naast de werkuren, omdat ze al heel wat stappen afleggen tijdens hun job.
  • Ook wie in de transportsector, de handel en de bouw werkt, geeft aan te weinig te bewegen.
  • De overheids- en de onderwijssector halen het beste rapport: zij bewegen het meest.

Overgewicht: een onvermijdelijk gevolg

Te weinig bewegen is nefast voor de gezondheid. Hart- en vaatziekten, een hoge bloeddruk, diabetes en overgewicht loeren om de hoek”, weet Lode Godderis.

Meer dan de helft van de Belgische werknemers torst dan ook te veel kilo’s mee, een onvermijdelijk gevolg van een gebrek aan beweging. Bijna één op de vijf werknemers heeft een te hoog BMI. Dat is vooral te wijten aan de sector waarin ze werken (de transportsector scoort bijvoorbeeld het hoogst), maar ook de leeftijd heeft ermee te maken. Hoe ouder de werknemers, hoe vaker ze aangeven overgewicht te hebben.

Meer beweging voor je fysieke én mentale gezondheid

“Onderzoek geeft aan dat het belangrijk blijft om in je vrije tijd te bewegen, of je nu een zittend beroep hebt of niet”, vertelt Lode. “Maar uiteraard is voldoende beweging extra belangrijk als je dagelijks acht uur aan je bureau zit. Je houdt er niet alleen je gewicht mee onder controle, maar je krijgt ook minder kans op gezondheidskwaaltjes zoals hart- en bloedvaataandoeningen. Bovendien is beweging goed voor je mentale gezondheid: het brengt de stresshormonen in balans en zorgt ervoor dat je dagdagelijkse druk meer onder controle kunt krijgen, waardoor dit ook een positief effect kan hebben op je slaappatroon.”

Hoe beweeg je meer tijdens de werkuren?

Aangezien je erg veel tijd doorbrengt op je werk, is het belangrijk om al tijdens de werkuren meer te bewegen. “Afhankelijk van hoe je werk georganiseerd is, kun je ervoor zorgen dat je een actievere levensstijl nastreeft doorheen de dag. Het hoeft niet altijd moeilijk of ingewikkeld te zijn, sommige kleine dingen maken het verschil”, weet Lode. Een aantal tips:

1. Ga met de fiets of te voet naar het werk

Pendel, als je kunt, te voet of met de fiets naar je werk. “Zo kom je moeiteloos aan dat halfuur beweging per dag. Vraag eventueel naar een fietsenstalling op je werk, indien die er nog niet zou zijn”, vertelt Lode.

Is wandelen of fietsen geen optie, parkeer je auto dan eventueel wat verder van je bestemming en wandel het laatste stukje. Of bekijk eens of een combinatie van vervoersmiddelen mogelijk is. Misschien kun je een deel van je traject te voet of met de (plooi)fiets doen?

2. Organiseer een fysieke uitdaging met collega’s

“‘Samen stappen naar de Maan’ is hier een goed voorbeeld van”, tipt Lode. “Alleen lukt je dat niet, maar als team kun je samen een grote afstand afleggen. Iedereen wordt gemotiveerd om zijn of haar kilometers in te geven, hoeveel of hoe weinig dat er ook zijn.

De gevolgen? Zo krijgt iedereen een duwtje in de rug om meer te wandelen of te lopen, zorg je voor meer beweging én een beter groepsgevoel op het werk.”

3. Integreer fysieke activiteiten op het werk

Meer bewegen valt in vele gevallen te combineren met een aantal taken op het werk:

  • Neem de trap in plaats van de lift. “Hang bijvoorbeeld een poster op aan de lift om jezelf en je collega’s te motiveren, of kleef een pijl op de vloer richting de trap.”
  • Vergader en brainstorm al wandelend. “Je beweegt, bent alerter en denkt gerichter na. En bovendien zit er een mooie symboliek in: je bent samen op stap en wandelt als het ware in éénzelfde richting naar het doel.”
  • Telefoneer rechtstaand. Hou je nek daarbij recht: te vaak en te lang je hoofd voorover gebogen houden, geeft op termijn nek- en rugklachten.
  • Zet de printer een beetje verder.
  • Haal geen fles, maar telkens een glas water.
  • Las af en toe een bewegingsbreak in aan je bureau. Doe een aantal stretchoefeningen, bijvoorbeeld.
  • Schaf een stappenteller aan. Sommige exemplaren trillen elk (half)uur om je even te laten rechtstaan.
  • Of installeer een app die je elk half uur een melding geeft om de beentjes te strekken. StandApp is er zo eentje. Hij bevat ook een aantal eenvoudige oefeningen die je op kantoor kunt doen.

Hoe hou je die goede voornemens vol?

Meer proberen bewegen op het werk is een goed begin, maar dat voornemen een heel jaar volhouden, is dikwijls andere koek.

  • Begin daarom pas in februari met je goede voornemens. De eerste twee weken van januari is een periode waarin er vaak nog veel gefeest, gegeten en gedronken wordt. Dat maakt het moeilijk om je belofte van in het begin van het jaar waar te maken.
  • Maak je doel bovendien kenbaar aan de mensen in je omgeving. Als je collega’s weten dat je gezonder probeert te leven, zullen ze je ook beter kunnen motiveren. Bovendien voel je een bepaalde sociale druk om het vol te houden.
  • En ten slotte, maar niet minder belangrijk: probeer je doelstellingen realistisch te houden en formuleer ze concreet. Zeg niet: ‘ik ga afvallen’, maar ‘ik ga 5 kilogram afvallen’. Benoem er een eindpunt aan, zodat je voornemen concreet en haalbaar wordt. Zo wordt de kans groter dat je het zult realiseren.”

Met dank aan Lode Godderis

Lees ook:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)