Zittend beroep? Zo beweeg je meer tijdens de werkuren!

Zittend beroep? Zo beweeg je meer tijdens de werkuren!
Getty Images

Zit jij ook meer dan acht uur per dag aan je bureau? Niets aan te doen, want dat hoort nu eenmaal bij je job. Maar waar je wél voor kunt zorgen, is meer bewegen tijdens de werkuren en in je vrije tijd. Goed voor je lichaam en je mentale gezondheid!

Bewegen tijdens de werkuren: makkelijker gezegd dan gedaan?

De Wereldgezondheidsorganisatie schrijft voor om, buiten de werkuren, minstens vijf dagen per week een halfuur matig te bewegen (vb. wandelen of fietsen), of drie dagen een halfuur intensief te bewegen (vb. joggen of sneller fietsen dan 20 km/uur).

“Te weinig bewegen is nefast voor de gezondheid. Hart- en vaatziekten, een hoge bloeddruk, diabetes en overgewicht loeren om de hoek”, weet Lode Godderis, professor arbeidsgeneeskunde aan de KU Leuven en directeur Kennis, Research en Informatie van IDEWE.

Maar meer bewegen als je een zittend beroep hebt, is makkelijker gezegd dan gedaan. Want hoe begin je daar nu precies aan? Waar hou je best rekening mee? En ook niet onbelangrijk: hoe hou je het vol?

Goed voor je fysieke én mentale gezondheid

“Onderzoek geeft aan dat het belangrijk blijft om in je vrije tijd te bewegen, of je nu een zittend beroep hebt of niet”, vertelt Lode Godderis. “Maar uiteraard is voldoende beweging extra belangrijk als je dagelijks acht uur aan je bureau zit. Je houdt er niet alleen je gewicht mee onder controle, maar je krijgt ook minder kans op gezondheidskwaaltjes zoals hart- en bloedvaataandoeningen. Bovendien is beweging goed voor je mentale gezondheid: het brengt de stresshormonen in balans en zorgt ervoor dat je dagdagelijkse druk meer onder controle kunt krijgen, waardoor dit ook een positief effect kan hebben op je slaappatroon.”

Hoe beweeg je meer tijdens de werkuren?

Aangezien je erg veel tijd doorbrengt aan je bureau, is het belangrijk om al tijdens de werkuren meer te bewegen. Lode Godderis: “Afhankelijk van hoe je werk georganiseerd is, kun je ervoor zorgen dat je een actievere levensstijl nastreeft doorheen de dag. Het hoeft niet altijd moeilijk of ingewikkeld te zijn, sommige kleine dingen maken het verschil.” Een aantal tips:

1. Integreer fysieke activiteiten tijdens de werkuren

Meer bewegen valt in vele gevallen te combineren met een aantal taken op het werk.

  • Installeer een staand bureau of werk af en toe eens aan het keukenaanrecht.
  • Vergader en brainstorm al wandelend. Telefonisch of face-to-face als dat kan, veilig op anderhalve meter afstand.
  • Telefoneer rechtstaand. Hou je nek daarbij recht: te vaak en te lang je hoofd voorover gebogen houden, geeft op termijn nek- en rugklachten.
  • Zet de printer een beetje verder dan je bureau.
  • Haal geen fles, maar telkens een glas water.
  • Las af en toe een bewegingsbreak in aan je bureau. Doe een aantal stretchoefeningen, bijvoorbeeld.
  • Schaf een stappenteller aan. Sommige exemplaren trillen elk (half)uur om je even te laten rechtstaan.
  • Of installeer een app die je elk halfuur een melding geeft om de beentjes te strekken. StandApp is er zo eentje. Hij bevat ook een aantal eenvoudige oefeningen die je aan je bureau kunt doen.

2. Organiseer een fysieke uitdaging met collega’s

Elkaar minder zien, wil niet zeggen dat je niet samen aan uitdagingen kunt werken. Organiseer bijvoorbeeld (op afstand) een fysieke uitdaging met je collega’s: collectief een aantal kilometer wandelen, bijvoorbeeld. Iedereen krijgt een duwtje in de rug om meer te bewegen én het groepsgevoel gaat erop vooruit.

3. Glijdende uren? Begin een uurtje vroeger

Mag je zelf je uren indelen? Maak dan van de gelegenheid gebruik om een uurtje vroeger te beginnen, zodat je een langere bewegingspauze kunt nemen. Laat de hond uit, wandel een blokje om of neem de fiets. Na zo’n pauze ga je des te frisser weer aan het werk!

Hoe hou je die goede voornemens vol?

Meer proberen bewegen tijdens het werk is een goed begin, maar het ook volhouden, is dikwijls andere koek. Prof. Lode Godderis geeft raad:

  • “Maak je doel kenbaar aan de mensen in je omgeving. Als je collega’s weten dat je gezonder probeert te leven, zullen ze je ook beter kunnen motiveren. Bovendien voel je een bepaalde sociale druk om het vol te houden.
  • En last but not least: probeer je doelstellingen realistisch te houden en formuleer ze concreet. Zeg niet: ‘ik ga afvallen’, maar ‘ik ga 5 kilogram afvallen’. Benoem er een eindpunt aan, zodat je voornemen concreet en haalbaar wordt. Zo wordt de kans groter dat je het zult realiseren.”

Lees ook:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Lees verder na de reclame

Het volgende Libelle-artikel is echt even het wachten waard :)